Balanceren tussen actie en reflectie

2012-11-10
  • Jaargang 56
  • nummer 22
De gereformeerde traditie was altijd goed voor introverte mensen. Nu erediensten veranderen en gemeenten ‘evangelischer’ worden, dreigen zij echter op de achtergrond te raken. Wat kunnen we doen om extraverten en introverten samen te laten zingen en dienen in de kerk? Otto Selles komt met vijf ideeën.

Ik voel me regelmatig schuldig na afloop van de kerkdienst. Het ligt niet aan de preek, het is het koffiedrinken na de dienst waar ik me niet lekker bij voel. Ik wacht meestal aan de rand van een groep en probeer dan met een persoon te praten. Als dat niet werkt, trek ik me terug bij de boekentafel, waar ik altijd wel iemand tegenkom die ik goed ken. En anders is er wel een goed boek om me gezelschap te houden.
Ik voel me dan schuldig omdat ik van de kudde afgedwaald ben. Zou het niet gemakkelijker voor mij zijn om me met wat ellebogenwerk een weg te banen door de menigte in mijn kerk en me in het gesprek te mengen?
Volgens Susan Cain in haar onlangs verschenen boek Quiet: The Power of Introverts in a World That Can’t Stop Talking zou ik me niet zo schuldig moeten voelen. Ik vertolk waarschijnlijk de gevoelens van 30 tot 50 procent van de bevolking. Psychologen noemen ons introvert.

Extravert ideaal
Cain omschrijft een introvert persoon als iemand die een ‘voorkeur heeft voor een omgeving die niet al te druk is’. Daartegenover staat een extravert persoon, die ervan houdt om zich in een groep te bewegen en die energie krijgt van voortdurend bezig zijn.
Op het werk hebben introverte mensen de neiging om langzaam en gestaag bezig te zijn. Extraverte mensen daarentegen zijn voortdurend aan het multitasken. Het is waar dat introverte personen verlegen kunnen zijn, maar ze hebben geen hekel aan mensen. De introverten onder ons geven de voorkeur aan een rustige omgeving, een gesprek met een paar mensen, en hebben tijd nodig om na te denken voordat ze hun mond open doen.
Cain zegt dat onze hedendaagse economie en individualistische cultuur het ‘extraverte ideaal’ propageren, een persoonlijkheidstype dat gebaseerd is op het model van de verkoper die je diep in de ogen kijkt en met vertrouwenwekkende warmte spreekt over een nieuw product. Dat ideaal zorgt er op zijn beurt voor dat we de ideale leider zien als een charismatisch persoon, die gezegend is met de capaciteit om snel te beslissen en effectief te communiceren.
Introverte mensen zijn daartegenover vaak het meest creatief als ze alleen werken en gaan pas samenwerken als ze een mooi resultaat hebben om te delen. Denk eens aan Steve Wozniak, die bij Hewlett-Packard werkte en deel uitmaakte van een computerclubje, maar de originele Apple-computer in z’n eentje heeft uitgevonden.
Cain merkt ook op dat rustige, kalme, introverte mensen als Rosa Parks (voorvechtster van de Amerikaanse burgerrechten voor zwarten in de jaren ‘50) en Mahatma Gandhi (geweldloos activist in de Indiase onafhankelijkheidsstrijd) een moedig zelfbewustzijn hebben ontwikkeld dat weigerde te wijken.

Schaamte
Als ik Cains boek lees, verbaast het me dat er nog iemand extravert zou willen zijn. Cain vertelt van het gesprek dat ze heeft gehad met Adam McHugh, een voorganger die uitgebreid heeft geschreven over introversie binnen de kerk. McHugh zegt: ‘De evangelische cultuur verbindt extraversie met geloofstrouw. De nadruk ligt op de gemeenschap, op deelname aan telkens maar meer programma’s en evenementen, op het ontmoeten van meer en meer mensen.’ Als gevolg hiervan krijgen veel evangelische introverte mensen – en voorgangers – een gevoel van schaamte en spiritueel tekortschieten als ze niet net zo bezig, betrokken of uitgesproken zijn als andere kerkleden.
Dankzij de focus op kennis van de kerkleer, een kalme, geordende dienst en allerlei commissies die achter de schermen werken, is de gereformeerde traditie altijd goed geweest voor introverte mensen. Maar is het niet zo dat, nu de stijl in de eredienst aan het veranderen is, de introverte leden onder ons zich steeds minder thuis voelen of zelfs de kerk verlaten?
En is het ook niet zo dat de extraverte gereformeerden vinden dat de kerk nog een lange weg te gaan heeft?
Ik begon me af te vragen hoe ik meer betrokken kon raken bij het kerkelijke leven. Wat zou zowel introverte als extraverte gereformeerden kunnen helpen om samen te zingen en te dienen in de kerk? Hieronder volgen enkele ideeën.

1. Zet je eroverheen
Beste mede-introverte, als je maag zich omdraait bij de gedachte aan meedoen aan bijvoorbeeld een gemeenteretraite, vraag jezelf dan eens af of dit wordt veroorzaakt door angst (bang om voor de groep te moeten preken, om ‘te veel’ te moeten delen?) of doordat je denkt dat je de tijd beter alleen kunt doorbrengen. Het kan zijn dat je je introversie gebruikt als een makkelijk excuus om niet mee te hoeven doen aan kerkactiviteiten. De retraite is misschien niet jouw ding, maar wat dan wel?
Het advies van Cain is hierbij bijzonder nuttig: ‘Zorg dat je uitvindt wat jij aan de wereld zou moeten bijdragen en zorg ervoor dat je dat doet. Als dat betekent dat je voor een grote groep moet spreken of moet netwerken of andere activiteiten moet ontplooien waar jij je ongemakkelijk bij voelt, doe ze dan toch maar.’ Zoek dus iets binnen de kerk om mee bezig te gaan. Bedenk dat de reden ervoor belangrijker is dan jouw aarzeling en vertrouw op de leiding van de Heilige Geest.

2. Introverte voorgangers
Heb je ooit de ervaring gehad dat een voorganger geweldig preekte over de christelijke gemeenschap, maar dat hij, wanneer je met hem aan de praat raakte na de dienst, ineens ver weg en afstandelijk leek? Realiseer je dan dat je voorganger waarschijnlijk een introvert type is en dat de preek tot stand is gekomen door een enorme hoeveelheid reflectie en concentratie. Respecteer deze investering met wat tijd en ruimte: stuur een kaartje, een e-mail of een uitnodiging om koffie te komen drinken. Voor de extraverten onder ons: besef dat veel introverte mensen heel goed zijn in spreken, preken, onderwijzen en schrijven – gebieden waar de omgeving, in de woorden van McHugh, ‘onder controle’ is. Als zo’n omgeving verdwenen is, dan kan de charismatische spreker of de van zelfvertrouwen blakende schrijver ineens onverwacht houterig worden.

3. Introverte jeugd
Waar denk je aan bij de woorden ‘activiteiten voor de jeugd’? Een uitje vol dienstbetoon, uitgenodigde sprekers, groepsdiscussies of bijzondere excursies?
Bedenk dat de jeugdgroep niet aan iedere jongere is besteed. Cain waarschuwt ouders tegen het dwingen van introverte kinderen om ‘uit hun schulp te kruipen’ door van ze te eisen dat ze meedoen aan een groepsactiviteit. Je kunt rustige kinderen beter hun gang laten gaan en hen aanmoedigen hun eigen passies te ontwikkelen, wat hen beter helpt om meer vertrouwen te krijgen in een grote groep. Hetzelfde advies geldt voor het leiden van jeugdgroepactiviteiten: wissel grote evenementen af met discussies in kleine groepen.

4. Balans in de eredienst
Ik ben geen grote fan van het handen schudden met de rij voor of achter me aan het begin van de dienst of van gebaren doen bij kinderliedjes.
Mijn persoonlijke versie van een liturgische dans is beperkt tot het opstaan en weer gaan zitten. Ik ben echter wel blij dat ik soms bij het zingen uit mijn introverte comfortzone wordt gehaald.
Op dezelfde manier zouden mensen die een sterke voorkeur hebben voor een hoog energiegehalte tijdens de dienst moeten nagaan of zij niet het ‘extraverte ideaal’ najagen. Als dat zo mocht zijn, voeg dan tijd in voor contemplatie, reflectie en liturgische gebeden. Of meng moderne opwekkingsliederen met traditionele psalmen en gezangen.

5. Conflicten oplossen
Als kerkleden het oneens zijn, kan de oorzaak daarvan wel eens meer bij het botsen van karakters liggen dan bij een conflict over theologie of missie.
Stel je voor, er is een vergadering waar de extraverte mensen luid spreken, terwijl hun introverte broeders en zusters niets zeggen. De laatsten gaan dan naar huis en verzenden een mailtje over het bazige gedrag van de extraverte leden. Die klagen op hun beurt meteen dat de introverte mensen hun mond niet hebben opengedaan op de vergadering.
Beide partijen voelen zich gekrenkt en weigeren een compromis. Met andere woorden: extraverte personen moeten leren luisteren en introverte personen moeten leren praten.

Of je nu introvert of extravert bent – of daar nog nooit over hebt nagedacht – we kunnen waarschijnlijk allemaal instemmen met het idee van Susan Cain dat we ‘een balans moeten vinden tussen actie en reflectie’.
Zo’n balans is echter niet makkelijk te vinden. Denk eens aan Mozes, die eerst een brandende braamstruik moest tegenkomen voordat hij wat vuur in z’n kleren kreeg. Of aan Petrus, aan wie drie keer verteld moest worden eerst te denken en dan pas te spreken. Of aan Jezus, die voor enorme menigten preekte (wat een extravert persoon!) maar ook iedereen achterliet om veertig dagen alleen in de woestijn door te brengen (wat een introvert persoon!).
Dus, introverte broeders en zusters, neem vol vertrouwen deel aan het koffiedrinken na de dienst. En extraverte broeders en zusters, ga ook eens kijken bij de boekentafel.

Dit artikel is afkomstig uit The Banner, het officiële tijdschrift van de Christian Reformed Church in Noord-Amerika.

Studievragen
• Ben je introvert of extravert? Hoe weet je dat? Is het nodig om een dergelijk onderscheid te maken? Waarom?
• Als je introvert bent, waar worstel je dan mee? Welk idee of welke zin in dit artikel heeft je wat inzicht in je eigen karakter gegeven?
• Als je extravert bent, welk idee of welke zin in dit artikel helpt je om mensen te begrijpen die ‘een voorkeur hebben voor een niet al te drukke omgeving’?
• Wat zou jouw bijdrage aan de wereld moeten zijn? Heb je een manier gevonden om dit vorm te geven binnen je eigen karaktertype? Hoe?
• Hoe kan een kerk die focust op extraversie de introverte leden bedienen, met name de jeugd? Waar moeten we aan denken bij het maken van onze programma’s?
• Hoe kan jouw kerk bevorderen dat extraverte mensen gaan luisteren en introverte mensen zich leren uit te spreken?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief