Boze geesten zijn geen beeldspraak
2012-06-23
Boze geesten en bezetenheid: bestaan ze of niet? Voor mensen in Indonesië geen vraag. Natuurlijk zijn er geesten.- Jaargang 56
- nummer 13
Maar wat als je als nuchtere westerling met geloof in spoken en geesten te maken krijgt? Alice Langbroek leerde erdoor op een nieuwe manier naar het evangelie te kijken.
Toen Evert en ik zeven jaar geleden in Indonesië gingen wonen, kwamen we al snel in aanraking met boze geesten en bezetenheid. Of in elk geval met het geloof erin. ‘Durf je wel op die hoek te wonen? Daar zijn veel spoken.’ Of: ‘Deze school is gebouwd op een plek waar vroeger een begraafplaats was, daarom zijn er veel geesten.’ Bijna alle eerstejaars op de theologische hogeschool waar wij lesgeven, en dan met name de meisjes, zijn wel een keer of wat bezeten, waarbij ze bijvoorbeeld met een mannenstem gaan praten of grommen als een leeuw.
Voor ons als nuchtere westerlingen een ervaring die vraagt om reflectie: is het allemaal bijgeloof of psychologisch te verklaren? Of zijn er echt boze machten die mensen op deze manier lastigvallen? Mijn theologische opleiding in Nederland biedt me niet veel handvatten.
Ervaringen als die van Widi (zie kader ‘Het verhaal van Widi’) suggereren dat er wel degelijk ‘iets concreets’ is: op het moment dat de ring afgedaan werd, kwam ze weer bij. De volgende vraag is dan gelijk: kun je er als kind van God ook last van hebben en hoe kun je je ertegen beschermen?
Eén van de docenten op de theologische hogeschool waar ik lesgeef, formuleert het heel duidelijk: ‘Als jij ’s avonds een geest tegenkomt, wie moet er dan bang zijn? Jij of die geest?
Jezus heeft alle macht in hemel en op aarde! Én over alles tussen hemel en aarde. Als jij in Hem bent, vluchten de demonen voor je weg.’
Jezus is Heer
Onze ervaringen in Indonesië hebben me een nieuwe kijk gegeven op het Nieuwe Testament. Als er staat dat Jezus mensen bevrijdde van boze geesten, dan is dat geen beeldspraak voor vergeving van zonden en ook geen manier van spreken die achterhaald is door moderne inzichten. In het grootste deel van de wereld worden deze verhalen ‘at face value’ genomen: Jezus is Heer over demonen.
Het ‘moderne’ rationalistische denken waarbij geesten en spoken als bijgeloof worden afgedaan komt niet uit de Bijbel, maar uit de Verlichting. En is trouwens ook alweer op z’n retour.
Jezus is Overwinnaar, ook over de boze geesten en de duistere machten.
Als we zeggen dat die machten niet bestaan, doen we het werk van de Heer tekort. We doen dan trouwens ook onszelf te kort, want dan missen we een deel van de rijkdom van wat Jezus volbracht heeft.
Door de ontchristelijking in het Westen zouden boze machten best wel eens meer ruimte kunnen krijgen en openlijker gaan optreden. Het zal dan steeds belangrijker worden om niet naïef te zijn. Geestelijke machten kunnen écht gevaarlijk zijn, en het bloed van Jezus kan ons écht beschermen.
Alice Langbroek en haar man Evert zijn lid van de NGK Apeldoorn en met OMF uitgezonden naar Indonesië. Ze geeft les op een theologische hogeschool in Noord-Sumatra.
| Jezus’ strijd tegen het kwaad In de evangeliën kondigt Jezus de verwoesting van Jeruzalem aan vanwege haar ongeloof. Hij hekelt de huichelarij van de geestelijke leiders en toont de onmacht van de Romeinse overheersers. Tegelijkertijd vergeeft hij mensen en bevrijdt hij mensen van boze geesten. Jezus spreekt en handelt dus zowel op het structurele als op het persoonlijke vlak. In het Westen lijken christenen in twee extremen te vervallen. Ik zet dan ook maar twee karikaturen neer. De eerste: ze zien overal boze geesten. In dat geval lijkt persoonlijke verantwoordelijkheid voor zonde volledig weg te vallen – het is allemaal de schuld van boze geesten. Pastoraal lijkt de schade soms ook niet te overzien. Heb je net gehoord dat je borderline hebt, vertelt de eerste de beste boer je dat je ook nog bezeten bent. Deze kant heeft bovendien vaak weinig oog voor systematisch kwaad. Het andere extreem wordt gevormd door mensen die in een soort nachtblindheid nergens boze geesten zien. In hun geseculariseerde wereldbeeld is daar simpelweg geen plaats voor. Tegelijkertijd zien deze mensen soms wel de verbinding tussen Jezus’ optreden en hun strijd tegen onpersoonlijk (?) structureel kwaad. De twee partijen lijken vaak onverzoenlijk tegenover elkaar te staan. Lees bijvoorbeeld de artikelen van Huitema en Van Oord via bit.ly/OpbouwDemonen. Het Christus Victor-motief integreert Jezus’ strijd tegen het kwaad op systematisch niveau met dat op het persoonlijke vlak. Dat biedt wellicht een weg aan beide groepen om zich met elkaar en met het Bijbelse wereldbeeld te verzoenen. Pieter Kleingeld |
| Het verhaal van Widi Widi is opgegroeid in een christelijk gezin in een dorpje in Indonesië. Meestal ging haar moeder wel naar de kerk, haar vader maar zelden. Haar vader was een belangrijk man in het dorp, omdat hij de toekomst kon voorspellen en op verzoek (tegen betaling) mensen kon zegenen of vervloeken. Aan het eind van de middelbare school moest Widi kiezen wat ze ging doen. Haar moeder suggereerde: ‘Waarom ga je geen theologie studeren? Dan kun je dominee worden en veel aanzien krijgen en een geregeld salaris.’ Dat leek Widi wel wat. Ze meldde zich aan en werd toegelaten. Vlak voor ze vertrok, nam haar vader haar mee naar een sjamaan, machtiger dan hijzelf. Samen voerden ze diverse rituelen uit om ervoor te zorgen dat Widi succes zou hebben op haar nieuwe school. De sjamaan verbrandde kruiden en vulde een holle ring met de as. Die zou het meisje beschermen in de grote stad. De eerste weken op de campus van de theologische school vielen niet mee. Allemaal nieuwe mensen en nieuwe vakken. En op de kamer, die ze met vijf andere meisjes deelde, zat ’s avonds vaak een spook. Vooral als de elektriciteit weer eens uitviel was Widi daar erg bang voor. Op een avond was er een ‘Avond van bevrijding’ voor alle eerstejaars. Ook Widi ging ernaartoe. De docent legde uit wat occultisme en geestelijke strijd is en dat de sjamaan of toverdokter je niet kan beschermen tegen de macht van het kwaad. Integendeel, dat soort rituelen openen de deur voor de boze. Maar als je in Christus bent, hoef je niet bang te zijn voor boze geesten, want Hij is de hoogste Heer. Daarna werd er gebeden. De docent zei de zinnen voor en iedereen herhaalde het: ‘Heer, vandaag verbreek ik alle banden met de duistere wereld. Ik wil er niks meer mee te maken hebben, want ik ben van Christus.’ Ook Widi zei de woorden hardop mee. Maar kort daarna voelde ze een enorme strijd in haar binnenste. Twee mensen van het gebedsteam kwamen naar haar toe om met en voor haar te bidden. Wat daarna gebeurde, kan ze zich niet meer herinneren. Toen ze bijkwam, lag ze op de grond, terwijl vijf mensen haar stevig vasthielden aan haar armen en benen. Ze vertelden dat ze vreselijk gilde en om zich heen sloeg en dat ze pas tot rust kwam toen de ring van haar vinger werd gehaald. Samen verbrandden ze de ring en Widi kon beginnen aan een nieuw leven. Vrij in Christus. Nu nog aan haar ouders uitleggen waarom ze het amulet niet meer draagt. |