THE EXORCIST
1975-02-14
" ... de duivel toonde Hem al de koninkrijken der wereld ... en zeide tot Hem, dit alles zal ik U geven, indien ... "- Jaargang 19
- nummer 7
"The exorcist", zo heet een geruchtmakende film, die ik niet gezien heb. Volgens de recensies was het een lor.
Maar een woord dat onder ons nauwelijks bekend was, herkennen we nu meteen: een exorcist is een duivelbanner.
Heidense volken kennen de figuur van de duivelbanner. Een man, zeer uitzonderlijk uitgedost en opgedoft, die, onder het uiten van vervaarlijke kreten en met wild zwaaien van armen en benen, de duivels verdrijft. Ik kan ook zeggen: de ziekte verdrijft. Want hij wordt geroepen wanneer iemand ernstig ziek is. Ziekte komt toch van de duivel?
De roomse kerk heeft ook altijd het "exorcisme" gekend. De priester past het toe wanneer boze geesten verdreven moeten worden.
Formules, handoplegging, het luiden van de klokken, dat moet allemaal meehelpen om de duivel op de vlucht te jagen. Op het Friese platteland was het nog tot, voor kort de gewoonte om met de dode drie keer de omgang te maken rondom de kerk, onder klokgelui. Een oude onderwijzer heeft mij eens verteld dat hij, toen hij als onderwijzer was aangesteld, op zeer jeugdige leeftijd, ook verplicht was om 's nachts bij een dode te waken, als die nog "boven de aarde" stond en de meester moest dan doorlopend luidop uit de bijbel voorlezen; het deed er niet toe wát. Gods Woord zou de duivel op de vlucht jagen.
Maar vanwaar de deining rondom de film "The exorcist"? Wel, die opschudding zou er niet geweest zijn wanneer het ging om een historische film, bijvoorbeeld over heksenprocessen in de middeleeuwen.
Nee, het "exorcisme" is volop in de belangstelling en in diskussie. Daardoor vlammen de emoties op, want de vragen worden nu weer heftig gesteld; vooral door onze jongens en meisjes. Mist de kerk niet iets? Waar zijn de Geestesgaven gebleven? Wat zeg je van het slot van het Evangelie van Marcus? "In mijn naam zullen de gelovigen boze geesten uitdrijven " op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen genezen worden ... "
Of is het slot van Marcus' boek misschien een apokrief bijbelgedeelte?
Het staat immers tussen haken! Maar kan het ook zijn, dat het in bepaalde oude handschriften niet voorkomt omdat men al vroeg geen raad wist met wat daar als uit Jezus' mond wordt opgetekend? Dit zijn zo de vragen die gesteld worden.
Ze zijn ook opgeworpen in een vergadering van onze kerkelijke "regio". Wij gebruiken het latijnse woord “classis" niet meer, maar hebben het vervangen door "regio". Dat is ook latijn, maar althans een bekend woord voor heel het nederlandse volk. Het verschil met de vroegere "classis" ligt niet alleen in de nieuwe naam. maar ook in de werkwijze.
We kunnen nu eens een hele avond met elkaar spreken over een "onderwerp" dat in de kerken begint te leven. De gasten denken en spreken met ons mee, soms ook gasten uit andere kerkelijke formaties. Zo hebben we dan in onze "regio" een discussie gehad aan de hand van het boek van dr K. J. Kraan, "Opdat u genezing ontvangt". Dat boek heeft als ondertitel: "Handboek voor de dienst der genezing" en het is uitgegeven door Gideon in Hoornaar.
We voelden met zijn allen wel de moeilijkheden, die er liggen op het terrein van "handoplegging" en "exorcisme". Het exorcisme immers veronderstelt dat de duivel macht heeft. Vervolgens veronderstelt het, dat die macht gebroken kan worden. Hoe, dat is vers twee.
Maar over het eerste punt kun je al diepgaand met elkaar spreken.
Heeft de duivel werkelijke en grote macht? Je bent allemaal bang voor het "dualisme". Daar zit het woord "duo" in, dat betekent: twee. Het dualisme is op het gebied van de theologie de leer, dat er twee machten zijn, die elkaar bestrijden. De macht van het goede en de macht van het kwade. Gods macht en de macht van de duivel. Schilder heeft daar indertijd aandacht aan besteed. toen hij over de namen van de satan schreef. In 1929 verscheen zijn boek: "Tusschen Ja en Neen". Daarin staat een hoofdstuk over de naam, die de duivel draagt in het Evangelie naar Johannes: "overste van deze wereld".
Schilder vestigt er de aandacht op, dat er niet staat: overste van de wereld, maar overste van déze wereld. Hij betoogt verder, dat "overste" een ondergeschikte functie is. Schilder's manier van uitleggen kan mij op dit punt niet meer bevredigen.
Want als de duivel aan onze HeiIand al de koninkrijken der aarde toont en hun heerlijkheid en dat alles aan Jezus als een geschenk aanbiedt, op voorwaarde, dat Jezus hem, de duivel, te voet valt, dan moet dat toch een werkelijke verzoeking zijn geweest. De Here Jezus gaat immers serieus op de woorden van de duivel in. Dat zou Hij niet gedaan hebben, als de satan niets aan te bieden had.
Dan zou de Here Jezus tegen de duivel gezegd hebben: “Maak het nou; jij hebt over de hele aarde niets te vertellen en je wou Mij aanbieden wat je niet eens hebt?"
Als de duivel niet werkelijk de overste van deze wereld was. had die verzoeking geen zin. Christus zou dan door die woorden heengeprikt hebben en ze zouden als een dunne ballon inelkaargeschrompeld zijn. De duivel zou meteen voor schut gestaan hebben.
Wij hebben wel eens moeite met de verzoekingen in de woestijn".
Het lijkt zo maar een spiegelgevecht.
Want de Here Jezus kón toch niet zondigen en waren de verzoekingen wel ècht voor Hem?
Want er staat toch geschreven: "zo vaak iemand verzocht wordt, komt dit voort uit de zuiging en verlokking van zijn eigen begeerte?" (Jakobus 1 : 13. 14). We kunnen ons moeilijk voorstellen dat Christus werkelijk moeite heeft gehad met de suggesties van de duivel. Toch moet het een zware verzoeking zijn geweest. Die zal ook hierin gelegen hebben, dat de satan een werkelijk aanbod deed.
Dat hij inderdaad iets te bieden had. Wij onderschatten zijn macht.
Christus deed dat niet. De duivel onderschatte zijn Tegenstander uiteraard ook niet. Hij kwam niet met hol gezwets, maar meteen aantrekkelijk voorstel. Waar heel wat in zat. Meer dan wij ooit vermoeden of ons voorstellen kunnen.
Maar onze Heer heeft geweigerd te knielen voor de duivel. Hij heeft gezegd, dat Hij alleen God wilde dienen. Toen week de satan van Hem.
Later heeft de Here Jezus door Zijn machtswoord vele duivelen uitgeworpen. Zoals bijvoorbeeld in de synagoge van Kapernaüm.
Daar zat een man met een onreine geest. Wie weet hoeveel jaren die man al trouw naar de synagoge ging. Niemand had last van hem.
Hij kon rustig indommelen als de locale rabbi zijn preekje leuterde.
Dat werd anders toen Jezus sprak.
Die leerde als gezaghebbende en niet als de schriftgeleerden. (Marcus 1 : 22) En toen schreeuwde die man het uit.
Maar zowel in Kapernaüm als op de hoge berg van de verzoeking, begint de nederlaag van de duivel wanneer de Here Jezus dient, gehoorzaam is, Gods Woord spreekt. Met het uitbannen van de duivel maken we een goed begin..
wanneer we Gods geboden doen en op Gods beloften vertrouwen.
Daar hebben we voorlopig de handen vol aan. Wanneer we over het exorcisme praten, moeten we deze eerste les niet overslaan. Anders raken we geheel en al in de verwarring.