Rood licht

2005-01-28
  • Jaargang 49
  • nummer 2
Tussen alle gewone werkmail springt er een berichtje uit. Ankie wil me graag spreken over Natasja. 'Je weet wel, ze zat vorig jaar in onze klas en ik denk dat ze het nu heel erg heeft.' Ik herinner me het meisje.
Prachtige meid, gelijkmatige trekken en bruine ogen. Maar aangeschoten wild. Uit een sociaal zwak gezin. Ze vertoont bizar spijbelgedrag.
Ontoegankelijk voor mij en collega mentor. Dromerig type.
Maar klasgenoten vertelden ongerust het werkelijke verhaal. Uitgaan, blowen, vreemde feestjes en een rare vriend. Wel 40 jaar oud.
En nu vertelt Ankie dat ze samen met haar vriend Natasja bezocht in haar huis. 'Maar Dromer, dat is geen gewoon huis, het is een bordeel, en die vriend van haar is haar pooier… Hij was er wel, en zij deed niet open… en haar haar is geblondeerd en ze lijkt wel zo’n vrouw…'

Ik leun achterover en pak de lijst met mobiele nummers en ik bel Ankie uit de les.
Ik wil dit nog voor de kerstdagen afhandelen.
Als ze bij mij komt in het kantoortje komt het hele verhaal eruit. 'In de stad is dat adres een berucht hoerehol…', besluit de aangeslagen Ankie.

Ik vraag Ankie wat ze wil. Ze weet het niet en ik stel voor de politie in te schakelen en Ankie te informeren als ik meer weet.
Ik bel de politie.
Ik geef alles wat ik weet door en ik krijg de naam van een rechercheur die de zaak onder zijn hoede neemt.

Twee dagen hoor ik niets en denk ik veel. Ik bel opnieuw naar de politie.
Het duurt me te lang en morgen begint de kerstvakantie. En deze meid wordt misschien geprostitueerd.
Aangezien Natasja meerderjarig is (getsie, denk ik, terwijl ik de leerlinglijst bekijk, slecht 3 weken is ze 18) gaat de politie er geen actie in ondernemen.
Er is daarbij geen noodzaak om verder te rechercheren want er is geen concretere aanwijzing dan het vage verhaal van Ankie.

Het vage verhaal van Ankie.
Ik merk hoe deze woorden de kerstvakantie insluipen en op 4de kerstdag hou ik het niet meer uit.
Ik bel H., mijn meest avontuurlijke collega.
En toevallig is hij ook vrij groot en sterk.
Ik leg hem uit wat mij dwars zit en welk plan ik heb.
Hij stemt in en die avond rijdt hij op het afgesproken tijdstip voor.
Hij luistert naar mijn laatste aanwijzingen en drukt me op het hart dat hij in zicht blijft.
Als we dan de auto voorrijden en langzaam langs het huis rijden, ziet het er zonder rood licht niet erg hoerig uit.

Ik stap uit de auto en loop wat rond. H rijdt opnieuw de straat in en zet zijn Opeltje vlak bij het raam. Ik loop naar de voordeur en bel aan. Terwijl ik mijn opmerkingszin in mijn hoofd herhaal ('Ik wil graag even praten met Natasja...') sta ik in het schijnsel van de buitenlamp. Een groepje jongelui fietst op me af en als een blonde, schaars geklede- onbekende- vrouw de deur opent, roept een van de langsfietsende jongeren: 'Hee, dromer… ga je je eindejaarsbonus opmaken?'

Dromer

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief