ONS NIEUWE LIED

1979-04-20
  • Jaargang 23
  • nummer 16
Onze kerkzang komt in beweging. Langzaam maar zeker. De Heer van ons lied zij geprezen, met telkens nieuwe zangen.

De landelijke vergadering van onze kerken heeft 1) enkele uitspraken gedaan teneinde herziening en uitbreiding van ons kerklied te krijgen. Vooraf zijn zeer uiteenlopende opmerkingen gemaakt, van uiterst behoudend tot uiterst vooruitstrevend. Dat is fijn. We zijn er allemaal bij betrokken en moeten ons zegje kunnen doen. De pluriformiteit zit ons bovendien ingeschapen en we moeten onder elkaar ook dingen kunnen zeggen, waar nog niet allen het mee eens zijn. Al was het maar om elkaar aan het denken te zetten. De bedoelde uitspraken gaan over de psalmen, de gezangen en de samenwerking in dezen.

De psalmen
Dat we hier op aarde nooit volmaakte psalmzang zullen hebben is zonneklaar.
Als we de Schrift en onszelf kennen weten we dat; al heeft de historie het ons verder wel duidelijk gemaakt. De recente serieuze pogingen in de binnenverbandse gereformeerde kerken hebben het overtuigend bewezen 2) dat ongeïnspireerde orthodoxie tot kerkelijk geknutsel leidt. Zo iets kunnen we onze wereldse vorsten niet aanbieden - laat staan de Heere. Ook de stemmen voor een speciale Schrift-getrouwe berijming kwamen niet ter zake; die hadden in de binnenverbandse bundel al meegesproken.

De algemeen bekende interkerkelijke berijming, voorkomend in het "Liedboek voor de Kerken", is niet volmaakt. Uiteraard. Maar wel stukken beter bevonden dan wat onze kerken nu al vier eeuwen en langer de Heere hebben toegezongen. In zoverre de nieuwe berijming niet boven de oude zou uitgaan, kan altijd de oude berijming in stand worden gehouden. Niemand heeft om de afschaffing verzocht, voorzover wij weten.

Dat de landelijke vergadering besloot elkander vrij te laten in het gebruik van de I.K.B. naast de oude berijming (1773) is een verblijdende zaak. Een voorbeeld van gezonde samenwerking in volkomen vrijheid.

Waar verscheidene kerken die nieuwe berijming nu al jarenlang in gebruik hebben, is het plaatselijke gebruik voorafgegaan aan een landelijk besluit. Dat laatste is niet gebruikelijk, maar, het kan wel een vrucht van reformatie zijn.

Gezangen
Minder duidelijk was de landelijke vergadering ten aanzien van het Liedboek voornoemd. Er werd zelfs nog een stem gehoord, om vooraf een grondige en principiële studie te maken van de plaats der gezangen in de eredienst: een zeer belegen gedachte. Na alles wat op dit punt reeds is bereikt en gepubliceerd lijkt het wel, of men de zaak van de gezangen alsnog in het vergeetboek wil plaatsen. Of ... zou een grondige en principiële bezinning alleen uit eigen kring kunnen komen? Er zijn mensen, die alleen koekjes van eigen deeg lusten. Maar dan zij opgemerkt, dat in de keuken van het Liedboek ook onze eigen inbreng geweest is.

Een andere opmerking was, dat het Liedboek misschien wel meer naar de kerk zou worden meegenomen dan de Bijbel. Deze vrees lijkt ons gezond. We zouden het desnoods zonder liedboek, maar niet zonder bijbel kunnen stellen. Maar laten onze kerken dan een aantal liedboeken in voorraad houden (en even uitreiken bij de 'begroeting, zo gaat dat hier).
Wat is daar tegen? Het kost ons de kop niet en bij een forse bestelling krijgt de eigenares haar naam nog op de boekjes gedrukt ook.

Maar voor een ding hoeven we echt niet bang te zijn. Voor de mogelijkheid dat het Liedboek ons van de Schrift zou afvoeren. We hebben nog nooit in binnen- en buitenland een liedboek aangetroffen, dat zo zeer aan de Schrift appelleert als het Liedboek voor de Kerken. In verscheidene artikelen poogden we dit aan te tonen. Over die Schrift-gebondenheid heeft een internationaal congres in Duitsland onlangs zeer waarderend gesproken.

Nu, de landelijke vergadering benoemde een commissie. Die moet nagaan, wat in de plaatselijke kerken zo al gerealiseerd is, wat regionaal reeds bezonnen is en die moet aanbevelingen doen, om tot verbetering en vermeerdering van onze gezangen te komen. Het Liedboek is uitgangspunt; de mogelijkheid van een eigen uitgave mag worden onderzocht.

Ook dat lijken ons wijze besluiten. Want het is bekend dat sommige kerken goed vorderen met haar kritiek op het Liedboek. We hoeven maar naar de publikaties van Eindhoven 3) te wijzen - voorbeelden van plaatselijke vrijheid en plaatselijke wijsheid. En Eindhoven staat gelukkig niet alleen.

Juist die plaatselijke initiatieven van gedrevenen! Niemand immers garandeert dat een synodale commissie de hulp van Gods Geest geniet. Maar wanneer het onze goede God behaagt mensen als Bezaleël en Aholiab, als Barnard en Muus Jacobse, toe te rusten met zijn Geest der wijsheid, om schone dingen te maken 4) dan moet die Geest, waar ook werkzaam, niet miskend- worden. Want die Geest is alle eeuwen döor dezelfde geweest en kan herkend worden aan zijn werken - niet aan een synodaal zegel.

Eigen bundel ?
Na wat we gezien hebben bij de binnenverbandse kerken 2) zijn we weinig hoopvol. De talenten binnen de vrijmaking aanwezig, zijn met zeventig procent verminderd. Mocht de commissie inderdaad tegen een goede eigen bundel aanlopen, dan is dat een wonder Gods. Waar we altijd voor open staan.

Aanbevelingen
We hebben het eerder gezegd: wanneer onze kerken elkaar de vrijheid laten het Liedboek te gebruiken, niet alleen voor de psalmen maar ook voor de gezangen, behoeven we niet bang te zijn dat we minder Schriftuurlijke liederen zullen zingen. Zo goed als onze predikanten, ouderlingen, organisten en gemeenteleden wisten, wat ze van de oude psalmbundel wel en niet konden gebruiken - zo kunnen we ook op het punt van de gezangen elkaars mondigheid aanvaarden. We zijn ook gewoon de preken op een goudschaaltje te wegen - waarom ons antwoord op Gods Woord niet met aandacht gekozen?

De commissie zal dus aanbevelingen doen om tot herziening en uitbreiding van ons kerk lied te komen. Een selectiebundel uit het Liedboek wordt door de eigenares niet toegestaan. Dat is niet erg. Niemand kan er bezwaar tegen maken, wanneer we achter in ons Liedboek een lijst van aanbevolen gezangen leggen. Dat idee hebben we vaker gelanceerd. En dat idee is zonder kosten uitvoerbaar.

Wij achten het aanbevelenswaardig, dat de commissie, na overleg met Eindhoven en andere gevorderde kerken, ons een lijst geeft van die gezangen, die zij van harte kan aanbevelen als in overeenstemming met de Schrift en een gezonde uitbreiding van onze eredienst. Zij neemt de kerken daarmee veel werk uit handen. Mocht zij daarbij tot een eigen bundeltje komen ... die kan daarbij gevoegd worden.

Gemeenschappelijk?
De landelijke vergadering verzocht de commissie te komen "zo mogelijk tot een gemeenschappelijke gedragslijn". We vragen ons af: waarom?
Is die wens naar eenvormigheid in de landelijke kerkzang ons door de Schrift opgelegd? Of is hij ingegeven door de idee van een landelijke kerk met plaatselijke filialen misschien? Inderdaad geeft de D.K.O. mogelijkheden voor algemene regeling van zaken, die "de kerken in het gemeen aangaan". Dat kan zijn een naam, die bij de overheid zal worden geregistreerd.

Dat kan zijn een gemeenschappelijke vertegenwoordiging bij de overheid, bij de pers, bij radio en televisie. Dat kan zijn ons gezamenlijk contact met buitenlandse kerken, misschien gezamenlijke zending of hulpverlening.

Maar is de kerkzang nu wel een zaak, die gezamenlijk moet worden geregeld?
Terwijl daarover zo verschillend gedacht wordt? Kunnen de kerken (om het heel duidelijk te zeggen) in haar verkeer met de Koning der kerk ... niet vrijuit spreken?

Stel u even voor dat al onze gezinnen dagelijks dezelfde voorgeschreven gebeden zouden opzenden. Zou dat niet de dood in de pot betekenen?
En geldt zo iets niet voor plaatselijke kerken? De wekelijkse gebeden worden toch niet centraal geregeld? De tekstkeuze wordt toch ook niet (meer) opgelegd? Het kerkelijk jaar bindt ons toch niet? En geen twee kerken zijn gelijk in noden, in ervaringen, blijdschap, zorg, dankbaarheid en karakter. Zie maar naar Johannes' brieven. 5) Dát is nu juist leven: ongelijkheid in bloei en vrucht, pluriformiteit in goede werken, veelsoortigheid in rassen, kleuren, tongen, talen, landstreken, dialecten, talenten, geestesgaven. En met al die andere karakteristieke eigendommelijkheden -eenzelfde Heer! Wie dat wil uniformeren maakt het leven in de kerk onmogelijk.

De kerken kunnen niet in de pas lopen. En behoeven dat niet 5) zegt de Schrift. Laat ieder maar oppassen om niet achteraan te komen in de genade en in de goede werken. De een is soms verder dan de ander. In de vervulling van haar opdracht: zingt de Heere een nieuw lied!

1) En wel op 28-10-'78 en 25-11-'78 - 2) zie onze artt. van 17-2-'78 tot 15-5-'78:3) In ons blad van 16-2~'79e.v. ...,..4.) Ex. 31 : 1-11 - 5) Openb. 1-3.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief