De tussengeneratie

2012-10-26
  • Jaargang 56
  • nummer 21
In sommige kerken zijn de twintigers en dertigers er al niet meer. In andere kerken lijken ze langzaam te verdwijnen. Soms zijn daar demografische redenen voor, maar vaak zijn de oorzaken zo complex dat je het niet met iets simpels kunt oplossen.
Toch zijn er wel dingen die je wel of juist niet moet doen om twintigers en dertigers te bereiken en te binden.
Om deze do’s en don’ts boven tafel te krijgen, kijken we naar een aantal (stads)kerken waar deze leeftijdsgroep bijzonder goed is vertegenwoordigt. Dat doen we door de bril van het onderzoek Young Urban Protestants, waarvoor een aantal kerken binnen de Protestantse Kerk in Nederland zijn onderzocht.
De volgende selectieprocedure werd daarvoor gehanteerd: minimaal vijftig procent van de volwassen betrokkenen diende tussen de 20 en 35 jaar te zijn.
Vijf kerken binnen de Protestantse Kerk in Nederland bleken aan dit criterium te voldoen. Wat direct opvalt, is dat het vijf kerken zijn die in de meer orthodoxe hoek van de Protestantse Kerk in Nederland zitten. In dit artikel destilleren we vanuit dit onderzoek ‘tien geboden’ – ook voor kerken buiten de (Rand)stad.

1 Gij zult een goed verhaal bieden
Een van de duidelijkste uitkomsten van het onderzoek betrof de preek. Uit de circa honderd enquêtes onder betrokken leden van de vijf onderzochte kerken en de gesprekken met de voorgangers van de vijf gemeenten bleek dat jonge mensen graag willen dat het ergens over gaat in de dienst. Ze zoeken geen gemakkelijke, licht verteerbare en oppervlakkige boodschap. Sterker nog, de weerbarstige kanten van het evangelie móeten aan de orde komen.
Belangrijk is echter wel dat de link gelegd wordt naar het leven van vandaag.
De twintigers moeten er iets mee kunnen in het leven van elke dag.

2 Gij zult ruimte geven
Een helder geluid vanaf de kansel is dus gewenst. Dat betekent echter niet dat er precies voorgeschreven moet worden wat wel en niet mag. En als dat al gezegd wordt, dan moet er ook ruimte zijn om er anders over te denken of andere keuzes te maken. Uit de enquête bleek dat de betrokkenen hele verschillende opvattingen hadden over thema’s als schepping en evolutie, homoseksualiteit en samenwonen/trouwen. De vijf onderzochte gemeenten waren blijkbaar in staat om ruimte te bieden op deze thema’s, zonder direct grijs te worden.

3 Gij zult niet alleen bezig zijn met uw eigen ding
Twintigers en dertigers raken graag betrokken bij een kerk die zich inzet voor de omgeving. Een kerk die zich alleen druk maakt om zichzelf (en haar gebouw, programma, financiën, etcetera) is absoluut niet aantrekkelijk voor twintigers en dertigers – en evenmin Bijbels, maar dit terzijde. Het is niet zo dat twintigers en dertigers zich massaal inzetten voor diaconale en missionaire activiteiten (een behoorlijk deel echter wel!), maar ze vinden het wel belangrijk dat hun kerk haar best doet om de buitenwereld te bereiken en/of te dienen.


4 Gij zult een twintiger de eerste keer niet afschrikken
Voordat ze echt betrokken raken bij een gemeente kijken jonge mensen vaak eerst de kat uit de boom. Ze vragen zich af of ze welkom zijn, of er een plek voor hen is, of ze leeftijdgenoten kunnen ontmoeten, of de sfeer goed is, of ze zich herkennen in de diensten enzovoort. Vaak gaan deze mensen ook eerst een aantal kerken bezoeken voordat ze een keuze maken. Als mensen eens op een zondag gaan kijken bij een gemeente is het verstandig om ze op een goede manier welkom te heten.
Helaas gebeurt het nog wel eens dat nieuwe mensen nauwelijks aangekeken worden.
Het tegenovergestelde gebeurt echter ook, zoals ik laatst hoorde van een (zoekende) dertiger die de eerste keer direct zo’n beetje verantwoordelijk werd gemaakt voor de kindernevendienst omdat ze toevallig met kinderen werkte.
Een beetje een prettig welkomstbeleid is dus welkom.

