Rouwen

2012-05-12
  • Jaargang 56
  • nummer 10
Rouwen is op verhaal komen. Rouwen is voor heel veel mensen woorden geven aan hun eigen verhaal van verdriet. Hieruit blijkt dat een rouwverhaal een eigen verhaal is van de rouwende mens en niet in te vullen is door anderen. Als er ergens een terrein van het leven is waarop we elkaar kunnen treff en, dan is dat op het terrein van verdriet en dood. Treff en zowel in positieve zin: de ander in het hart bereiken en troost geven, of juist negatief: de ander teleurstellen en pijn doen.

Verhalen
Recent, na het overlijden van mijn vader afgelopen december, werd mij ook weer pijnlijk duidelijk hoe moeilijk het is om verdriet te delen. Juist in deze periode heb ik meer dan ooit verhalen van mensen gehoord over hoe zij zelf het verliezen van een ouder ervaren hebben. Stuk voor stuk prachtige verhalen, maar totaal niet goed geplaatst in mijn verhaal van verdriet van dat moment.
Ik merkte bij mezelf ook een dubbele reactie: ik wilde erover vertellen maar tegelijkertijd weerhield er iets in mij omdat ik niet de overdaad aan verhalen van anderen horen wilde. Maar hoe kun je zelf je verhaal vertellen en je verdriet delen? Het liefste had ik alleen een luisterend oor of een enkele meelevende opmerking. Meer niet.

Overleven
In het boekje van Pieter Both worden op heel persoonlijke, kwetsbare wijze ervaringen gedeeld. Hij beschrijft , nu zes jaar na datum, hoe hij achterbleef met drie hele jonge kinderen toen zijn vrouw onverwacht stierf, nog voor de jongste geboren was. De jongste is in allerijl via de keizersnede geboren zonder dat zijn vrouw nog bij bewustzijn kwam. Pieter Both werd weduwnaar en opnieuw vader van een derde kindje. In een stijl die je meeneemt raak je betrokken op zijn leven waarin hij aan het overleven is. Er passeert heel veel: van troost tot irritaties. Het komt zo verschrikkelijk precies. Want ieder verhaal van verlies is anders. De woorden die daar bij passen, kloppen of doen dat juist helemaal niet.

Volharding
Ook de auteur van dit boekje heeft ondervonden dat hij geen passende woorden of tips heeft kunnen vinden voor zijn situatie. Vandaar de motivatie om met dit boekje mensen een kijkje te geven in zijn proces. In de hoop dat het mensen rondom rouwenden helpen kan om echte nabijheid of troost te geven. Pieter Both, zelf predikant, put veelvuldig uit de Bijbel waarin hij vragen, verdriet en verzet tegen God plaatst naast hoop en volharding. Volharding helpt om uiteindelijk verder te komen en het ritme van het leven op te pakken. Ik vond dat heel troostvol en moedig van hem.
Volharding waarin lofprijzing, God als het ware naar je toe zingen, een plaats heeft gekregen. Niet vanaf het begin maar uiteindelijk, worstelend en vragend, heeft de lofprijzing en overgave een plaats gekregen in zijn leven. Geen goedkope makkelijk en toedekkende woorden over God. Prachtig en troostend laat hij zien hoe de Bijbel juist in verdriet kan spreken en zeer relevant is.
Regelmatig leert hij van zijn kinderen hoe zelf verder te gaan. Zijn kinderen die rechtstreeks en open willen praten over hun moeder terwijl hij als vader zoekt naar woorden en telkens te rade gaat bij zijn eigen gevoel. Hier krijgt de lezer iets van mee en dat is waardevol.

Kinderen
Dat kinderen heel goed spelen en leven weten te combineren met de dood, illustreert ook het boekje van Karin Kuiper Tranenpotjes en geluksarmbanden.
(uitgave Terra Lannoo, 2011) Ook zij beschrijft hoe ze verder moest leven als jong gezin zonder vader. Hij overleed bijna zeven jaar geleden. Hij was de bekende auteur Karel Glastra van Loon. In dit prachtige boekje komen vooral de kinderen aan het woord. Zij geven open en onomwonden weer hoe hun vader nog dagelijks een rol speelt in hun leven. Hoe ze verder leven – niet zonder hun vader, maar wel heel anders. Voor deze kinderen is hun papa dood, maar hoort er nog helemaal bij. Dit openlijk bespreekbaar maken is voor kinderen heel natuurlijk, voor omstanders vaak moeilijk en onhandig.

Clichés
Ook Pieter Both pleit in zijn boek voor openheid, rechtstreeks aanspreken van zijn kinderen en geen verhullend taalgebruik.
Omstanders kunnen hier nog veel van leren. Durf hebben en echt meeleven in plaats van clichéopmerkingen en vragen stellen.
Nog steeds stellen omstanders vragen als: Is het nu nog niet over? Of: ‘Het is toch al zo lang geleden?’ Dergelijke vragen slaan de plank volledig mis en zeggen meer over degene die ze stelt dan over de rouwende.
Juist zulke boekjes als van Pieter Both en Karin Kuiper helpen aan te sluiten bij een rouwende. Hopelijk leren we daarvan.

Both, P. (2012), Dag zeggen. Dolen in rouw. Buijten & Schipperheijn, Amsterdam.
144p. € 12,90.

Drs. Marja Bos-Meeuwsen is pedagoog/ coach en schrijver en werkt vanuit haar eigen bureau www.okecoaching.nl. Zij is lid van de NGK Rotterdam-Overschie.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief