Ds J. van Dijk 50 jaar predikant
1976-04-09
Zondag 11 april is het vijftig jaar geleden, dat ds J. van Dijk, emerituspredikant van de kerk te Heerenveen, in het ambt van dienaar des Woords bij de Gereformeerde Kerk te Duurswoude bevestigd werd. Van 1930-1957 diende hij voorts de kerk te Schildwolde, terwijl hij van 1975 tot aan zijn emeritering in november 1964 de kerk van Heerenveen diende, waarna hij zich metterwoon vestigde te Nijverdal.- Jaargang 20
- nummer 15
Tot voor enkele jaren ging hij nog telkens in de kerken in de omtrek voor in de dienst des Woords.
Ds Van Dijk draagt de naam van dienaar des Woords met ere. Gevormd in de school van prof. Greijdanus heeft hij zich een zeer nauwgezet exegeet getoond, die de Heilige Schrift ijverig bestudeerde en wat hij bij zijn studie als boodschap van de tekst gevonden had 's zondags aan de gemeente doorgaf in een frisse, op de praktijk van het leven gerichte prediking, waardoor de gemeente opgebouwd werd in het geloof.
Wanneer men 's maandags bij hem kwam, was ds Van Dijk al weer druk bezig met de voorbereiding op de komende zondag. Hij hoefde nooit naar een tekst te zoeken, de studie van de Schrift opende hem al meer de rijkdom van de Schriften. En de gemeenten die hij gediend heeft, hebben daarvan mogen profiteren.
Achter zijn bescheidenheid ging schuil een grote bekwaamheid en veelomvattende kennis. Daarvan getuigt o.m. zijn publicistische arbeid: het was geen wonder dat zijn medewerking gevraagd werd bij de uitgave van de Parafrase 'van de Heilige Schrift, in welke reeks hij o.a. de behandeling van het moeilijke boek van de Openbaring aan Johannes voor zijn rekening nam.
Ds Van Dijk was echter geen man die zich opsloot in zijn studeerkamer om van daaruit 's zondags de kansel te beklimmen, hij was ook en bovenal herder, die zijn schapen kende en met hen meeleefde. De zieken en ouden, allen die bizondere zorg behoefden, werden zeer trouw bezocht.
In de uitgestrekte gemeente van Schildwolde, een gemeente van plusminus 1000 zielen, ongeveer 250 adressen, sloeg hij bij het jaarlijks huisbezoek geen gezin over.
Dat zijn arbeid niet vruchteloos was en door de gemeente gewaardeerd werd, bleek wel in het bizonder bij de Vrijmaking in 1944, toen negentig procent van de gemeente de leiding van de predikant en de kerkeraad volgde.
Ds Van Dijk is één van de weinige destijds oudere predikanten geweest die met de Vrijmaking meegingen. Ja, hij behoorde tot één van de eersten, die zich vrijmaakten. Daarbij was hij in geen enkel opzicht een partijman of vechtersnatuur. Hij was en is veel meer een man des vredes, die op allerlei manier samenbindend werkt.
Voor hem was de Vrijmaking eenvoudig een daad van trouw: trouw aan de belofte, die hij bij de ambtsaanvaarding had afgelegd; trouw aan de beste tradities van de Afscheiding, wier dankbare zoon hij zich wist; trouw ook aan collega's, die hij ten onrechte in verdenking zag gebracht.
Toen op de vergadering van de classis Appingedam oktober 1944 tegen enkele jongere collega's de beschuldiging van afwijking van de belijdenis werd ingebracht, verklaarde hij zich met hen solidair. In de "Verklaring van Gevoelen", waarin de toenmalige bezwaarden de reformatorische opvatting aangaande verbond en doop vertolkten, en die door de classis als ongereformeerd beschouwd werd, zag hij ook zijn overtuiging uitgesproken.
Wanneer dit niet geduld kon worden, dan moest de kerkelijke machinerie ook maar tegen hèm in werking worden gesteld! En toen de classis Appingedam daartoe overging, maakte hij zich vrij.
Vrijmaking was voor hem een heel gewone acte van trouw!
Die trouw toonde hij eveneens in het kerkelijke conflict van de zestiger jaren, bij de scheuring die op zo'n lichtzinnige wijze door de vrijgemaakte kerken getrokken werd door de zogenaamde wegroeping van achter een ontrouwe kerkeraad.
Toen de kerkeraad van Nijverdal door de classis Enschede buiten het verband gesteld werd, hoewel deze classis uitdrukkelijk erkende, dat de kerkeraad van Nijverdal een gereformeerde kerkeraad was, bleef ds Van Dijk trouw aan die kerkeraad, trouw aan de inzet van de vrijmaking, trouw aan zijn verleden.
Deze trouw za hij echter nooit aan zichzelf toeschrijven, maar alleen danken aan de genade van zijn Zender. Die genade heeft hem ook gedragen in de beproevingen, die hem niet bespaard zijn gebleven.
Thans geniet ds Van Dijk na zoveel jaren van ingespannen arbeid reeds meer dan tien jaar de rust van het emeritaat. Over die rust viel een grote schaduw, toen zijn vrouw die hem al die jaren op zo voorbeeldige wijze ter zijde stond, hem in december '74 ontviel. Ook dit verlies weet hij in het geloof te dragen.
Hoewel de last der jaren niet ongemerkt aan hem voorbij is gegaan, is zijn geest nog volkomen helder en neemt hij met grote belangstelling kennis van alles wat er omgaan op kerkelijk, theologisch en staatkundig erf.
Moge de Here ook verder zijn levensavond verlichten met het licht van Zijn vriendelijk aangezicht. Wij wensen hem in de gunst des Heren nog vele goede jaren toe. Ad multos annos!