OM HET U AAN TE ZEGGEN
1978-08-18
De beproevingen van Job kwamen snel achter elkaar, in sterk opklimmende hevigheid, weet u nog? De eerste bode kwam Job zeggen, dat zijn runderen en ezels geroofd en zijn knechten gedood waren. Slechts een knecht ontkwam om het Job aan te zeggen. De tweede bode meldde, dat de schaapskudden met herders en al door de bliksem waren vernietigd.- Jaargang 22
- nummer 30
Slechts een herder ontkwam om het Job aan te zeggen. Direct daarop kwam de derde om te rapporteren, dat de kamelen gestolen en hun oppassers gedood waren. Slechts een ontkwam om het Job aan te zeggen.
De vierde kwam met het verpletterende bericht, dat Jobs kinderen op een partijtje onder een invallend huis waren gedood. Hij was de enige getuige die het Job kwam aanzeggen.
Wie het verhaal van Floris B. Bakels over zijn ervaringen van ruim drie jaren in Duitse gevangenissen en concentratiekampen leest, denkt aan Job. Niet alleen vanwege de beangstigende opeenvolging van beproevingen, de toenemende hevigheid aan geweld en de vrijwel algehele vernietiging van zijn persoonlijkheid - maar vooral om zijn reactie: dat de schrijver, als- Job, Gode niets ongerijmds toeschreef maar, bij Gods geven en Gods nemen, de naam van God bleef prijzen. Dit boek is dan ook een lofzang geworden op God de Heere, die in zijn Zoon Jezus Christus nog altijd ongelooflijke wonderen werkt, zoals Hij alleen doet. En dit is, wat Bakels u heeft aan te zeggen.
Dit boek zal u, christelijke lezer, ontroeren. Het brengt u keer op keer misschien tot tranen. Uw hart lijdt mee, want als een lid lijdt lijden toch alle leden mee? Uw hart springt op als u leest, hoe de schrijver Gods hand bleef vasthouden, als hem horen en zien verging. En uw geloof wordt niet weinig gesterkt, wanneer u uit onomstotelijke getuigenverslagen ziet en hoort, hoe Gods, Geest vertroostend en sterkend werkzaam is, juist bij het dreigen van de dood.
In dit boek komen episoden voor, niet weinige, die men vandaag uit de tijd en irreëel kan achten. Maar episoden die elk waarachtig gelovige aanspreken als behorende tot Gods arsenaal. En episoden die uzelf zullen kunnen troosten, wanneer uzelf in de zware vervolgingen van een nabije toekomst het te moeilijk zou kunnen krijgen. Floris Bakels, Rotterdams jurist, heeft de allerzwaarste beproevingen doorstaan om het u aan te zeggen: "dat wij, vooral als onze weg door een dal van schaduwen des doods gaat, vol geloof, kracht en vertrouwen zullen zijn en niet moeten vrezen - maar Gods almachtige liefde zullen ondervinden".
Misschien hebt u vorig jaar voor de KRO al iets gezien van de plaatsen waar de schrijver gevangen heeft gezeten? Misschien hebt u toen al een indruk gekregen van wat hier aan vooraf is gegaan. Als u toen begrepen hebt wat de schrijver u heeft aan te zeggen, kunt u het volgende ongelezen laten. Hebt u de boodschap nog niet vernomen, luister dan. Want hier is geen jeremiade over het verleden - hier is profetie voor de toekomst aan het woord. Het gaat niet alleen over erge beproevingenmaar vooral om de eer van onze hemelse Vader, die onze tranen bewaart en de haren van ons hoofd telt. Wiens koninkrijk komende is voor zachtmoedigen en vredestichters.
Wie enkele van de honderden boeken over concentratiekampen en gevangenissen uit de tweede wereldoorlog kent, schrikt niet al te zeer van de gruwelen. Een mens kan gauw wennen. Het is de vraag of dat goed is.
Misschien is het beter om wel te schrikken, om onze christelijke fijngevoeligheid werkzaam te houden. Des te meer zullen wij ons inspannen, om herhalingen van deze beestachtigheden te voorkomen. Dat is niet alleen een zaak voor politici en generaals - maar voor ieder christen.
De liefde bant de vrees uit, zegt Johannes. Maar waar de liefde verdwijnt, waar haat regeert, komen angst, moord, vernietiging. De angst is een even grote vijand als de honger, de kou, en de pijn, zegt de schrijver. Dat geldt voor het individu, voor de groep, voor hele naties, voor werelddelen.
Waar de Geest Gods wordt verdreven daar komen demonie en daar komen satanische, antichristelijke "orde" voor in de plaats. Daar geeft God de mensheid over aan eigen goeddunken en dat is niet best.
De leiders van het Derde Rijk hadden een begrijpelijk uitgangspunt in het compromis van Versailles-1919. Dit als onrecht gevoelde compromis werd aangegrepen voor een mobilisatie van onlustgevoelens. Men verenigt gemakkelijker mensen tegen iets dan voor iets: tegen het rijke Westen werd het Duitse volk verenigd. De Joden waren daarbij de aanwezige schietschijf. Door voorbereidingen tot een oorlog te treffen scheen de werkeloosheid te verdwijnen. De industrie, te weten een massale oorlogsindustrie, draaide op volle toeren. Ieder had zijn bescheiden boterham.
Door de schulden aan het buitenland eenvoudig door te strepen kreeg men een sterk verbeterde financiële positie. Door een hiërarchisch machtssysteem op te bouwen prikkelde men ieders ambitie, om het beste voor zichzelf en het vaderland te zoeken. Door de nieuwsmedia onder regeringscontrole te brengen, kon men tegelijk nieuws maken en becommentariëren.
Door heropvoeding van volwassenen, door jeugdvorming en door de leugen officieel te maken kreeg men het resultaat van een nationale hersenspoeling. Door de kinderen te .leren hun ouders zo nodig 'te verraden ontbond men de gezinscellen. Door een stelsel van geheime politie en verraad op te bouwen kreeg men al de gezonde zelfstandige denkers, de potentiële cultuurdragers, de vreedzamen zowel als de communisten, zonder moeite opgespoord, geregistreerd en afgeroomd. Alles wat het totalitaire misdadige regime in de weg stond, werd meedogenloos geconcentreerd en stelselmatig afgeslacht. Lang voor de oorlog losbarstte waren de Duitse concentratiekampen al gevuld ---, met de room van het Duitse volk.
U kunt zich afvragen, hoe een krankzinnige als Adolf HitIer dit alles voor elkaar kreeg. Nietsche zou antwoorden: waanzin is bij individuen iets zeldzaams, maar bij groepen en partijen regel. De schrijver laat zien hoe individuele Duitsers, bij tijden tot hun oude menselijke gemoedelijkheid vervallen, plotseling zich hun plicht bewust werden, de Partei-waanzin in de ogen kregen om hun slachtoffers weer dood te ranselen.
We schrijven verleden tijd. Maar wie het boek van Bakels gelezen heeft en bovendien George Orwell's roman “1984" kent, is geneigd in de toekomende tijd te schrijven. "Het is niet voorbij en we leven niet in vrede", zegt hij. "Voor mij staat vast dat zeer grote rampen op komst zijn wanneer de mens zijn God niet terugvindt, niet wil luisteren naar wat gezegd is, niet wil doen wat bevolen is". Vandaar dat zijn boek dient om ons iets aan te zeggen: niet alleen de rampen - maar vooral het gebod der liefde.
Toen de oorlog uitbrak was die onvermijdelijk. Niet alleen historisch gezien onvermijdelijk - waarom we ons nog steeds verbazen over de naïeve houding van het Westen, met name Groot-Brittannië. Ook in het kader der ontwikkelingen binnen het Derde Rijk was de oorlog onvermijdelijk.
De hele voorbereiding was zo duidelijk getimed, was zo psychologisch opgebouwd, dat de bom tot ontploffing móest komen. Dat zag ieder, die aan brandende lonten geloofde. Wanneer de sedert 1934 brandende lont zou gedoofd zijn, zou dit catastrofale gevolgen hebben gehad: voor Duitsland en voor zijn totale omgeving. Duitsland gokte immers met alles of niets. Had niets te verliezen, alles te winnen en zat in het mechanisme van eigen oorlogsvoorbereidingen opgesloten.
Het binnenvallen en bezetten van het Saargebied, van Oostenrijk, van Polen waren de eerste hoofdstukken. De mobilisatie van het Auslands-Deutschtum, spionnen in de buitenlandse families en industrie, was een extra waarschuwing. Velen riepen ons volk wakker in de dertiger jaren.
De bezetting van Noorwegen, Denemarken, Nederland, België, Frankrijk goeddeels, waren vlot afgewerkte programmapunten. De bezetting van Groot-Brittannië stond te duchten, het heeft een haar gescheeld. Zelfs na de grote ommekeer in Duitslands voorspoed heeft nog het Ardennenoffensief in de winter van 1944/45 ons hart doen beven. Ja zelfs in de laatste oorlogsmaanden scheen de V3, Duitslands geheime troef, nog een vreselijke keer in de afloop te brengen.
Wat een wonder, dat de Duitsers in de bezette landen alle "herscholing", berichtgeving, leugenpers, terreur en afroming van tegenwerkende elementen met versneld tempo en met nog minder scrupules ter hand namen!
Een regime, reeds jaren doorgewinterd in wreedheid, efficiëncy en onmenselijkheid, zette zich in om een groot aantal - en wel van de beste vaderlanders - af te romen. Het spoorloos doen verdwijnen in "Nacht und Nebel" was een der gemeenste methoden, om de bezette landen te intimideren, de weerstanden te breken zo mogelijk.
(wordt vervolgd)