Wijsheid te geef

1978-08-11
  • Jaargang 22
  • nummer 29
..Indien iemand van u in wijsheid te kort schiet, dan bidde hij God daarom, die aan allen geeft ... "

Jakobus 1 : 5·8

Wie kennis vermeerdert ...

Tot en met 15 jaar moet iedere jongen of meisje naar school.
Daarna mogen ze. De praktijk wijst uit dat ruim de helft van de 16-20-jarigen van de gelegenheid gebruik maakt om volledig onderwijs te volgen. Van hun ouders is 40% niet verder gekomen dan de lagere school. Iets meer dan 20% middelbaar onderwijs. Wat een toename van geleerdheid dus vergeleken bij vroeger. Het worden er hoe langer hoe meer, die mr. of ir. of dr. voor hun naam mogen zetten. Wat weten we tegenwoordig niet allemaal.
Niet alleen via het onderwijs trouwens, ook door middel van radio en t.v. Een stroom van informatie wordt over ons uitgestort. Weetjes: feiten, kennis, kennis en nog eens kennis. Voor iedereen beschikbaar, voor iedereen toegankelijk.
Veel ouders zijn er trots op dat hun kinderen verder komen dan zij.
Toch is dit genoegen niet altijd onverdeeld. De wereld waarin hun kinderen thuis raken is een wereld, waarin zij in veel opzichten niet kunnen volgen. Zij kunnen hun jongens en meisjes in veel dingen niet bijstaan. Je kunt je daar met een grapje van af maken. Over die moeder bijvoorbeeld van een jongen uit de 3e klas gymnasium, die tegen haar man (zelf destijds in deze klas gestrand) zegt: Toe pa!
Help Kees toch met zijn huiswerk.
Dit jaar kan het nog! Dat is humor: een lach, die eindigt in een niet altijd hoorbare snik; omdat de ouderen voelen dat hun kinderen hun ontgroeien. En de wereld verandert vandaag zo snel, dat ouders minder dan ooit hun kinderen kunnen helpen bij het zelfstandig worden.

Kennis is onmacht

Maar kunnen die kinderen dat dan niet alleen af met al die hoeveelheden kennis en informatie, die hun verstrekt wordt? Hebben ze het zo nodig begeleid te worden door ouders, die vaak veel minder weten dan zij? Misschien denken sommige ouders dat. Misschien hebben sommige jongens en meisjes zelf dat idee. Maar niets is minder waar dan dat! Juist die grotere kennis van allerlei zaken kan moeilijkheden opleveren: Een voorbeeld, dat waar gebeurd is: een jongen krijgt verkering met een meisje. Na enige tijd stelt het meisje hem voor om te gaan samenwonen.
De jongen gaat naar zijn predikant. Want hij zit daar mee.
In het gesprek vraagt hij vertwijfeld: Wat deed u vroeger in zo'n situatie? Zijn predikant antwoordt: We trouwden met elkaar of we spaarden elkaar. Waarop de jongen begint te huilen. Want hij kan kiezen uit wel vier mogelijkheden.
Deze jongen is voorgelicht. Het ontbreekt hem niet aan kennis. Hij weet van gemeenschapsvormen tussen man en vrouw, waarover zijn leeftijdsgenoten van jaren terug nauwelijks iets wisten, laat staan serieus dáchten. Maar hoe past hij zijn kennis toe?
Kennis vraagt om wijsheid Wat is het verschil tussen kennis en wijsheid? Kennis is weten van veel dingen. Wijsheid is die kennis kunnen gebruiken op de juiste manier. En hoe meer we weten en hoe meer we kennen, des te meer klemt de vraag: Hoe gebruiken we die kennis? Dat is de vraag, die de wijze stelt? De wijze ziet de werkelijkheid in het licht van God, die alle dingen schiep. De wijze is op zoek naar de verbanden en de samenhangen tussen alle dingen, die God zelf heeft aangebracht. Want hij weet dat niemand die samenhangen ongestraft kan verbreken of negeren. Hij weet hoe iedereen en alles alleen dán tot zijn recht komt.
wanneer het is afgestemd op God en wanneer het gebruikt wordt naar Zijn bedoelingen.

God staat voor ons klaar

Wie weet beter hoe een machine gebruikt moet worden dan de uitvinder?
Wie weet beter hoe het leven geleefd moet worden dan de Schepper van ons leven? En Hij staat altijd klaar om het ons telkens weer te zeggen. Als we vragen om wijsheid geeft Hij eenvoudigweg.
Dat is een belofte, waaraan God zich gebonden heeft. En als we zijn vastgelopen omdat we eerst op eigen houtje wat aan het experimenteren zijn geweest, dan hoeven we niet uit angst voor Gods verwijten bij Hem weg te blijven. Weet u wat God ons wel verwijt? Als wij Hem domweg laten staan met Zijn oneindige bereidwilligheid ons bij te staan. Dáár kan God niet tegen! Tegen Israël heeft Hij eens gezegd: Te raadplegen was Ik voor hen, die Mij niet zochten; Ik zei tot een volk dat Mijn Naam niet aanriep: Hier ben Ik. Roep me dan!
Zoek me dan! De ganse dag breidde Ik mijn armen uit naar een opstandig volk dat volgens eigen overleggingen wandelde op een weg, die niet goed was. Kijk, dan kookt God van woede om dat domme, dwaze volk dat zijn eigen glazen ingooit. Maar zodra keert het bij Hem terug, of Hij stort zijn gaven over hen uit en belooft: Zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde; aan wat vroeger was zal niet gedacht worden, het zal niemand in de zin komen. Kunnen we deze God laten staan en laten roepen?

Bidden met uitgestoken hand

Wij moeten op dit royale aanbod van God ingaan met het volste vertrouwen. Niet als iemand, die een baan of een huis zoekt en links en rechts brieven stuurt met de gedachte: baat het niet, het schaadt vast ook niet. God treedt ons tegemoet als een vriend, die een beroep doet op ons vertrouwen.
Dat vertrouwen moeten we Hem dan ook onvoorwaardelijk geven.
Als ik iemand ontmoet en ik weet niet zeker of de ander mij een hand zal geven, dan kun je een situatie vol onzekerheid krijgen. Wat aarzelend en schuchter beweeg ik mijn hand zo'n beetje in de richting van die ander. Maar mag ik dan een stevige, hartelijke handdruk verwachten?
Als ik een goede vriend ontmoet is dat geen punt. We lopen al met uitgestoken hand naar elkaar toe. Wie is een betere Vriend dan God? Als wij bidden met uitgestoken hand zal Hij ons met uitgestoken hand tegemoet komen.
Wat wil God liever en wat ziet Hij liever, dan dat wij en onze kinderen wandelen op een weg, die goed is? Nooit zijn we zo eenswillend met God dan wanneer we bidden om wijsheid. Wijsheid om de wegen te vinden, die wij als gelovigen in maatschappelijk en kerkelijk opzicht moeten en kunnen bewandelen.
Wijsheid bij de opvoeding en begeleiding van onze kinderen. Die wijsheid zullen we ontvangen, als we maar net zo vaak naar Hem toe gaan als dat Hij voor ons klaar staat met uitgestoken hand.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief