Godshuizen

2012-10-26
  • Jaargang 56
  • nummer 21
Bij het woord ‘kerk’ denk ik allereerst aan het kerkgebouw. Dat is niet omdat wij als NGK nu over zoveel mooie kerkgebouwen beschikken, maar ons land wel! Wat zijn de grote stadskerken van Zutphen, Deventer en Kampen toch imposante blikvangers - zeker vanaf de oevers van de IJssel gezien. Wat kun je binnen zulke godshuizen onder de indruk raken van de ijle hoogte van de gewelven, de rijzige pilaren waarop ze rusten en het serene licht dat door de hoge ramen valt. Wie wordt daar nu niet stil van? En zo hoort het ook: wij horen stil te zijn, want God heeft het eerste Woord (Gezang 1).
Ook veel kleinere middeleeuwse kerken, die als bakens van geloof boven de vlakte van onze kustprovincies uitsteken, kunnen mij bekoren. Aan de buitenkant is vaak te zien dat ze de eeuwen hebben getrotseerd. Vanbinnen kan zowel de eenvoud als de rijke detaillering overrompelend zijn. Met verbazing kijk ik rond en vraag ik mij dikwijls af hoe een kleine dorpgemeenschap toch zo’n prachtige kerk heeft kunnen bouwen. Alleen al door het verblijf in zulke kerken word ik bemoedigd in mijn geloof. Hoe klein de kerk ook is, duizenden mensen zijn mij voorgegaan. Ze hebben er hun vreugde beleefd, hun verdriet gedeeld.
Met grote zorgen kwamen ze naar binnen, met Gods zegen kwamen ze weer buiten. Pas in zulke kerkgebouwen dringt het echt tot mij door dat ik maar een klein schakeltje ben in de lange keten van gelovigen die samen ‘De kerk van alle plaatsen en tijden’ vormen. Hoe ontroerend mooi onze romaanse of (neo)gotische godshuizen ook kunnen zijn, ik weet ook wel dat God er niet woont. Hij woont immers niet in creaties van versteend geloof, maar in die van levend geloof: in ons.
En daar ben ik niet minder van onder de indruk.

Robert van Lente woont in Almelo en is lid van de NGK van Nijverdal.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief