Rondom "Maassluis"
1976-07-16
Onze lezers hebben ronder twijfel in het nummer van de vorige week met meer dan gewone aandacht de waardige, ootmoedige verklaring van de kerk van Maassluis gelezen. En als het hum daarbij verging als mij hadden ze daarna eerder de neiging om te gaan twijfelen dan om daarover blij te zijn! Natuurlijk. zonder enige uitzondering zullen de buitenverbandse kerken de kerk van Maassluis van ganser harte in haar gemeenschap ontvangen.- Jaargang 20
- nummer 29
En natuurlijk zuIlen allen, maar voorll zij die zelf één of zelfs twee keer de “kerkelijke weg”
welke tot uitstoting of schorsing leidt, hebben afgelopen, zich er lover verheugen dat aan de moordende martelgang voor ds Van Tongeren, zijn kerkenraad en zijn gemeente een eind is gekomen, Maar dit 'is bij mij en ik weet zeker !bij:vellen niet de dominerende stemming na het Iezen van het bewogen en ernstige stuik van de Maassluisse kerk.
Nee, eIke keer als je de gallig van zaken met die kerk overweegt komt onweerhoudbaar de vraag bij je op - en ik zeg het volgende in volle ernst: boe lis dit in Gods Naam mogelijlk geweest? lk ken ds Van Tongeren rul dertig jaar en als er één gereformeerd is dan is Ihij dat, Ik weet ook weil iets af van zijn kerkernaad en zijn gemeente. En dan zeg ik het wéér: hoe is het in Gods Naam mogelijk dat men deze, en dan op de wijze waarop dit geschied is, uit de gemeenschap van de kerken heeft uitgestoten?
In een gesprek dat ik eens met één van de voornaamste uitstoters van de synode van Hoogeveen voerde heb ik eens gezegd: Jij en ik zullen eenmaal voor de rechterstoel van Christus verschijnen en we zullen daar staan als arme zondaren, die rekenschap moeten afleggen van al onze daden. Zou je het dan kunnen verantwoorden dat j,e een reeks kerken, een reeks broeders in de bediening des Woords helt uitgesloten?'Zou je dan, durven zeggen: "In Uw naam hebben we die 'kerken en dienaren des Woords ais trouwelozen uit de gemeenschap van Uw kerk gejaagd en ze de woestijn in gedreven?"
Ik heb in de jaren die voorbij gingen nog al eens contact gehad met ds v. Tongeren -, We ontmoetten elkaar een enkele keer op vergaderingen. En we hebben Dolk af en toe op andere wijze van gedachten gewisseld.
Laat ik er om alle legendevorming te voorkomen bijzeggen dat ik nooit, noch rechtstreeks, noch zijdelings, hem heb aangemoedigd of ook maar gesuggereerd, zich bij de buitenverbandse kerken aan te sluiten! Integendeel, ik heb hem steeds opgewekt dat niet te doen, maar de strijd tegen dat monstrueuze ",wegroepingskerkrecht" vol te houden. Een "kerkrecht" waarvan hij ten slotte ook zèlf het slachtoffer geworden is! Een "kerkrecht" dat zonder meer onchristelijk en kerkverwoestend is. Zoals ik zei, ik heb meermalen contact met ds v. Tongeren gehad in de voorbije jaren. En daarom weet ik met hoeveel ernst, met hoeveel oprechtheid hij geprobeerd, geworsteld heeft om de band met de zusterkerken te bewaren. Maar het heeft niet gebaat.
Niet hij en zijn kerkenraad. maar de zusterkerken. in de ban van keiharde, kerkelijke vergaderingen, hebben dat gedaan, Ik weet dat er massa's zijn onder de "binnenverbanders" die het met deze gang van zaken niet eens zijn. Die er een onrustige consciëntie van overhouden. Maar het is net gegaan als in 1944: de diehards wonnen het!
Ook in de kerk winnen de "Jarobijnen" het meestal van de "Girondijnen".
Wat aan dit gebeuren een bijzonder somber accent geeft is de situatie waarin volk en kerk zich momenteel bevinden. lik hoef daarvan niet veel te zeggen: ieder ziet dat in eigen omgeving. De rechtsorde waarin een volk alleen Iéven kan, wordt all meer ondermijnd en hoe het in de kerken gaat is voor ieder evident!
En uitgerekend nu vindt deze uitstoting plaats.
Ik vraag me dikwijls af: Slaat Gods oordeel in heel die "gereformeerde wereld" in? Komt zijn toorn over ons vanwege onze hoogmoed, zelfingenomenheid, onze feitelijke onwil om met allen die de Heer Christus in onverderfelijkheid lief hebben werkelij1k gemeenschap te oefenen? Zijn wij niet altijd weer bezig de kudde van Christus naar ons eigen hokje, naar ons eigen stalletje 'te lokken in plaats van samen te komen in de éne schaapskooi waarin Christus zijn schapen verenigen wil? Algemeen is er de obligate jammerklacht over de kerkelijke gedeeldheid. Die kan soms roerend klinken. Maar schuilt daarachter niet Vlaak het kerkelijke imperialisme van: maar je moet bij "ons" komen?
Algemeen weerklinkt onder hen die zeg!gen hun geloof in de Schrift vertolkt te vinden in de drie formulieren van Enigheid - ja, ze heten echt zó: formulieren van ENIGHEID! - de klacht over de "valse eenheid ", de "valse oecumeniciteit" - maar hoeveel soorten "gereformeerden" zijn er in Urk en in Kampen en op heel veel andere plaatsen meer? En is die verdeeldheid niet een veel erger kwaad? Beseft men niet dat een dergelijke situatie van week tot week, en vooral van Zondag tot Zondag een zonde en een schandaal is, een hoon voor Christus, een ergernis voor de wereld, een ramp voor ons zelf.
Als van zelf gingen mijn gedachten, toen ik het stuik van Maassluis las terug naar het drama van 1944. Ook toen heeft men de bijl gezet in de gemeenschap der kerken.
Tegen de wil van de grote meerderheid daarvan, Twee totaal verschillende figuren - Schilder en Woelderink - hebben toen voorspeld dat dat overtrokken confessionalisme gepaard met de daaraan gekoppelde harde tuchtoefening catastrofale gevolgen voor de kerken zou hebben. Het confessionalisme zou omslaan in confessionele bandeloosheid De keiharde hiërarchische tuchtoefening in kerkelijke tuchteloosheid!
Zijn. deze profetieën niet ten volle uitgekomen? Wat het dogmatische geschift betreft - de bezwaarden van toen hebben volkomen gelijk gekregen!
Niemand in de synodale kerken heeft voor de leerbeslissingen wit de tijd van de gruweIijke wereldoorlog ook maar één goed woord over. En wat de toen geveilde vonnissen betreft: ik z8ig niet te veel als ik beweer dat ze in de kringen van die kerken een geducht trauma hebben veroorzaakt. En zou het anders gaan ten aanzien van de "vrijgemaakte" kerken die tot precies hetzelfde kwaad zijn vervallen als waarvan ze voor ruim dertig jaar het slachtoffer werden: confessionalisme en hiërarchie? Synodale vergaderingen - maandenlang. Acta - dik ais bijbels.
Toen ik over wat in Maassluis voorviel nadacht, zag ik dat gebeuren als vanzelf ook in het licht van de herdenking van het overlijden van Groen van Prinsterer. Men weet het: onze binnenverbandse broeders hebben een "eigen" herdenking van deze grote georganiseerd. Prof. Kamphuis sprak over hem. En in een televisieuitzending heb ik Jongeling over Groen gehoord. Wat deze zei was best. Maar in verband met de Maassluisse affaire wil ik nog graag een paar dingen doen opmerken.
1e. Groen van Prinsterer was de man van de "Gereformeerde Gezindte"!
Heel zijn leven lang hield hij vol dat allen de met de reformatorische belijdenis instemmen lid zijn van de Gereformeerde Kerk. En altijd weer zei hij dat de Gereformeerde Kerk van ons, land èn in de Ned. Herv. èn in de Afgescheiden Kerken werd gevonden. Van de idee van "de éne ware kerk" die tot één instituut beperkt, zou zijn, was hij een fervent tegenstander.
2e. Groen vroeg met het oog op de confessionaliteit van de- kerk, ik citeer letterlijk: "Handhaving der hoofdwaarheden van het Evangelie, en, als middel hiertoe, handhaving der Formulieren van Enigheid, in al wat het wezen en de hoofdzaak der Hervormde leer, naar den geest van de opstellers en van de Nederlandsche Hervormde Kerk, betreft." Hij wenste een "onbekrompen" en "ondubbelzinnige"
erkenning van dat "wezen" en die "hoofdzaak". Hij weigerde een "schrikwekkende regtzinnigheidsvlag" te ontplooien met het opschrift: "geheel de Formulieren en niets dan de Formulieren."
3e. Groen weigerde pertinent christelijke scholen te stichten uÏltgaande van leden van één kerk en met ,als grondslag de drie formulieren.
De christelijk-nationale scholen waarvoor hij ijverde hadden tot grondslag "de onveranderlijke waarheden, wier levenskracht zich het tijdperk der Reformatie, ook hier te lande, met zegenrijken luister geopenbaard heeft." De scholen die Groen hielp oprichten hadden, zo schreef hij Ietterlijk, als grondslag "de belijdenis van het Evangelie, gelijk ze de Protestantsche Kerken miet ver; dealt, maar verbindt, en het eenstemmig getuigenis der Kerkhervorming tegen het ongeloof ook van onze dagen voortzet." En op deze grondslag wilde Groen alle voorstanders van christelijk onderwijs verenigen, onverschillig tot welke kerk ze behoorden.
4e. In de politiek wilde Groen ook alle christenen verenigen in de "Antirevolutionaire of Christelijk-historische richting"'. Van zijn kant heeft hij, met niemand de band doorgesneden, Met innig leedwezen moest hij wel telkens constateren dat zijn "vrienden", zijn "broeders" de band met hèm doorsneden. Met pijn in zijn hart hij dat altijd beleefd en er eigenlijk nooit in berust.
Het is wel een vreemde coïncidentie: de herdenking van Groen in, Zwolle en de uitstoting van Maassluis, Want Iaten we het goed weten afgezien of hij dat zèlf zou begeren - noch in de "binnenverbandse" kerken, noch in de "binnenverbandse” schoolverenigingen, noch in het G.P.V, rou een man als Groen van Prinsterer worden geduld!