Vlammen aan de horizon (4)
1977-02-04
Nog éénmaal iets over en uit het boek van Mink van Rijsdijk.- Jaargang 21
- nummer 5
Op een zondagmorgen gaat Grit ter kerk in een kampong ver weg van haar huis. Daar was een Soembanees predikant die ze nog uit Holland kende. Hij had enkele jaren in Nederland gestudeerd.
En als ze vóór de dienst even bij hem langs loopt vertel hij haar dat in de dienst het avondmaal gevierd zal worden en dat hij niet in het Indonesisch maar in het Soembanesee dialekt van de streek preekt. Door dit bezoek-vooraf vangt de kerkdienst drie kwartier later aan dan normaal. Maar dat blijkt helemaal geen bezwaar te zijn.
“Alle kerkgangers waren gekleed in hun eigen Soembanese dracht. Geen vrouwen met opgedirkte nylonjurken aan, maar sarongs met wit gesteven bloeses erop en grote schildpadden kwamen in het hoog opgemaakte haar, dat glom van de kokos waarmee ze het hadden ingewreven.
De mannen droegen niet de “nette" westerse broek met een overhemd maar hadden een ka in om hun lendenen zoals ze dat overal op de pasars en in de adatkampongs had gezien.
Bijna allemaal hadden ze een hoofddoek omgeknoopt. ( ... ) De dominee ging de preekstoel op die omhangen was met een prachtig gekleurde kain.
Voor die preekstoel stond de avondmaalstafel klaar. die bestond uit een stel aan elkaar geschoven wankele keukentafeltjes en gedekt was met een smoezelig laken. Erop stonden schalen van email, gebutst en gehavend en bedekt met theedoeken van verschillende dessins.
De tinnen wijnkan was gedeukt en het deksel zat met een touwtje aan het oor geknoopt. Het geheel maakte een droeve indruk. maar de kan die kennelijk van Hollandse origine was. moest toch iets van wijding overbrengen. ( ... ) Er werd gezongen op een manier die ze nooit eerder had gehoord. De pendita zong op de kansel een regel voor en de gemeente herhaalde die. Het veroorzaakte een wonderlijk effekt. wat versterkt werd door de sterk melodische klanken. Het zingen duurde lang en bleef zich in hetzelfde patroon van woorden en wijs aangeven en nazingen herhalen. Plotseling begreep Grit de bedoeling van deze methode. De hele gemeente die bestond uit kampongbewoners uit de verre omtrek was analfabeet en kon dus lied of psalm nooit uit een boek zingen. ( ... ) Op het moment dat de dominee de theedoeken verwijderde van de emaillen schalen, kwamen er vier, vijf honden kwispelstaartend op de broodlucht af.
Grit genoot daarvan. Het was immers overal zo dat waar eten op tafel verscheen er ook direkt honden in de buurt kwamen. ( ... ) De ouderlingen brachten het brood rond. Ze slopen op hun blote bestofte voeten over de lemen vloer.
Hoelang hadden ze moeten lopen om hier te komen? Grit zat met het stukje brood in haar hand en vroeg zich verward af wat hier de gewoonte was. Ze wilde zich niet anders gedragen dan de gemeente. Toen zei de pendita achter de tafel in zijn mooi barokke Nederlands heel zachtjes, maar goed verstaanbaar “Wij wachten hier op elkaar”. De gemeenschap der heiligen, dacht Grit.
( ... ) De gammele kan werd opgeheven.
“De drinkbeker die wij dankzeggend zegenen .. ." vertaalde ze de onverstaanbare klanken. Weer gingen de ouderlingen de kerk rond, kleine bekertjes op een groot blad behoedzaam en voorzichtig uitdelend."
Als later Joost en Grit hun dochtertje laten dopen, vragen ze de oude Liku op die zondag voorganger te zijn. En velen die de relatie met de grootvader van Grit niet kennen verwonderen zich erover ... De preek van de oude pendita was een rammelend geheel, een aaneenrijging van stoffige cliché's en bovendien slecht verstaanbaar. Maar wat kon men anders verwachten van deze man wiens talenten altijd al gering waren geweest en we nu nog de extra handicap van een tandeloze mond moest overwinnen?"
Haar pake was één van de velen geweest. die de boodschap van het evangelie op Soemba hadden gebracht en zij mocht er die morgen iets van terugontvangen ... Er was een kern van geven en doorgeven gevormd. die zich nu manifesteerde in een ogenschijnlijk matige dienst. maar in feite een goddelijk wonder was." En Liku zelf...zoals altijd... als de emoties hem te veel werden, wiegelde zijn hoofd op zijn tanige nek tranen stroomden over zijn gezicht en meer dan een fluisterend Uitgesproken formule kon hij niet uitbrengen."
Het zou een kleine moeite zijn nog veel meer uit het boek te citeren, Dat stuk of liever de stukken die Soemba zelf direkt betreffen zijn bijzonder de moeite van lezen waard. De andere moet de lezer maar op de koop toenemen. De schrijfster brengt ons Soemba zó dichtbij, dat als we er morgen zèlf naar toe zouden gaan. land en volk ons als bekenden tegemoet zouden kunnen komen.
Op dát Soemba woont en werkt de familie Goossens.
En vanuit Nederland mogen we dat werken steunen.
Voor velen is Soemba vreemd. Hoe zou 't ook anders kunnen. Maar nu is er een populaire reisgids verschenen en we hebben er samen in gebladerd en er iets in gelezen. Met de bedoeling velen nieuwsgierig te maken. zodat ze zullen proberen het héle boek te lezen. En daarna - als U als gast door dat verre land gereisd hebt en weer thuisgekomen bent? Dan hebt U bruine broeders en zusters ontmoet. In hun nood. In de gebondenheid van het heidendom. Maar ook in hun verlost zijn in hun strijdom-in-te-gaan. Niet diepgaand beschreven maar wel zo dat we met de periodieke informatie die “De Nieuwsbrief" geeft weten wat er op Soemba gebeurt. En daarvoor dan ook veel meer concreet bidden kunnen. Dat bidden, persoonlijk thuis aan tafel, en in de samenkomsten van de gemeenten, klimme op tot onze Vader in de hemelen.
Hij alléén wil ... als onze Koning en aller dingen machtig ons (en onze Soembanese broederschap) alles goeds geven; Hij heeft daartoe de wil en het vermogen. En dat alles, opdat daardoor niet wij, maar Zijn heilige Naam eeuwig geprezen worde.