Kastijdingen voor ons bestwil
1976-09-10
De Here heeft zijn volk en kinderen menigmaal! moeten straffen, heel de bijbel getuigt ervan. Hoe vaak hebben de kinderen Gods door hun ongehoorzaamheid, afval en verbondverlating de Here niet tot toorn verwekt.- Jaargang 20
- nummer 35
Dan liet de Here zijn gramschap blijken, niet alleen met vermanende en bestraffende woord, maar ook door concrete strafgerichten en oordelen. En Hij ontzag daarbij zijn liefste kinderen niet.
Als Mirjam en Aäron tegen Mozes morren, dan ontsteekt Gods toorn tegen hen, en Mirjam wordt met melaatsheid' gestraft. Toen Mozes als knecht des Heren in plaats van te spreken tot de steenrots, mails de Here gezegd had, op de steenrots sloeg, heeft God hem zwaar gestraft: hij zelf zou het beloofde land niet binnengaan.
De apostelen herinneren in hun brieven telkens aan die straffen en oordelen, welke over Gods volk en over de ongehoorzame en afvallige Israëlieten onder het o.T.
gekomen zijn (zie o.a. 1 Cor. 10 en Hebr. 10), opdat de N.T. kerk er lering en waarschuwing uit zou trekken. Want al die straffen en oordelen zijn beschreven tot waarschuwing van ons op wie de einden der eeuwen gekomen zijn.
Laat toch niemand menen, dat God zijn volk en kinderen niet meer straft, omdat Jezus Christus de straf eens en voor altijd op Golgotha voor de zijnen gedragen heeft en omdat wij nu met de Here in verzoende betrekking leven en dus alleen maar Zijn liefde ondervinden.
Zo leert de bijbel het ons niet. Dat is onbijbels getheologiseer. Wel heeft de Heer Jezus voor al onze zonden volkomen betaald. Zijn bloed is inderdaad een verzoening voor al onze zonden. Daarom belijdt de kerk in haar Catechismus, dat zo dikwijls de gelovigen de beloften van het Evangelie met een waar geloof aannemen, waarlijk al hun zonden van God om der verdiensten van Christus wil vergeven zijn. Wij mogen dus telkens met onze zonden in boetvaardigheid tot God komen en weten, dat het bloed van Jezus Christus ons kan reinigen van de zonden, Maar wie zijn zonden niet belijdt en laat zal geen barmhartigheid vinden, maar heeft Gods straffende hand wel degelijk te vrezen.
Zelfs na beleden en vergeven zonden (denk aan Mozes en David) kunnen Gods kinderen nog hun leven lang de gevolgen van hun zonden moeten dragen, De zonden zijn verzoend, de strafgevolgen blijven nog. De bijbel spreekt van kastijdingen voor ons bestwil.