DE HEILIGE GEEST ALS HELPER EN TROOSTER
1978-09-01
De Geest voorspelt ons de toekomst - Jaargang 22
- nummer 32
De Geest der waarheid verkondigt ons ook wat ons nog te wachten staat.
Jezus had tot zijn jongeren gezegd van de Geest: de toekomst zal Hij u verkondigen. Daarom hebben de apostelen door profetische verlichting, dat is door het licht van de heilige Geest, ook verdere openbaring kunnen geven. Daarom kon Paulus ons vertellen wat er straks met onze gestorvenen zal plaatshebben bij de wederopstanding ten laatsten dage. Daarom kon hij de gelovigen van Thessalonica verheid wonen zal. Zo heeft Johannes op Patrnos in de geest heerlijke visioenen ontvangen, ook verschrikkelijke toekomstbeelden. En hij moest opschrijven en teboekstellen wat de Geest tot de gemeenten van Christus te zeggen had. Ook van de toekomst van de Zoon des mensen en de komst van het Godsrijk.
Heel die toekomst-voorzegging is één machtig getuigenis, dat Jezus Christus de Heer is tot heerlijkheid van God de Vader.
Want de getuigenis van Jezus is de Geest der profetie. En die Geest is het, die aan het slot van het laatste bijbelboek met heel de bruidskerk van Christus verlangend uitroept: troosten over Christus' wederkomst. Kom Heer Jezus!
Daarom hebben hij en Petrus en Johannes ons voorbereid op de grote afval, die komen zal in het laatst der dagen, de openbaring van de mens der zonde in de loop der eeuwen, de antichrist, die de Heer straks verdoen zal met de adem van zijn mond., Hoe zouden we anders van al die dingen iets af weten?
Zo heeft Petrus in zijn brieven kunnen spreken over de vernieuwing van hemel en aarde, over de ondergang van deze tegenwoordige wereld en over nieuwe hemelen en een nieuwe aarde waarop gerechtig-
De Geest verheerlijkt de Christus
De heilige Geest is onder ons en in ons komen wonen om de Christus te verheerlijken.
Zo had de Heiland het toch ook belóófd alvorens Hij van zijn leerlingen hier op aarde afscheid nam?
Hij getuigde van Hem, die hen straks zou bijstaan en die Hij van de Vader zenden zou: 'Die zal mij verheerlijken, want hij zal het uit het mijne nemen en het jullie verkondigen' .
staat in dienst van de volheid van Christus. Het was God, die door zijn Geest de Heiland tot zijn middelaarstaak had bekwaamd; Hem heilig deed ontvangen worden in de móéderschoot van Maria; Hem zálfde met de wijsheid; Hem stérkte in zijn lijden; Hem deed triomféren over de machten der duisternis; Hem zegevierend deed ópstaan van tusen de doden; Hem ten hérnel deed varen, zodat de volheid van de Geest nu op Hem rust.
Die Geest neemt nu álles uit Christus om het óns te verkondigen.
Sedert zijn uitstorting op de Pinksterdag in de Jeruzalemse gemeente, doet onze verhoogde Heer in de hemel de verkondiging van ht Evangelie in ambtelijke bediening uitgaan.
Die bediening des Geestes ging met name in de apostolische tijd met grote wónderen en tékenen gepaard. Duivelen werden uitgeworpen, zieken genezen, doden opgewekt.
Zodat de Geest van Christus het Woord gróéien deed en het Evangelie heel die oude romeinse wereld gekerstend heeft.
Die Geest is het, die óók nu nog Christus kostbaar maakt voor de harten van allen die in Hem gaan geloven. Hij opent onze harten, dat wij de Heer Jezus lief krijgen, zodat we belangstelling krijgen voor de boodschap van het Evangelie. Hij past het heilswerk van Christus toe.
HIj werkt het geloof in onze harten.
Hij doet ons toenemen in de genade en kennis van Christus, zodat wij alle zaligheid in Hem gen en ons leven Hem toewijden.
Ja, door de Geest wordt Christus ons álles.
Dat onze kindertjes naar Jezus' naam gaan luisteren; onze jongens en meisjes bij het opgroeien wel in, maar niet ván de wereld wilen zijn, maar lust hebben om ook met elkaar de bijbel te onderzoeken en te bespreken; dat wij in onze gemeentelijke samenkomsten, klein en groot, Gods lof en de eer van Christus mogen zingen, - het is alles vrucht van de levendmakende, wederbarende, vernieuwende, vrijmakende, Christus verheerlijkende H. Geest, die ons reeds in het uur van onze Doop kwam verzegelen, dat Hij in ons wilde wonen en ons wilde toeëigenen wat wij in Christus hebben, namelijk de afwassing van onze zonden en de dagelijkse vernieuwing van ons leven, totdat wij eenmaal met alle uitverkorenen in het eeuwige leven onbevlekt (en hier stopt het artikel opeens…- red.)