5 Gij zult een thuis bieden
Het lijkt in tijden van hyperindividualisme misschien niet zo voor de hand liggend dat mensen een gemeenschap zoeken; toch zoeken jonge mensen dat juist wel: een plek waar ze mensen kennen en waar ze gekend worden; een plek waar ze zich thuis voelen en gewoon mogen zijn wie ze zijn. Daarvoor hoeft de hele gemeente niet uit mensen van dezelfde leeftijd te bestaan, maar het helpt wel als er een groep is waar ze ook met leeftijdsgenoten kunnen zijn en bijvoorbeeld een kring kunnen vormen.

6 Gij zult twintigers niet pamperen
Het helpt niet als ouderen bij wijze van entertainment allerlei dingen gaan doen voor twintigers en dertigers.
Twintigers en dertigers zijn volwassen mensen die ook in de samenleving voor vol worden aangezien. Je moet ze naar hun gaven benaderen en zelf dingen laten vormgeven. Ga ze niet verzorgen of naar hun pijpen dansen. Jonge mensen hebben misschien een eigen benadering nodig, maar ze zijn niet belangrijker dan andere groepen. Ga ze dus niet pamperen, maar daag ze uit. Want een schop onder hun kont kunnen twintigers/ dertigers wel eens gebruiken om tot commitment te komen.

7 Gij zult niet verwachten dat ze uw gaten opvullen
‘Kom ga met ons en doe als wij,’ is soms de verwachting die oudere generaties hebben van jonge mensen. Oudere generaties hopen dat de jonge mensen de vacatures gaan opvullen, zodat het kerkelijk bedrijf gewoon kan blijven draaien. Jonge mensen zien het vaak helemaal niet zitten om ‘gatenvullers’ te zijn, vaak terecht, want die vormen van dertig jaar geleden werken lang niet altijd meer. Het gaat niet om een meer dan gevuld activiteitenrooster. Als je jonge mensen wilt betrekken, laat ze dan ook zelf met initiatieven mogen komen en durf ook eens met dingen te stoppen.

8 Gij zult een open en verzorgde liturgie bieden
Op het vlak van de liturgie worden hevige discussies gevoerd. Nog vaker gebeurt het dat mensen wegblijven omdat de vormgeving van de dienst hen niet aanstaat. Dat komt misschien doordag we sommige vormen of tradities heilig hebben verklaard. Twintigers en dertigers willen heus niet alles anders; dat zijn de tieners die dat willen. Maar twintigers en dertigers willen wel ruimte voor liederen in verschillende stijlen en uit verschillende periodes.
Het mag wat informeler en er kunnen best meer talenten worden ingezet dan alleen die van de organist.

9 Gij zult twintigers en dertigers toerusten hoe te leven als christen
In de enquêtes werden de volgende twee thema’s het meest aangekruist: Jezus Christus en leven als christen – daar moet het over gaan in de kerkdiensten en op de kringen. Daar zoeken twintigers en dertigers naar: concrete invulling van het geloof in Jezus Christus voor het leven van elke dag. Een gemeente zou deze twintigers en dertigers daarbij moeten helpen.

10 Gij zult geloof hebben
Als een gemeente of haar leiding er zelf niet meer in gelooft, dan kan ze ook niet verwachten dat jonge mensen zich voor haar zullen inzetten. Visie en verwachting – als dat er is, dan willen jonge mensen daar zijn.

Een gemeente/kerkenraad doet er verstandig aan om rekening te houden met deze ‘tien geboden.’ Toch is het ook geen kwestie van je aan de juiste regels houden. Er is maar bijzonder weinig maakbaar en al helemaal niet in Gods gemeente. De opbouw van de gemeente – ook met en voor en door twintigers en dertigers – is een zaak van Gods Geest. Dat wil niet zeggen dat wij niet ons voordeel kunnen doen met uitkomsten van een onderzoek als dit.
Ook in het licht van de Bijbel zijn deze geboden te verantwoorden; alleen bij het tweede gebod moet duidelijk zijn waardoor de ruimte begrensd wordt.
Daarom zou ik gemeenten willen oproepen deze geboden serieus te nemen – op hoop van zegen.

Op www.uitonverwachtehoek.nl is meer te lezen over het onderzoek en is ook een link te vinden naar het gehele onderzoek. Via www.izb.nlis het magazine Young Urban Protestants op te vragen.

Ds. Niels de Jong (1980) werkt als predikant-pionier bij Noorderlicht, een missionair initiatief in Rotterdam-Noord binnen de Protestantse Kerk in Nederland.
Daarvoor heeft hij vijf jaar gewerkt bij De Samaritaan, een bestaande wijkgemeente in Rotterdam.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief