De kracht van de christelijke politiek

1977-03-18
  • Jaargang 21
  • nummer 11
Tot de boeken die ik altijd weer lees behoren die van Groen van Prinsterer. Onlangs werd aan de V.U. de stelling verdedigd dat diens “Ongeloof en Revolutie” in onze dagen van aangrijpende actualiteit is. En daarmee is geen woord teveel gezegd. Met profetische helderziendheid heeft hij de ontwikkeling van het volksleven in onze eeuw voorzien. Geen wonder ook: hij kende de Heilige Schrift als weinigen en hij kende ook de historie in de haar uiteindelijk beheersende krachten als weinigen.

Bladerend in zijn boeken kwam ik een paar uitspraken tegen die op duidelijke wijze "het devies van de vlag der christelijke historische richting" verduidelijken.
Men weet het: dat devies, het levensdevies van Green was "In ons isolement ligt onze kracht."
Dit woord is altijd weer misverstaan.
Net zoals het woord "antithese" later. Men heeft Green in de schoenen geschoven, dat hij een letterknecht, een sectariër was. Je zou een lange lijst van, soms intens gemene, scheldwoorden kunnen opstellen die deze bij uitstek nobele christen en Nederlander naar het hoofd zijn geslingerd.
Groen verduidelijkte zijn zinzinspreuk evenwel keer op keer.
Ik zal een paar van die verduidelijkingen noemen.
Zo schreef hij: "In ons isolement, of wilt ge liever een hollands woord: in onze zelfstandigheid, in onze beginselvastheid ligt onze kracht. Een kracht die het heterogene afstotend, even daardoor al wat homogeen is aantrekt."
Dit, zo zei Groen, is geen paradox, maar een axioma!
En om ieder misverstand af te snijden verklaarde hij ook nog: "De vasthoudendheid aan eigen standpunt is, bij mij althans. afhankelijkheid van beginselen wier kracht in de ordeningen Gods ligt. Isolement als gevolg van onderworpenheid alleen (dit is steeds mijn ervaring geweest) ligt de wezenlijke kracht van elk die belijdt."
Dit "isolement" heeft allereerst betekenis voor de politiek Groen schreef letterlijk: "De toekomst van Nederland wordt beheerst door de kracht, die de zich thans noemende christelijk-historische partij betonen zal om zich te ontworstelen aan de vernederende rol van dienares. speelbal en werktuig der conservatieve partij en Zich te verheffen tot een zelfstandige partij, waarbij uit iedere, naar verversing en vernieuwing strevende partij, van welke benaming ook, zich aansluit al wie eerbied heeft voor de waarheid en de godsdienstig, en in verband daarmee voor vrijheid en recht."

Ten gevolge van deze keuze voor dit isolement, juist ten gevolge daarvan, was Groen voorstander van een zeer vergaande samenwerking met velen. Immers, juist zij die een vast standpunt kozen en daarop stevig staan, kunnen zich dat, zonder gevaar van heen en weer geslingerd te worden en onduidelijk of onwaarachtig te worden, veroorloven.
En, zo schreef Groen: "De Antirevolutionaire partij heeft, omdat zij op de waarheid berust, sympathie voor al wat in de oerschillende richtingen waar en goed is.
Daarom, terwijl zij, ondanks de onverdraagzaamheid der Roomsche Kerk, aan de Rooms-katholieken ter goeder trouw de rechten en vrijheden verleent welke van hun gelijkstelling het gevolg zijn, verblijdt zij zich tevens in al wat nog in die Kerk tegenover het ongeloof, aan de dierbaarheid van het Evangelie getuigenis geeft. Daarom, ook waar zij het Conservatief stelsel afkeurt, prijst zij in de mannen des Behouds de mens om de ontwikkeling der wanbegrippen tegen te gaan. Daarom kan zij in de voorstanders der Revolutie de wens naar vrijheden niet misprijzen, ook wanneer zij betreurt dat hun de aard en de voorwaarde van echte vrijheid onbekend blijft. En daarom kan zij onder alle Gezindheden, in menig opzicht, begunstigers tellen en de welwillendheid ondervinden van hen aan wie zij, ook bij verschil van denkwijs, desalniettemin, door het opkomen voor Godsdienst, recht, vrijheid en orde, rechtstreeks of zijdelings gewichtige diensten bewijst."

Zijn deze woorden niet ten volle actueel?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief