Ontvankelijk?
2012-11-24
De dikke en de dunne. Bassie en Adriaan. Asterix en Obelix. Wat zie je vaak duo’s. Waarbij de één meestal een soort van tegenhanger is van de ander. In de Bijbel is dat precies zo. Kaïn en Abel bijvoorbeeld. Esau en Jakob. En Saul en David. En het speelt ook een rol in dat wonderlijke begin van Lucas. - Jaargang 56
- nummer 23
Twee weken geleden stond Zacharias centraal. In dit nummer kijken we naar Maria (Lucas 1:26-38). Ze worden heel subtiel tegenover en naast elkaar geplaatst, de vrome, gelovige priester en het vrome, gelovige meisje. Hij een man op leeftijd, zij een meisje, een jonge vrouw. Hij in de hoofdstad Jeruzalem en zij in een achterafgebied, Nazareth in Galilea. Hij in de tempel, toppunt van religie, en zij thuis. Allebei krijgen ze bezoek van de engel Gabriël en allebei krijgen ze te horen: ‘Hij komt, hij komt.’ Voor de één is het op z’n oude dag Johannes en voor de ander is het op jonge leeftijd Jezus. Hij komt. En allebei reageren ze met een vraag. Zacharias zegt: ‘Waaraan kan ik weten of dat waar is? Ik ben immers een oude man en ook mijn vrouw is al op leeftijd.’ Daartegenover zegt Maria: ‘Hoe zal dat gebeuren? Ik heb immers nog nooit gemeenschap met een man gehad.’ Het lijkt hetzelfde. En toch is het een wereld van verschil. ‘Hoe kan ik weten dat het waar is?’ lijkt zo’n logische vraag, maar je proeft de afstand. De vrome, gelovige, rechtvaardige Zacharias wil het even van een afstandje bekijken. En dan zal hij wel z’n oordeel geven. Maria reageert ook met een vraag, maar toch anders. Wezenlijk anders. Zacharias vraagt: ‘Waaraan zal ik dit weten?’ Maria vraagt naar het hoe. En dan niet ‘hoe kan dat? Laat staan ‘hoe kan dat nou!’ Nee, zo eenvoudig, zo mooi: ‘Hoe zal dat gebeuren?’ En ook al zegt ze erbij dat ze niet een man heeft ‘gekend’ – niet het bed met een man deelt – dat ‘hoe zal dat gebeuren?’ klinkt open. Natuurlijk heeft ze haar vragen. Ik had het pas echt raar gevonden als ze die niet had! Maar het verschil tussen haar en Zacharias is dat ze niet met haar menselijke logica tegen Gods bode ingaat. Zij vraagt en houdt alles open, blijft betrokken. Zacharias vraagt en sluit af, zet zichzelf erbuiten. En dat is het kardinale verschil. Eigenlijk zegt Zacharias: ‘Wat u zegt, dat kan niet.’ Maria zegt: ‘Hoe zal, hoe kan dat gebeuren?’ En zo houdt zij het menselijk bekeken onmogelijke voor mogelijk. Lucas verkondigt dit ook om ons als hoorder een vraag te stellen.
Keus
Herken je je in Zacharias? Of lijk je meer op Maria? Misschien is het wel typisch mannelijk om kritisch te zijn.
En vinden sommigen het typisch vrouwelijk om alles voor zoete koek te slikken. Maar daar gaat het hier niet om, al speelt het mogelijk wel mee. Ben je een Zachariasof een Maria-type? Stel je je open voor het wonder? Je ziet wat er gebeurt als je je openstelt voor het wonder, wanneer je ervoor kiest – want het is een keus! – om ontvankelijk te zijn, om open te willen staan voor God, om je hart, je leven open te stellen voor Jezus. De keus voor of tegen Hem heeft uiteindelijk niet te maken met verstandelijke overwegingen, al spelen die natuurlijk mee. Maar het is de keus van je hart: wil je iets met Jezus hebben of niet? Dat is de vraag. Bij Maria gebeurde het op een unieke manier. Tegelijk staat zij model voor alle gelovigen. Wil je Jezus ontvangen? Op middeleeuwse schilderijen is dat soms heel mooi uitgebeeld, door een minuscule gestalte van Jezus die vanuit de hemel het oor van Maria bereikt. Zij is ontvankelijk voor dat goddelijke Woord en zo wordt zij vruchtbaar. Als je voor ontvankelijkheid kiest, als je je – met al je vragen natuurlijk – wilt laten aanspreken, aanraken, dan gebeuren er wondermooie dingen. Daarom ademt dit bekende gedeelte ook zo’n blijde sfeer.
Uitnodiging
Zo begint het verhaal trouwens ook. Als Gabriël opeens bij Maria komt en haar groet, dan schrikt ze natuurlijk flink. De engel kalmeert haar als het ware onmiddellijk. ‘Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken.’ En daarvoor zijn groet: ‘Gegroet, Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je.’ Het klinkt voor ons zo vriendelijk, haast liefelijk. Dat is het ook. En tegelijk is er meer aan de hand. Maria staat ook symbool voor Israël, voor de mensheid. Eén die de anderen vertegenwoordigt, het boegbeeld. In Israëls geschriften gebeurt dat vaker. Een stad, een volk die als vrouw wordt aangesproken. De uitnodiging voor deze adventstijd is daarom: sta je open voor het mysterie van Jezus? Bij Maria zie je een diep geloof, een innige overgave. Geeft u God de ruimte om in uw leven zijn werk te doen? Wil je Jezus in je ontvangen? En besef het, steeds weer, steeds anders, steeds intenser: de naam van het kindje drukt precies uit wie de HERE God is. Jezus. Dat is: de HEER redt. Hij verlost, Hij maakt je vrij. Wat geen mens en geen macht kan, dat doet Hij.
Ben je als Zacharias? Of als Maria?
Ds. Mark Janssens is predikant van de NGK Utrecht.