Het grootste wonder

1977-03-04
  • Jaargang 21
  • nummer 9
"Dit heeft Jezus gedaan als begin van Zijn tekenen te Kana in Galilea en Hij heeft Zijn heerlijkheid geopenbaard, en Zijn discipelen geloofden in Hem".

Johannes 2 : 11

Iemand heeft eens de opmerking gemaakt, dat geboorte, huwelijk en dood de grote momenten zijn in het menselijk bestaan. Nu predikt de Schrift ons, dat Jezus Christus als totale Mens is ingegaan tot ons totale mensenleven.
Hij heeft dat hele mensenleven overgedaan. Echter zonder ooit te zondigen. En hoewel Hij Zich van het huwelijk voor het volbrengen van Zijn goddelijke zending heeft onthouden, is Hij toch als Genodigde op een bruiloft present geweest. Dat is zonder meer al van grote betekenis.
Helaas is de opvatting. dat Christus en het christelijk geloof meer met het treurige dan met het feestelijke te maken hebben, bijna onuitroeibaar. Hoevelen verliezen zich niet in de karikatuurtekening van de misvatting, dat Jezus altijd optrad als de grote Spelbreker.
Die kwam zeggen, dat dit of dat niet mocht. Daardoor zullen velen zich geïrriteerd voelen door dat uitbundig feestelijke, die overvloed en die wijn op die bruiloft.

De openbaring van Christus' heerlijkheid houdt echter juist in dat Hij werkte aan ons levensherstel.
Daarom houdt Johannes 11 (opwekking van Lazarus) alle verband met Johannes 2! Want beide tekenen verrichtte Jezus als Gezondene van de Vader en als Herschepper van het leven. Hij verlost het leven van het graf en kroont het met goedertierenheid en barmhartigheid. Hij verklaart Zich solidair met ons tot in de toppen van Zijn vingers. Ongetwijfeld was het een machtig teken, die verandering van water in wijn. Maar de nood op die bruiloft in Kana lag veel dieper!
Achter dat wijngebrek, dat op een gegeven moment werd gekonstateerd, lag de grote nood van de mensheid. En bedorven bruiloft betekent vaak een blijvende smaad. En de vreugdeverstoring op een bruiloftsfeest komt óók vanwege de vloek. die door onze zonde op de schepping drukt.

De grote Paradijsmens komt echter reeds in dit begin der tekenen in principe de paradijsvreugde herstellen. Want de mens is niet op het lijden, maar op de vreugde aangelegd. Het lijden blijft hem daarom wezensvreemd, tot op de laatste vijand, de dood toe. Jezus begint Zijn publieke arbeid bij de bron van het leven, het huwelijk.
Hij begint op een bruiloft zoals Zijn Vader eens in Edens lusthof met een bruiloft begon. Maar de Heiland is verder gegaan. Hij is in dit begin niet blijven steken.
Na Kana zou Gethsémané komen!
Daar voltrok zich de verandering van zweet in bloed. Van Zijn eigen zweet in Zijn eigen bloed!
De herschepping van uwen mijn leven heeft de Heiland ZIJN LEVEN gekost!!

Door de schaduwen van Christus' vernedering valt hier reeds aan het begin het licht op Zijn heerlijkheid.
Hij heeft Zijn heerlijkheid geopenbaard. Dat betekent: Hij heeft Zijn Majesteit, Zijn aanzien publiek gemaakt. Hij stoot door dit wonderteken op die bruiloft in Kana het venster van het mensenleven, dat door de zonde hermetisch gesloten was, open naar een nieuwe toekomst!
Naar Zijn glorieuze toekomst!

Maar Gods genade is nog veel groter! Want dit Schriftgedeelte verkondigt ons aan het slot dat Jezus ook onze verdorven natuur kan en wil herstellen. Hij is de Herschepper van het volle leven, in zijn diepste diepte. De Here Jezus is op die bruiloft niet alleen.
Hij heeft Zijn volgelingen bij Zich. EN NU IS DIT HET GROOTSTE WONDER. DAT DIE DISCIPELEN IN HEM GELOOFDEN!!
Zij hadden al een band aan Hem.
Maar volgens de grondtekst kwamen zij nu tot de DAAD van het geloof. Dat wil zeggen: Zij legden op dat ogenblik hun leven met al zijn droefheid en blijdschap in de sterke handen van hun Meester. Wat Maria uit dit alles heeft gekonkludeerd weten wij niet. Evenmin vinden we de reaktie van de ceremoniemeester, van het bruidspaar of van de overige gasten vermeld. Dit is hier het belangrijke waarvoor onze aandacht wordt gevraagd.
De discipelen hebben Jezus' heerlijkheid door het geloof aanschouwd.
Want zij moeten als eersten verstaan, dat waar de Heiland der wereld zegent overvloed komt.
Het doel van Jezus' komst in deze wereld heeft de Heiland Zèlf in Johannes 10: 10b aangegeven.
Daar staat: "Ik ben gekomen, opdat zij leven en overvloed hebben".
Dat is een machtig woord!
Komen en gaan zijn twee heersende werkwoorden in het leven van de Christus en de Christen.
Bracht dan dit wonderteken op zichzelf tot geloof? Het tegendeel wordt ons wel duidelijk als we Johannes 12: 37 e.v. lezen. Maar wat betekent over het algemeen iets op zichzelf? Het teken is als een voetstap in de sneeuw. Die wijst heen naar de wandelaar. Zo wijst dit alles op Christus als de Centrale Figuur van heel de Bijbel. En zo krijgt het teken zijn eigen plaats in de prediking.
Want de prediking van het evangelie is de VERkondiging van Christus' eerste komst en de AANkondiging van Christus' tweede komst! De discipelen zouden als apostelen de boodschap van Jezus' overwinning de wereld indragen. Opdat de mensen zouden gaan geloven. Dat alles is betrokken op het ontstaan en bestaan van de kerk. Zo stuwt de Here Jezus ook vandaag Zijn gemeente voort naar het grote moment waarop de nimmer eindigende bruiloft van het Lam zal beginnen. Bevindt u zich ook al onder de feestgangers?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief