Jeremia 7: 21-28; 9: 2-9, 23, 24

1976-11-05
  • Jaargang 20
  • nummer 43
Ontdekking
Koning Josia kwam op achtjarige leeftijd aan de regering. Dat is een leeftijd waarop men van iemand nog geen zelfstandig optreden kan verwachten. Maar toen Josia 16 jaar geworden was, begon hij duidelijk een eigen koers te varen en de God van zijn vader David te zoeken (2 Kron. 34 : 3). Nog weer 4 jaar later begon hij maatregelen te treffen ter bestrijding van de publieke afgodendienst .in Juda en Jeruzalem en ter bevordering van de dienst van Jahweh.
Ongeveer een jaar daarna werd Jeremia tot profeet geroepen.
Toen Jeremia 5 jaar ah profeet werkzaam geweest was, kwam er in die activiteiten van Josia nog meer tekening: hij .gaf opdracht rot herstelwerkzaamheden aan de tempel te Jeruzalem en tot reiniging van de tempel. We lezen daarover in 2 Kon. 22 en 23 'en in 2 Kron. 34.
Josia liet daartoe een geldinzameling organiseren door de Levieten.
Zelfs uit Manasse en Efraïm, dat wil zeggen het voormalige Tienstammenrijk, werd geld bijeengebracht (2 Kron. 34 : 9). De Commissie van Beheer bestond uit Safan, de secretaris van de koning, Maäseja, de stadsoverste, 'en Joah, de kanselier. Regelmatig werd door deze commissie het bijeengebrachte gelid afgedragen aan de hogepriester Hizkia, die dan weer zongen moest dat het bij de opzichters kwam, die het aan de werklui moesten uitbetalen. Zo kwamen de herstelwerkzaamheden goed op gang. En u weet hoe dat gaat. Wanneer Je na Jaren weer eens op een rommelzolder komt, sta je soms voor de grootste verrassingen.
Dan ontdek je soms dingen waarvan je het bestaan helemaal vergeten was.
lens dergelijks gebeurde ook in de tempel.
Terwijl Hizkia eens in de tempel was voor de uitbetaling van de werklonen, vond hij .in een van de vertrekken waar de werklui bezig waren, een boekrol. Hizkia nam lezen. En naarmate hij verder las, raakte hij steeds opgewondener en groeide bij hem het besef: dit moet de koning weten.

Confrontatie
Toen Safan voor het gebruikelijke controlebezoek bij Hilkia kwam, nam deze hem even apart en liet hem de boekrol zien met de woorden: deze boekrol heb ik gevonden in de tempel en is zo belangrijk, dat de koning ervan op de hoogte gebracht moet worden. Bij het uitbrengen van rapport aan de koning over de voortgang van de herstelwerkzaamheden had Safan de boekrol bij zich. Josia gaf onmiddellijk bevel hem de rol voor te 'lezen. En terwijl Safan daarmee bezig was, scheurde de koning zijn kleren. Zoveel indruk maakte de inhoud van de boekrol op hem en zozeer werd hij erdoor van zijn stuk gebracht, Het bleek nl. het wetboek van Jahweh te zijn. Niemand wist meer van \het bestaan ervan. Natuurlijk waren allerlei dingen ervan via de traditie wel bekend.
Maar als de bron zelf ris weggevallen en alles van de traditie afhangt, verdwijnen sommige dingende boekrol mee en begon erin te volledig. Andere vergroeien en worden verminkt. En nog weer andere dingen die met de bron zelf helemaal niets meer te maken hebben of er zelfs vierkant tegenin gaan, sluipen binnen. Een traditie die niet voortdurend onder de schijnwerpers van Gods Woord gehouden wordt, gaat zo maar een eigen leven leiden, gaat het Woord van God overwoekeren en brengt het zelfs in vergetelheid.
Zo was het ook in Jeruzalem gegaan. De traditie daar was zo van Gods Woord afgegroeid, dat Josia de schrik om het hart sloeg, toen hij Safan uit de boekrol hoorde voorlezen en met Gods Woord geconfronteerd werd. In alle scherpte drong het tot hem door: Wat zijn wij verschrikkelijk ver van Jahweh afgeweken en wat moet Hij vertoornd op ons zijn!

Schrikken en schrikken is twee
Josia had het voordeel dat het wetboek van Jahweh helemaal nieuw voor hem was. Daardoor kon hij het verschil tussen Gods Woord en de gegroeide traditie scherp zien en liep hij niet het gevaar het Woord van God en de traditie met elkaar te vereenzelvigen en de traditie in Gods Woord in te lezen.
Da is het gevaar waaraan later de Farizeeën ten slachtoffer vielen en waaraan ook wij niet altijd ontkomen. Want ook wij hebben zo onze tradities. Maar vaak zijn wij er zo aan gewend onze tradities in Gods Woord in te lezen, dat we niet eens het onderscheid meer zien en ze vaak zonder meer vereenzelvigen. In onze kringen is het vaak zo, de schrik ons om her hart slaat als er aan onze tradities getornd wordt en ah iemand probeert aan te tonen dat we in sommige tradities van Gods Woord zijn weggegroeid. Die schrik ontstaat doordat we de Schrift niet meer fris lezen alsof ze nog helemaal nieuw voor ons is.
Mensen die niet-christelijk zijn opgevoed en die op latere leeftijd tot geloof gekomen zijn, kunnen dat wel en weten dan ook met sommige van onze tradities niet goed raad. Voor hen is het Woord van God nog ,gloednieuw. Het is nog niet aangeslagen door allerlei erfgoed dat zich bij ons steeds weer als algen tegen een aquariumruit hecht, zodat het glas steeds minder doorzichtig wordt.
Josia kan ook fris tegen Gods Woord aankijken. De wet van Jahweh was gloednieuw voor hem.
Hij wist gewoon niet wat hij hoorde. Het was een openbaring voor hem.
Daarom schrok hij ook op de goede manier. Hij schrok niet omdat hij bang was dat de traditie werd aangetast, maar omdat hij ineens besefte hoever hij en her volk van de HERE en zijn Woord weggegroeid waren. Dat is de goede manier van schrikken.

De HERE zoeken
Daar bleef het in Josia's geval gelukkig niet bij, want als je alleen maar schrikt en het daarbij 'laat, kom je natuurlijk nog niet verder. Dat gebeurt ook meer dan eens. Dan schrik je wel op de goede manier. Dan zie je ineens wel: wat zijn wij of wat ben ik op dat punt ver van Goden zijn Woord afgeraakt. Maar op de een of andere manier laten we het daar dan bij, Er verandert niets. Het is net alsof we verlamd zijn. Dat is de manier waarop Eli schrok. Hij zag wel waar het fout zat en verkeerd ging. Hij wist wel hoever zijn zonen al van de HERE en zijn Woord waren afgeweken, En hij schrok er ook wel degelijk van, elke keer weer opnieuw. Maar verder gebeurde er niets. Er veranderde niets. Hij greep niet in om de dienst van de HERE weer te herstellen. Hij schrok alleen maar.
Totdat hij zich tenslotte in de letterlijke zin van het woord dood schrok.
Bij Josia ging het anders. Ook hij schrok. Zo zeer dat hij zijn Meren scheurde. Maar daar liet hij het niet bij. Hij zocht onmiddellijk de HERE door de hogepriester Hizkia met een aantal hoogwaardigheidsbekled ers naar de profetes Hulda, de vrouw van Sallum,die hoofd van de tempelgarderobe was, te sturen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief