ZWART GELD
1976-04-09
Iedereen kent de naam zwart geld - al is het niet voor ieder duidelijk waar het om gaat. Meestal denken we bij zwart geld aan belasting ontduiken, of enig ander strafbaar knoeien met geld. In de oorlog kenden we zwarte prijzen voor zeldzame goederen en voedsel; de zwarthandelaars, voorzover ze niet in Ommen terecht kwamen, hadden geen beste naam. Vooral niet omdat ze zich verrijkten ten koste van de honger- en armoede lijdende medeburgers.- Jaargang 20
- nummer 15
Dat is allemaal wel een beetje waar. En dat de Nederlandse regering, na, haar terugkomst uit London, de geldcirculatie drastisch saneerde, was een weldaad voor ons allemaal. Velen van ons herinneren zich het "tientje van Lieftinck", het moment waarop alle Nederlanders een ogenblik evenveel, of even weinig geld bezaten. De rest van de betaalmiddelen werd geblokkeerd en, door alle zeven gezeefd, voorzichtig en geleidelijk teruggebracht in het maatschappelijk verkeer. Alles wat niet als regulier verworven geld aanvaardbaar bleek, werd door de overheid ingenomen.
leder, die bij de geldhandel betrokken was, stond te juichen om deze maatregel. Want goederen en diensten, levensmiddelen en huisraad, alles wordt in geld uitgedrukt. Maar als dat geld zelf onbetrouwbaar, oncontroleerbaar en in zekere zin waardeloos begint te worden, moet een geldsanering het maatschappelijk-economisch klimaat zuiveren. Dan weet je dat je arbeid, je produkten, weer hun volle waarde krijgen. En alle geldmensen (trouwens ook veel anderen) waren hoogst dankbaar, dat de geldstroom ontdaan werd van het zwarte slib en dat het geld weer een ogenblik zuiver en waardevol mocht worden geacht.
Dat is een korte vreugde geweest. Waar lijnen worden getrokken, probeert de mens altijd over de schreef te gaan, of althans de kantjes er af te lopen. En het heeft niet lang geduurd, of er kwam weer ongecontroleerd geld, in ongecontroleerde hoeveelheden, in omloop. Bijvoorbeeld: de regering stelt regels om prijsopdrijving voor schaarse goederen te voorkomen; stelt regels vast voor lonen en loonsverhogingen. De vrije marktprijzen zouden hoger liggen? Welnu, er zijn altijd partijen, die het eens worden over een niet-legale, hogere prijs. Dat wil zeggen: dat een fabrikant een deel van zijn produkten tegen te hoge prijzen verkoopt (die produkten gaan zeker niet in prijs naar beneden bij hun wandeling naar de verbruiker) en zo blijft een deel van de opbrengst geheim. Waarom geheim?
Omdat overtreding van de prijsregels gestraft zou worden. Een ander voorbeeld: iemand kan voor het maximaal toelaatbaar loon geen goede arbeidskracht krijgen? Dan betaalt hij "zwart" een extra loon, dat natuurlijk geheim moet blijven. Waarom? Omdat constatering straf zou betekenen, De arbeider, die zulk zwart loon ontvangt, betaalt over dat meerdere dus geen inkomstenbelasting.
De stroom van zwart geld heeft intussen de laatste welvaartsjaren zulk een omvang aangenomen, dat elke huismoeder daar mee te maken heeft.
Want als voor iedere nieuwe eter de soep aangelengd moet worden, is de soep langzamerhand waardeloos slap geworden. En als er te veel geld in omloop komt, buiten controle van de overheid, verliest het geld zijn betekenis als waardemeter en ruilmiddel. Als u het voorgaande te moeilijk voorkomt denkt u maar aan de doorgaande inflatie: dat een broodje van de bakker elk half jaar een paar cent duurder wordt.
Tot voor weinige jaren wilde een fatsoenlijke bank geen adviezen voor de belegging en besteding van zwart geld geven. Het ging om geld, waarvan het bezit strafbaar is gesteld, afkomstig van strafbare handelingen.
Integendeel zou een bank aan klanten, die er binnenskamers voor uit kwamen dat ze met zwart geld "zaten", het advies geven: hou op met het verder aanfokken van zwart geld en zie dat u zichzelf legaliseert.
Over vijf jaar hangt er geen fiscaal zwaard meer boven uw hoofd en dat zal een opluchting voor u zijn. Want, zoals u weet, kan de fiscus bij ontdekking van belastingfraude, met 5 jaren terugwerkende kracht, boetes opleggen.
Nu, dat standpunt is overwonnen. Geen bank kan zich ontworstelen aan haar betrokkenheid bij de zwarte geldstroom. Het' standpunt: ik wil geen wetsovertreders onder mijn klanten hebben, is verouderd. Iemand schreef eens, dat de wet slechts de uitzonderingen wil treffen; maar dat de wet niet geldt, wanneer ze massaal wordt overtreden. Dat was bij de benzine-distributie: alle pomphouders waren verplicht bonnen in te nemen bij aflevering van benzine. Maar langs de grens waren er zo'n 200 pomphouders die geen bonnen wensten in te nemen. Waarom niet?
Omdat hun klanten anders wel even over de grens benzine gingen halen.
Toen het op een massaal strafproces aankwam,.vond iemand de bovenstaande fraaie regel: nu de voorschriften massaal waren overtreden, kon men die 200 man niet aanpakken.
Een slechte regel, want kwaad blijft kwaad; of velen er aan meedoen of weinigen, we moeten de meerderheid ·in het kwade niet navolgen, zei Mozes. Maar wel het gemakkelijkste standpunt voor de overheid; die met onvoorziene konsekwenties van eigen maatregelen kwam te zitten!
Aan zo iets moeten we denken, nu het zwarte geld de pot uitrijst en ontzaglijke omvang heeft aangenomen. Voor enkele jaren is gebleken, dat er voor zo'n slordige 6,5 miljard gulden aan bankbiljetten spoorloos zijn. De populaire econoom, prof. dr A. Heertje, becijfert (met een handige formule inzake de omloopsnelheid van geld) dat er dan vandaag ongeveer 30 miljard gulden aan de overheidscontrole onttrokken zijn. Hij meent, dat ongeveer 15% van het nationale inkomen buiten controle. van de fiscus valt. Twee van elke dertien guldens zijn dus zwart. De lonen van werklozen die klandestien werken naast hun werkloosheidsuitkering, de extra prijzen voor onroerend goed die onder de tafel betaald worden, de opbrengsten van buiten de douane om naar het buitenland verkochte produkten, de ontdoken belastinggelden (zowel van inkomstenbelasting als BTW als vermogensbelasting en zo voort) hebben in totaal zulk een omvang aangenomen, dat alleen een officiële sanering ons geld gezond zou kunnen maken. Theoretisch dan.
Nu, daar ziet het niet naar uit. De regering weet bij ervaring, dat een totale geldsanering, zoals wij die in 1945 hebben gehad en zoals sommige landen hebben ingesteld, wel zeer kostbaar en tijdrovend, remmend en frustrerend zal zijn - maar geen voldoende resultaten zal leveren, die in verhouding staan tot de moeite.
Daarom zint de regering op andere maatregelen. Allereerst heeft zij enkele jaren geleden aan de banken toegestaan spaarbrieven en rentebrieven "aan toonder" over de balie te verkopen, zonder de naam van de kopers te noteren. De bedoeling was: de eigenaars van zwart geld de gelegenheid te geven, hun geld in de economische geldstroom terug te spoelen, zonder dat ze persoonlijk grijpbaar werden. Bovendien kon de overheid aan het tempo, waarin van deze effecten gebruik wordt gemaakt, afmeten hoe groot de druk van het zwarte geld op de geldmarkt is. Zoals een proefboring kan aantonen, hoeveel gas of olie zich in de grond bevindt: aan de druk en de uitstroomsnelheid kan men veel aflezen.
En olie in de grond is nutteloos. Zo is ook ondergronds geld nutteloos, Het moet boven water komen, wil het zijn economisch nuttige stroom hervatten.
De regering neemt nieuwe maatregelen. Ze stelde een oud-directeurgeneraal van belastingen aan, om een onderzoek naar het zwarte geld in te stellen. Deze zal onderwerpen als fraude, belastingontduiking, kapitaalvlucht en dergelijke op zijn agenda zetten. Dat is - zegt prof. Heertje - een ongelukkige gang van zaken. Want wanneer een ouddirecteur van belastingen het onderzoek leidt, zal hij belastingtechnisch, dus zuiver wettelijk denken. Hij zal elke zwarte gulden als een corpus delicti beschouwen en de strafmaat overwegen.
Dat betekent: dat iedere bezitter van zwart geld, om zijn hachje te redden, het onderzoek zal tegenwerken. Dit onderzoek zou, zegt prof. Heertje, beter als een sociaaleconomische zaak kunnen zijn aangepakt: zoals een dokter vanwege zijn ambtsgeheim, het vertrouwen van zijn patiënt geniet. Wanneer niet aan misdrijf, niet aan overtreding, niet aan straf wordt gedacht, kunnen de betrokkenen wellicht beter meewerken aan het boven water brengen van wat ons land ongezond maakt.
Een betere maatregel zal dan ook zijn: dat het Centraal Bureau voor Statistiek een aantal kleine onderzoekingen instelt, hetgeen aangekondigd is. Eerst worden produkten en export van een bepaalde branche, de garages en het bouwbedrijf, gemeten; waarbij gebruik wordt gemaakt: van de belasting- en de douanediensten.
Immers wanneer (op kleine schaal weliswaar, maar representatief voor het geheel) kan worden vastgesteld voor welk bedrag aan huizen er in totaal gebouwd worden en hoeveel er van bij de rijksdiensten bekend is, kan het verschil als zwart geld worden genoteerd.
Vervolgens zal bij een aantal particulieren, in een vertrouwelijke enquête waarbij de namen absoluut verzwegen worden, worden getoetst welk deel van de huishoudelijke uitgaven zonder BTW wordt gekocht.
Op dezelfde vertrouwelijke voet wordt met werklozen en degenen die "in de ziektewet lopen" gesproken over hun klusjes en andere inkomsten.
Het CBS meent voldoende vertrouwen te genieten van de gemiddelde Nederlander, dat het deze operatie wel aandurft.
Dan is er de categorie van grensarbeiders, die binnen ons land van een sociale uitkering trekken en buiten ons land hun (zwarte) loon verdienen.
Zo lang deze zaken onder garantie van anonimiteit blijven, meent men wel cijfers te kunnen verzamelen, waarmee te werken valt.
We moeten er maar niet zeker van zijn, dat al deze maatregelen tesamen ons Nederlandse geld zullen saneren. De mens is vandaag al te individualistisch dan dat hij uit vaderlandsliefde meewerkt. Maar al zullen de resultaten slechts een deel van het terrein open leggen, dan is er verder de vermenigvuldigingsfactor om rot vrij zuivere uitkomsten te geraken.
Een dokter wil iemands temperatuur meten, om een beeld van zijn ziekte te verkrijgen. Hij wil de tong zien, de pols voelen, de borst bekloppen, het hart beluisteren, de ingewanden betasten, de bloedsamenstelling en -druk vaststellen. Al deze gegevens tesamen kunnen hem helpen, de oplossing voor de zieke te vinden. Wil de zieke niet goedschiks meewerken, dan zijn er trucs of andere middelen nodig. En altijd zijn er wel enige gegevens te constateren, waaruit - door vermenigvuldiging, aftrekking of gezonde gok - conclusies kunnen worden getrokken.
Zo zit dat met de regeringszorg over onze zwarte geldstroom. We zijn er allen bij betrokken. We zijn er allen mee gediend. En Gods volk, zegt Paulus, let juist op deze punten voortdurend; niet alleen om een straffeloos leven te leiden, maar ook om een schoon geweten te hebben.