Een heel groot
2012-10-26
Wij gelóven de kerk als Christus’ lichaam op aarde, en zíen een gebouw, een groep mensen, een instituut. De binding daaraan wordt in onze tijd door allerlei oorzaken steeds losser en vluchtiger.- Jaargang 56
- nummer 21
Vier redacteurs van Opbouw en De Reformatie beschrijven in dit artikel hun motivatie om de gezamenlijke Special dit jaar te wijden aan het thema: de kerk.
De kerk – ik zie een heel groot plein met in het midden een kruis.
Rond dat kruis lopen mensen, heel veel mensen. Sommigen staan stil, anderen zijn in beweging. Er zijn er die richting het kruis lopen, hand in hand soms, maar je ziet er ook die maken dat ze wegkomen. Mensen wijzen elkaar op het kruis, ontroerd of verbijsterd. Het geeft gepraat en discussie.
Zo ongeveer is het plaatje van Jim Petersen in zijn boek Kerk zonder muren.
Ergens zou je om die mensen een muur kunnen tekenen en dat kerk noemen, schrijft hij. Beweeglijker kun je de kerk niet schetsen. Wel lastig trouwens om precies de grenslijntjes te bepalen, als al die mensen zo heen en weer lopen.
En mocht je muren gaan bouwen, niet te hoog dan, zodat je wat oog houdt op dat grote plein – en zelf ook een beetje in het zicht blijft!
Het kruis staat dus in het centrum van dat plein vol mensen. Dat wil zeggen: de dood in het midden, en het lijden.
Dat is altijd al confronterend geweest in het verhaal van het kruis. Tot op de dag van vandaag, en zeker voor de noordwesthoek van dat plein, waar mensen meer genieten dan lijden en waar het is gelukt om de dood een beetje uit het zicht te houden – een beetje maar natuurlijk, want helemaal zal wel niet lukken.
Het verhaal gaat dat het kruis ten diepste een offer was en ook nog eens van goddelijke allure. Het was het enige wat overbleef om mensen te resetten richting God... en elkaar, zo wordt gezegd, omdat er zo mateloos veel mis is en de schade onherstelbaar. Dat is al zo tussen mensen onderling, en wie zal zeggen hoe dat zit richting God? Als mens krijg je maar weinig grip op dat verhaal van het kruis; de gevolgen zijn vanuit ons perspectief ook niet goed te overzien.
Op dat grote plein is de kerk soms niet veel meer dan wat ruimte binnen een krijtlijn. Maar nooit zonder dat ongebruikelijke verhaal van Jezus.
Een verhaal dat – hoe vreemd ook op het eerste gezicht – aan alle kanten matcht met vandaag en met mij.
Leven en dood, geluk en ongeluk, de miskleun met zijn lange staart, offer, lijden en herstel, elke dag is er vol van.
In de kerk hoor je dat je met die misère niet achtergelaten wordt in de lange leegte van dat plein. God is er mee bezig en Hij doet dat vóór jou en onvoorstelbaar veel anderen. Daarom staat dat kruis midden op dat grote plein. Sterker nog: Hij doet het mét jou en al die anderen. En daarom zie je zoveel mensen rond dat kruis. In aanbidding, al zijn er ook die mopperend en vloekend weglopen. Wacht maar, misschien krijgt Hij je nog wel, denk ik dan. En jou en mij en ...
God heeft de tijd tot in eeuwigheid.
Dromen over de kerk doe ik niet zo veel. Wel over dat rijk dat aan het komen is. Alle dingen nieuw! En tot die tijd ben ik te vinden op dat grote plein met al die mensen, en blijf ik dicht in de buurt van het kruis van Jezus. Van harte! Gelukkig ben ik niet in mijn eentje. Als het helpt, mag er van mij een muur omheen.
En dan heb je zo ongeveer waar het in dit themanummer om draait: kerk zijn tussen mensen en muren!
Gewoon wordt anders.
Freddy Gerkema is predikant van de NGK van Amersfoort-Noord en redacteur van Opbouw.