JEREMIA

1976-05-07
  • Jaargang 20
  • nummer 19
Onze situatie verschilt echter op een belangrijk punt van die van Israël. Voor ons is er geen bacterievrije ruimte zoals het land Kanaän voor Israël bedoelde te zijn.
Israël was nog een kind. Om te kunnen opgroeien en in leven te kunnen blijven moest het als een couveusekindje opgroeien in een couveuse, Dat was de functie van het land Kanaän. De nieuwtestamentische gemeente is geen couveusekind meer. Ze heeft de couveuse verlaten en is daardoor blootgesteld aan de geestelijke milieuvervuiling.
In onze tijd geldt dat nog sterker dan een generatie geleden. Toen vormden de gezinnen en de scholen nog een soort couveuse, een beschermend milieu, Vandaag is dat niet meer zo. Tot in onze gezinnen toe komt via de t.v. de giftige atmosfeer op ons af. Dat betekent dat het meer dan ooit noodzakelijk is het zuurstofmasker van het evangelie te gebruiken. Omdat men vijftig jaar geleden nog binnen een redelijk beschermde ruimte leefde, vloeide er niet zoveel bloed uit, wanneer iemands persoonlijke omgang met de Schrift niet maximaal was en hij zich een beetje liet drijven op de gemeenschap.
Vandaag kun je het daar niet op aan laten komen. Wie nu niet zelf stevig in zijn bijbelse schoenen staat, loopt steeds meer gevaar onderuit te gaan. Zonder dat hij het beseft, ademt hij meer en meer de giftige atmosfeer in en wordt hij er in zijn denken en optreden van doortrokken. En dan zit hij zo maar in hetzelfde schuitje als Israël. De Israëlieten verontreinigden zich. Ze liepen de Baäls achterna. Maar ze hadden het zelf niet eens door dat ze gifgas hadden in geademd. Neen hoor, zeiden ze. We laten Jahweh niet los.
Natuurlijk niet.
Zulke christenen zijn er vandaag ook. Natuurlijk, zeggen ze, we zijn christenen. En ze hebben niet eens in de gaten, dat ze in heel hun denken en doen vergiftigd zijn en God losgelaten hebben. Hoe kan dat?
Dat roomt omdat ze het Woord van God laten liggen. Ze dragen geen zuurstofmasker .

Bijbelstudie

Persoonlijke bijbelstudie is vandaag noodzakelijker dan ooit. Ik bedoel echt: studie. Met een oppervlakkig en vluchtig lezen van de bijbel doe je niet veel. We moeten met Gods Woord bezig zijn, het tot ons laten doordringen, het in ons opnemen. Als u daar tot nu toe nauwelijks iets aan gedaan hebt, begin er dan mee. Het is van levensbelang. Want u ademt wel elke dag de giftige atmosfeer in.
Of u dat nu wilt of niet, het is een feit. En als u dan niet voor voldoende zuurstof zorgt, wordt u langzaam maar zeker steeds kortademiger.
Die noodzaak van bijbelstudie is er ook voor jongelui. Maak er een gewoonte van. Doe het dagelijks.
Het is het enige middel om te voorkomen dat je in geestelijke ademnood komt.
Geneer je er niet voor. Denk niet dat het gek is. Het is een levensvoorwaarde.
Omdat Israël het Woord van God liet liggen, raakte het onvermijdelijk in de greep van de vruchtbaarheidsreligies en werd zijn hele denken en doen daardoor bepaald.

Misvorming van Jahweh

Toen Israël in de greep van de vruchtbaarheidsreligies kwam, verdween Jahweh niet van het toneel.
Daar was geen sprake van. Maar men ging Jahweh wel meer en meer interpreteren als een vruchtbaarheidsgod.
Zonder dat men het zich realiseerde, vervormde men Jahweh naar het beeld van een vruchtbaarheidsgod.
Voorbeelden daarvan vinden we in het gouden kalf bij de Sinaï (Ex. 32) en de kalverendienst in Bethel en Dan (1 Kon. 12 : 28 v.v ), Het was niet de bedoeling van Israël en Jerobeam een andere, een nieuwe GOld te introduceren. Ze wilden weldegelijk Jahweh vereren.
Maar ze gingen dat doen d.m.v. het beeld van een stierkalf, het symbool van de vruchtbaarheid.
Als men zo Jahweh ah een vruchtbaarheidsgod gaat zien, is het overstapje naar de Baäl ook niet zo groot meer. Want als Jahweh een vruchtbaarheidsgod is, staat Hij niet meer tegenover Baal, maar liggen Baäl en Jahweh in elkaars verlengde. Het gaat dan immers bij beiden om vruchtbaarheid, Voor Israëls besef was het offeren aan de Baäls dan ook beslist geen afval van Jahweh. Natuurlijk niet.
Want Jahweh en Baäl waren immers geen concurrenten, maar vulden elkaar aan. En wanneer er profeten kwamen, die zeiden: Jullie zijn van Jahweh afgevallen en hebben je verontreinigd door de Baäls achterna te lopen, dan antwoordden ze: geen sprake van!
Er is geen haar op ons hoofd dat er aan denkt Jahweh los te laten.
En dat meenden ze dan oprecht.
Zo zijn er ook vandaag christenen en theologen die de mond vol hebben van bijbelse woorden en termen, maar die er een totaal andere inhoud aan hebben gegeven, die met de oorspronkelijke bijbelse betekenis niets meer te maken heeft.
Dat is hetzelfde als wat er bij Israël gebeurde. Toen het vruchtbaarheidsdenken het volk ging beheersen, werd Jahweh niet afgeschaft, maar Hij werd wel misvormd tot een God die met de echte Jahweh alleen de naam nog gemeen had.
Als je dat tegen hen zei, waren ze verontwaardigd. Wel neen, mijnheer, zeiden ze. Wij Jahweh verlaten? Geen sprake van! Maar intussen was het natuurlijk wel zo.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief