Heilige verdraagzaamheid
1978-10-06
"Laat hem zijn gang gaan".- Jaargang 22
- nummer 37
(Marcus 9: 39a)
We zijn van huis uit geneigd Johannes gelijk te geven, als hij het niet hebben kan, dat iemand de Naam van Jezus gebruikt om duivelen te bezweren, zonder zich bij de discipel kring aan te sluiten.
Waar is Johannes bang voor? Voor konkurrentie? Of voor een eigen bedrijfje naast de officieel erkende christelijke Kerk?
Toen in het kader van de "Heideweek" in Ede op zondag 20 augustus een oecumenische samenkomst georganiseerd werd in het Openluchttheater, was Leiden in last, want het gebeurde niet door de kerken, maar door het bestuur van de "Heideweek" . Terecht stelde toen de voorzitter van dat bestuur de vraag: hebben dan de kerken het monopolie voor het beleggen van dergelijke samenkomsten?
Speelt soms ook niet een rol, dat we het niet goed kunnen zetten, dat ánderen slagen in wat óns niet wil gelukken?
Nog maar kort geleden is het de discipelen niet gelukt een jongen, die aan vallende ziekte leed, van zijn kwaal te genezen. Ze hebben de onreine geest niet kunnen uitdrijven en dat zit ze kennelijk nog hoog. (Marc. 9 : 28).
En nu is er iemand, zonder "kerkelijke papieren", die het zo maar wèl kan! Dat prikt! Zelfs zó, dat ze het de man hebben willen beletten.
Stel u voor! Wat zullen de boze geesten gejuicht hebben! Als deze twist doorgaat (zie ook 9 : 14-16) kunnen zij ongestoord doorgaan met het leven te verderven.
Misschien verbaast het u, dat het deze keer Johannes is, die met een dergelijk protest bij de Meester komt. We zouden zoiets veel meer van de onstuimige Petrus verwacht hebben. Maar niet van "de apostel der liefde".
Maar verkijk u niet op deze ... "zoon der donders", zoals Jezus hem een keer noemde. (Marcus 3 : 17). De apostel der liefde kan ook uit zijn slof schieten. Zou dat trouwens geen kenmerk van de wáre liefde zijn? Een vader die nooit eens uit zijn slof schiet is vast geen goede vader. Hij is te toegeeflijk in zijn halfzachte liefde. De wáre liefde kan uit haar slof schieten, al schiet ze er dan ook wel eens een keer goed naast, zoals Johannes hier.
Want nu moet Jezus hem toch terecht wijzen.
"Laat de man zijn gang gaan", zegt Jezus.
Dacht je nu werkelijk, dat hij vandáág in mijn Naam boze geesten kan uitdrijven en morgen smaad op mijn Naam kan werpen?
"Wie niet tegen ons is, is vóór ons".
Heilige verdraagzaamheid leert Jezus hier zijn discipelen en ons,zolang het blijft binnen de cirkel om Zijn Naam!
Want dáár draait het allemaal om in dit verhaal: om de Naam!
Zie maar 9: 37, 38, 39 en 41. Tot 4 maal toe herhaald en extra onderstreept: in de Naam van Jezus Christus!
In heilige verdraagzaamheid houdt Jezus zijn hand boven het hoofd van een kind, - en van iemand, die in zijn Naam boze geesten uitdrijft, hoewel hij tot nu toe zich niet heeft aangesloten bij de discipelkring; en ook boven het hoofd van iemand, die een beker koud water in de Naam van Jezus geeft aan een volgeling van Jezus (vers 41). Meer niet. Simpel weg alleen maar een beker koud water. "Ik zeg u dat hem zijn loon voorzeker niet zal ontgaan".
Wat wil Johannes eigenlijk? En wat willen wij? Alles ineens? Alles direkt? Alles naar ons (kerk)model?
Wat willen wij? Is bij ons het "volgen van ons" meer dan dat we iets zien doen "in zijn Naam"? Is de omtrek meer dan het middelpunt van de cirkel?
Waarom gáát het eigenlijk bij de voortgang van het Koninkrijk: wij of HIJ?
Ja maar heeft Jezus zelf dan niet bij een andere gelegenheid gezegd: "Wie niet vóór Mij is, is tegen Mij"? (Matth. 12 : 30). En voelen we ons bij dat "strenge" woord van Hem niet beter thuis dan bij dat "slappe" woord uit Marcus 9?
Toch zullen we niet mogen kiezen.
Maar wel moeten onderscheiden.
Om te beginnen spreekt Hij de ene keer van Zichzélf en de andere keer van "ons" en dat is zoals we zagen nog niet zonder meer altijd hetzelfde. Al is het ook weer zo, dat - als het mooi is - Jezus zichzelf bij "ons" insluit. Maar daarom sluit Hij nog niet uit wie zich bij de "groep" nog niet heeft aangesloten.
En vervolgens is er verschil in situatie. In Matth. 12 keert Jezus zich tegen de keiharde afwijzing van de Farizeeën. In zijn strijd met de boze geesten staan zij niet achter Hem, ia ze lasteren de Heilige Geest, door Wien Jezus boze geesten uitdrijft. Ze zijn slechter dan hun eigen zonen, die tenminste ook de strijd tegen het rijk der duisternis hebben aangebonden; daarom zullen zij rechters over u zijn, zegt Jezus. Wie bij deze openlijk ontbrande strijd vol kritiek aan de kant blijft staan heeft voor de vijand gekozen, al denkt hij neutraal te kunnen blijven en de kat uit de boom te kunnen kijken. De "kat"
heeft hem gauwer te pakken dan hij denkt. Ieder moet in déze situatie nu kiezen, en wie nu niet aan Jezus' kant zich schaart tegen de duivel, die is tégen Jezus.
Maar de man van Marcus 9 is bezig in de Naam van Jezus boze geesten uit te drijven, - hij heeft zich in dezelfde strijd geworpen als Jezus.
Zij het om zo te zeggen niet georganiseerd.
Maar dát is momenteel van later zorg. Hij is niet tegen en dat is al veel gewonnen. Hij is "voor Jezus" en straks wellicht ook "met ons". Geduld maar. Keulen en Aken worden ook in de Kerk niet op één dag gebouwd.
Tenslotte nog dit: 't Zal nog te bezien staan. wie hier eigenlijk radicaler uit de hoek komt, Johannes of Jezus. Je zou zeggen: Johannes. En Jezus komt in zijn verdraagzaamheid wat "slap" over.
Maar ... zoals zo vaak ... deugt ook deze keer het dilemma niet.
Jezus is volstrekt niet minder radicaal dan Johannes, ja Hij zet nog scherper de puntje op de dan zijn apostel.
Want de radicaliteit van Johannes gaat niet verder en dieper dan de "kring". Maar is het daar nu mee klaar, als je je maar bij de "kring" hebt aangesloten? En binnen de Kerk opereert?
En Judas dan?
Maar Jezus' verdraagzaamheid tegenover mensen, die (nog) niet zich bij de "kring" aansloten, komt op uit zijn diepe radicaliteit t.a.v. het voor of tegen HEM zijn. Dáártussen zit niets, tussen dit voor of tegen zijn. En juist omdat er geen ruimte zit tussen dit voor of tegen Jezus zijn, kan Hij "kerkelijk" zo'n ruim standpunt innemen.
De kerkelijk-radicalen versluieren de diepste antithese, in de relatie tot Jezus. Geef u gewonnen aan deze heilige verdraagzaamheid van onze Heer.
En geef ieder de ruimte, die "ergens" in de Naam iets goeds doet, voor Jezus en tegen de Boze.