Demonstraties

1983-10-21
  • Jaargang 27
  • nummer 39
Nu nadert 29 oktober. Velen, vooral jongeren, leven naar die dag toe. Anderen, met name ouderen en ouders, zijn ongerust en verontrust. "Ons soort mensen doet niet aan demonstraties mee", zo wordt er in Gereformeerde gezinnen gezegd en men is bevreesd, dat de kinderen die naar Den Haag gaan, zich op een verkeerde weg begeven en in verkeerd gezelschap zullen zijn. Als het gesprek voor de zoveelste keer gaat over de "kernwapenproblematiek" zeggen de ouders, dat hun kinderen de oorlog niet meegemaakt hebben en uit de bezettingstijd niet weten, wat het betekent als een volk beheerst wordt door een macht, die van Gods gebod niet weten wil en de leugen hanteert om het volk te vergiftigen. Een Duitse moeder vertelde onlangs over de jaren dertig en veertig. Ze zei dat ze blij was, dat de geallieerden Hitler de nek gebroken hadden: het had geen twintig jaar later moeten gebeuren, want dan waren ook haar zonen en dochters racisten geweest.
Ouders spreken dus vanuit de ervaring van hun verleden, maar de kinderen van deze tijd zien geen toekomst. Dat is hun nood. Zij verwachten een aarde, waarop je niet meer leven kunt. De natuur zal niet meer zijn en wie het ongeluk zal hebben, te overleven, die zal vol kanker zitten en je zult geen kinderen meer kunnen krijgen.
Laten de ouders hun gelovige kinderen nu niet onder druk zetten met een bijbelwoord; Romeinen 13 wordt aangehaald: de overheid die het zwaard niet tevergeefs draagt. Leest men die perikoop wel? Paulus heeft het niet over de "ethiek" van het oorlogvoeren, maar over moord en doodslag, over misdrijven en belastingen. Het zwaard, waarvan hij spreekt, dat is duidelijk het beulszwaard. Niet een wapen. In zijn dagen waren er geen oorlogen.
Althans, Paulus schrijft er niet over; er was binnen zijn horizon geen conflict tussen volken. Hij heeft het in Rom. 13 over de justitie, niet over de defensie. Pas op Patmos ziet een oude apostel oorlogen en dan alleen nog maar in visioenen. Ik zeg niet dat de bijbel het defensieapparaat veroordeelt; alleen maar dat Paulus het er niet over heeft.
Laten aan de andere kant de zonen en dochters hun vader niet bemoeilijken met opmerkingen als: Het is toch wel vreemd, dat U, die zo resoluut de bijbel aanvaarden wilt van kaft tot kaft, U in allerlei bochten wringt om aan de klem van de Bergrede te ontsnappen.
Want vader zit daarmee. Hij worstelt er mee. Dat mag je zonder overdrijving zeggen.
Zo aanvaarden we elkaar in Christus, zonder te meppen met teksten; in ootmoed; samen trachten de wil des Heren te verstaan. Laten we ook niet al te moedeloos zijn. Er wordt in Genève tenminste nog gepraat en het is goed, dat de volken laten blijken dat zij geen oorlog willen. Er zijn nu ook geen overheden, die het volk ophitsen tot de oorlog. Of het moest dan die verkalkte ayatolla zijn. In mijn jongensjaren was dat wèl anders. Er is hoop. Maar die is niet gebaseerd op de voorafgaande zinnen in dit stukje, doch op het feit, dat juist de Man van de Bergrede alle macht heeft, óók op aarde en dat Hij met ons is, tot aan de voltooiing van de wereld.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief