Dopen op een zaterdagmorgen

2005-01-14
  • Jaargang 49
  • nummer 1
Adrie en Aafke van Langevelde verbleven twee keer drie weken bij vrienden in Nepal. Ze waren ook te gast in christelijke gemeenten daar. Dit jaar gingen ze naar de Deep Jyoti Church in Pokhara en maakten heel bijzondere gebeurtenissen mee ...

Vandaag is het zaterdag en wij gaan naar de kerk als was het sabbat. We hoeven niet ver want de kerk staat in onze achtertuin. Al in de vroege morgen hoorden we de eerste zang, begeleid door gitaar en trom. De hele buurt kon het horen en als we opgaan naar de eerste etage van het gebouw kunnen we als kerkgangers nog gezien worden ook.

De christenen begroeten elkaar met ‘Jai Masih’ dat 'vreugde van de Messias' betekent. Iedereen trekt zijn schoenen uit en zet ze op een van de rekjes voor de ingang van het splinternieuwe kerkgebouw. Het vorige gebouw was veel te klein geworden; daar moest je keer op keer inschikken.
Dat kan als er geen stoelen staan en je (meestal in kleermakerszit) op de grond zit.

Deep Jyoti Church
Maar ook de nieuwe Deep Jyoti Church (voorzover wij weten de 24e gemeente in Pokhara) zit al weer goed vol.
De Deep is de naam van onze woonwijk en Jyoti betekent licht. We bidden dat dit hoorbare en zichtbare Licht tot verdere zegen mag zijn in de diepte van het dagelijks bestaan.
De gemeente hier bestaat ruim tien jaar en is weer een afsplitsing van een andere gemeente. Men kiest bewust voor kleine gemeenten op zo veel mogelijk plaatsen. We horen dat in de Deep Jyoti Church al weer ca. 100 belijdende leden ( na volwassendoop) en ook 100 niet-gedoopte leden (kinderen en (nog) niet gedoopte volwassenen) kerken.
Deze gemeente heeft één fulltime leider, br. Barat, twee ouderlingen, zes diakenen en één counselor. Er is vanwege schaarste aan pastors en geld geen eigen ‘predikant’.

Mero naam Adrie ho
De dienst begint met lofprijzing, zingen, lezen en bidden, wat voor ons allemaal onverstaanbaar in elkaar overloopt. Geloven is voor ons als Nederlanders in Nepal vooral ‘uit het zien’ en dat betekent goed kijken en zoveel mogelijk meedoen.
Er gebeurt van alles. Een nieuwe ambtsdrager stelt zich voor en een groep jongeren vertelt over de discipelschapstraining die ze gaan doen. Hierna mogen de gasten zich voorstellen. Eerst de mannen. ‘mero naam Adrie ho’ en ‘mero desh Nederland ho’ zegt mijn man. Daarna volgen de vrouwen, soms met hele verhalen. In ieder geval is er voor iedere gast een stevig applaus.

Golven en bergen
Het bidden golft hier. Ieder bidt hardop, eerst zachtjes, dan harder, en als ik me afvraag wie het hardst meedoet, volgt de overgang naar melodieus, ingetogen gezang. Geen enkele melodie komt ons bekend voor, wat wel jammer is.
Wat een prachtige gezichten; ik kijk met verbazing naar alle soorten neusringen en kleurige kleding en ik bewonder het diepzwarte haar, lang, los, in staart, knot of wrong. ‘Jesus’ klinkt het af en toe. Een psalm schiet me te binnen: ‘Rondom Jeruzalem zijn bergen’ en ik zie ze hier door de ramen om me heen. ‘Jesus’ - als Hij terugkomt, kan ik iedereen verstaan!
Als er weer een gebedsgolf door de kerk rolt, kunnen wij hardop meebidden in onze eigen taal.

Regenboogbijbels
Er wordt veel uit de bijbel gelezen. Vooral de jonge mensen zoeken alles op en er wordt driftig onderstreept en gemarkeerd in allerlei kleuren. Wat een studiebijbels zijn dit. Ik word een beetje jaloers omdat ik het moeilijk vind om in mijn mooi uitgegeven bijbel te strepen en te kleuren. Er zijn gelukkig ook mensen die aantekenboekjes of schriftjes bij zich hebben.
Maar een heleboel mensen, vooral ouderen, kunnen helemaal niet lezen of schrijven. Zij moeten alles hebben van horen, herhaling, herhaling. Sommige liederen worden ook meer dan eens gezongen. De teksten slijten erin zoals de groeven in hun verweerde gezichten.

Elf kwartier
Het zal vandaag een doopdienst zijn. Zes vrouwen van niet te schatten leeftijd komen naar voren. Het is de bedoeling dat ieder van hen een getuigenis aflegt. De een doet dat overtuigend, een volgende valt stil, daarna krijgt iemand eindeloos de slappe lach, en dicht daarbij zien we de tranen. De voorganger probeert over iedere dopeling wat te vertellen en ook dat roept veel emotie op. Na nog een getuigenis en opnieuw een gebed begint de preek. Zelfs na elf kwartier is het nog heel stil, ondanks dat er steeds nieuwe mensen binnenkomen en anderen weer weggaan, soms met kleine kinderen aan de hand. Daarna wordt de dienst door verschillende broeders en zusters met gebed besloten. Amen.

Bij de rivier
De kerk loopt langzaam leeg. We trekken onze schoenen weer aan en worden door deze en gene aangesproken; sommige mensen verdwijnen in de catacomben onder ons. Een veelkleurige stoet begint aan de tamelijk steile afdaling naar de rivier.
Als de meeste mensen een plekje gevonden hebben op de kant gaat de voorganger op een steenachtige plaats in de rivier staan. Samen met zijn open bijbel. Hij spreekt ons die aan de oever zitten toe. Sommige mensen kijken vanaf de loopbrug die schuin en hoog boven ons hangt naar wat er gebeurt.

Het nieuwe leven
Een broeder maakt een stukje rivier wat vrij van steenbrokken en loodst de zes zusters naar een soort eilandje. Daar staan ze dan. Ze worden toegesproken (gaat het om een soort formulier?). We horen dat van sommige zusters de achternaam niet bekend is. Geen nood, dan is je achternaam Nepali, hoewel dat in dit land weinig eervol is. Gelukkig roept God bij name. Op een vraag schudden de zusters om de beurt van 'nee', wat hier gelukkig 'ja' betekent.
Sommigen kijken nu wat angstig of gespannen, ze laten hun oude leven achter zich. Met hulp van drie broeders gaan ze languit onder water, we zien ze niet meer. Maar als boven water de druppels uit hun ogen zijn, glimmen ze.
Ze staan naast elkaar, breeduit, de doopbroeders erachter. Zo gaan ze op de foto. Hun nieuwe leven is (God weet hoe lang al) begonnen.

Zingen!
Heel lang is Nepal (ingeklemd tussen China en India) een gesloten land geweest. Ruim een halve eeuw geleden trokken Engelse verpleegsters de grens over van India naar Nepal om daar het evangelie te verkondigen. Na een wekenlange voettocht kwamen ze in Pokhara aan. In 1952 werd daar de eerste christelijke gemeente van Nepal gesticht. In dit enige hindukoninkrijk ter wereld ben je vrij om je eigen godsdienst te kiezen. Christenen mogen er samenkomen, dopen en hun doden begraven (i.p.v. cremeren), maar openlijke evangelisatie is, zeker voor westerlingen, niet toegestaan.
Als we om drie uur weer thuis komen horen we vanaf ons balkon weer zingen, stemmen, muziek. Het gaat door tot het bijna donker is. Zingen in een land waar de politieke spanningen toenemen. Naar de mens gesproken ziet de toekomst er somber uit, maar tussen de bergen woont en werkt God. Zijn plannen falen niet.

Nadere informatie over kerkgroei in Nepal vindt u in het boekje met de titel ‘Geslechte Bergen, een zwerftocht tussen goden en duivels in Nepal’. Het is geschreven door Bram Krol en is uitgave van Johannes Multi Media (Doorn), juni 2004. ISBN 9057-98-151-3

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief