Laat eens wat horen
1978-09-01
Korrespondentie over deze rubriek naar: A. W. Biersteker, Fazantenkamp 526, Maarssen (03465-65358) - Jaargang 22
- nummer 32
EVANGELISATIE OP EIGEN TERREIN
Velen zijn de afgelopen 'vakantie'-maanden weer aktief geweest met allerlei vormen van evangelisatiewerk: camping-evangelisatie, vakantiebijbel-scholen, tentcampagnes, evangelisatietrektocht per huifkar of verbouwd binnenschip etc.
In Krommenie is vorig jaar een campagne gevoerd met de eigen pastorie als basis. Bovendien vond het evangeliseren plaats in het eigen dorp.
Dit laatste maakt evangelisatiewerk erg moeilijk: je kunt veel minder 'vanuit de anonimiteit' vertellen over het christen-zijn. Het is heel goed mogelijk dat men je kent, en dat men je aanspreekt op je woorden, dat men je konfronteert met het verschil (althans: een onvoldoende overeenkomst) tussen je woorden en je daden.
Bij evangelieverkondiging buiten je eigen woonplaats loop je dat risiko in veel mindere mate.
Overigens hoop ik dat onderstaande impressie u ertoe aanzet om ook te vertellen over uw bezigheid met evangelisatie ... ter bemoediging en ter opbouw van de gemeente.
Maar nu het woord aan Anja: Een aflevering van het televisieprogramma "Windkracht 16" van de E.O., ± 3 jaar geleden, heeft in Krommenie heel wat aan het rollen gebracht. Dat programma ging namelijk over campingevangelistatie.
Vanuit een grote tent op de camping werd er geëvangeliseerd: kinderdiensten, enquêtes, openluchtzang, etc.
Het idee liet ons sinds die uitzending niet meer los en we spraken erover met onze dominee. Ik moet zeggen dat we echt niet liepen te popelen om iets dergelijks te proberen; nee, we sloften er vaak mee. Het was dat de Here ons zo vaak weer riep doordat b.v. opeens mensen vroegen hoe het nu toch met die campagne was.
De eerstvolgende zomer organiseerden we zelf nog niets .We hielpen mee bij andere evangelisatiecampagnes om "de kunst een beetje af te kijken". Er zijn verschillende organisaties die zich helemaal inzetten voor dat werk. Enkelen van ons hielpen bij een evangelisatiecampagne op een camping. Anderen hielpen mee bij een campagne in de stad. Zodoende konden we na afloop onze, verschillende, ervaringen uitwisselen.
Het volgende jaar, in maart, begonnen we met toestemming van de kerkeraad, de hulp van onze dominee en een gemeente die achter ons stond aan de voorbereidingen.
We vroegen het bestuur van het zwembad of we 's middags mochten zingen op de speelweide.
Het bejaardentehuis vroegen we toestemming voor een bijbelstudie met de bejaarden, etc.
De campagne duurde 2 weken. We hadden medewerkers uit Heerenveen, Breukelen, Wormer, Wormerveer en Krommenie, met elkaar ± 12. Ons centrale punt was het huis van ds Veefkind, daar verbleven we de hele dag.
We begonnen met het ontbijt, daarna gezamenlijk corvee en vervolgens 'stille tijd'. We verspreidden ons dan over het hele huis en namen een half uur om de dag samen met de Here voor te bereiden. Daarna hielden we een gezamenlijke bijbelstudie.
's Middags gingen we in groepjes uiteen met verschillende bestemmingen.
Naar het zwembad: in een groepje gingen we zitten zingen bij de gitaar en verzamelden op die manier kinderen om ons heen, om zó gesprekken met de kinderen te krijgen. Aan de hand van de liedjes, die we ze ook leerden, vertelden we ze gedeelten uit de bijbel. Soms was dat erg moeilijk, er kwam ook 'oudere jongeren', bijv. hakenkruisjeugd.
Enquêtes: we belden huis aan huis aan, vertelden wie we waren en vroegen de mensen een aantal vragen te beantwoorden: eerst algemene vragen en later vragen als: leest u wel eens in de Bijbel? Op die manier ontstonden dan wel gesprekken over het christelijk geloof en het christen-zijn.
Bejaardentehuis: we hielden daar een korte inleiding over een bepaald onderwerp, meestal gevolgd door een discussie. Natuurlijk zongen we ook dáár veel. De mensen stelden dit enorm op prijs.
Zieken- en ander bezoek: dit was eigenlijk gemeentewerk; we bezochten mensen van onze eigen gemeente, wat vaak net zo moeilijk en/of leerzaam was als het andere werk.
's Avonds hadden we vrij, op de woensdagavonden na, dan hielden we telkens een zangavond in onze kerk.
Zaterdagsavonds gingen we naar het strand om daar te zingen en evangeliseren.
Ik weet niet of er door middel van deze campagne mensen bekeerd zijn.
We hebben er weinig of geen contacten aan overgehouden. Het is ook niet belangrijk om dat te weten. Ik geloof zeker dat de Here ons dat werk niet voor niets heeft laten doen.
Wat ik u aan positieve dingen kan vertellen gaat over onszelf. Wij hebben gemerkt, dat je ontzettend verandert, als je zo'n 14 dagen constant met dingen van de Here bezig bent.
Ik verloor een groot deel van m'n schroom om over m'n geloof en over de Here te praten.
Zo wensten we elkaar, telkens als we op weg gingen, de zegen van de Here toe. Tóen was het opeens niet raar om dat te zeggen. We hebben gebeden voor elkaar als we merkten dat iemand dat nodig had. Ik geloof dat we toen met z'n allen een glimp hebben opgevangen van het werkelijke leven met God. Een leven zoals de eerste christenen dat moeten hebben geleid. De Here was merkbaar aanwezig.
Ik weet dat dit echt tijdelijk was, als het langer had geduurd was het waarschijnlijk verwaterd. Maar zó kán het christen-zijn het kind-van-God-zijn beleefd worden en het is geweldig!
Anja Pot,
Europalaan 10, Krommenie