Het leven kan opnieuw beginnen

1975-05-16
  • Jaargang 19
  • nummer 20
Niet zomaar een bladzij

De bijbel telt, in de uitgave die ik voor me heb, 1192 bladzijden. Op één daarvan staat het pinksterevangeliie ... Die ene bladzij is erg belangrijk, maar er blijven er nog 1191 over -- óók belangrijk. De waarde van dit simpele rekensommetje is, dat het ons kan behoeden voor overwaardering en verzelfstandiging van die ene pagina, dat ene gebeuren. Het evangelie is immers één verhaal, Gods verhaal dat loopt van schepping tot herschepping, van de tuin van Eden tot de stad Gods.
Die dat niet in rekening brengt zal van het pinksterfeest taal noch teken verstaan. Zet Lucas al niet in zijn tweede boek het een en ander in het kader van het Koningschap van God (Hand. 1)?
Jezus vaart ten hemel en zet zich op de troon aan Gods rechterhand - het begin van Zijn Koningschap - maar het is niet zo dat Hij daarna taal noch teken van zich laat horen, Integendeel!

Taal en teken

Wie het geheel van de Openbaring in rekening brengt, heeft ook minder moeite om het wezenlijke {taal) van het bijkomstige (teken) te onderscheiden. Wat is belangrijker: het verhaal van Gods grote daden (Hand. 2 : 11) of de tongen als van vuur, het geduld als van een stormwind en het spreken in andere tongen? Daargelaten nog of het om een spreek- of hoorwonder gaat.
't Was op die pinksterdag niet voor het éérst, dat mensen "met de Heilige Geest gedoopt" werden (Hand. 1 : 5)!
Eens had Mozes hulp nodig - hij kon al 't werk niet meer aan. In opdracht van God zelf kiest hij 70 mannen uit, die hem moesten bijstaan in zijn rechterlijk ambt, en brengt ze naar de tent der samenkomst. "Toen daalde de HERE in de wolk neder en sprak tot hem, en Hij nam een deel van de Geest die op hem (Mozes) was, en legde dat op de 70 mannen, op de oudsten; toen de Geest op hen rustte, profeteerden zij, doch daarna niet meer (Num. 11 : 25).
Een ander voorbeeld. Israël begeert een koning. God dirigeert Saul, de zoon van Kis, naar Samuels huis. Deze zalft hem tot koning en stuurt hem naar Gibea waar een bezetting van de Filistijnen ligt. "Toen hij te Gibea kwam, zie een schare profeten trad hem tegemoet; de Geest Gods greep hem aan en hij geraakte in geestesvervoering, En allen die hem van vroeger kenden, zagen hoe hij met de profeten profeteerde .. ." Maar even verder: ,,,toen er een einde gekomen was aan zijn geestvervoering .. "! (1 Sam. 10 : 6-13).
Anders gezegd: niet de geestvervoering (het profeteren) is biet blijvende en belangrijkste, maar de taak waartoe zij geroepen zijn en waarvoor zij "met de Heilige Geest gedoopt" zijn. Is niet ook de Here Jezus met de Geest gedoopt (Mt. 3 : 13-17) en lezen we ergens dat Hij in geestvervoering was?

Taak en teken

Mensen krijgen van God een opdracht.
een taak, Om die taak te kunnen volbrengen ontvangen zij de Heilige Geest, Dat zij, bij de komst van die Geest, profeteren, in geestvervoering raken, is een blijde omstandigheid en teken. Zo was het ook op die pinksterdag, toen Gods volk een nieuwe periode (het laatste der dagen) inging. Zij ontvingen een opdracht. Om die opdracht te kunnen volvoeren ontvingen zij de Heilige Geest. Zij gaan profeteren (2 : 14-21), raken in geestvervoering, spreken met andere tongen. Maar dat behoeft helemaal geen blijvende zaak te zijn: er worden op die dag zo'n drie duizend mensen gedoopt en aan de gemeente (!) toegevoegd (2 : 41)! Straks komen ze thuis, de Parthen en de Meden en de Elamieten enz. enz. En dan dragen ze ieder in hun eigen taal de boodschap van Gods grote daden uit, thuis, onder hun volksgenoten in de landstaal, in de taal waarin zij geboren zijn. Dan is het evangelie al in beweging, de aanval op het rijk der duisternis ingezet. En de Geest, de (dynamische) kracht (1 : 7) van boven, is er om te zorgen dat die aanval op het rijk van de boze niet in de kiem gesmoord wordt. Hij is er om te bewerkstelligen dat er allerwegen verlossing, heil komt (Jes. 61 : 1 v.v.) - wie kan Hem keren als Hij het nieuwe oogstfeest inluidt en Pasen, Pinksteren en de inzet van het jubeljaar op één dag laat vallen?
Het is te begrijpen dat Mozes verzucht: och, ware het gehele volk des HEREN profeten, doordat de HERE zijn Geest op hen gave! (Num. 11 : 29). God heeft de verzuchting best gehoord, maar het duurt tot Joël voor Hij er op ingaat: daarna zal het geschieden, dat Ik mijn Geest zal uitstorten op al wat leeft ... En dan nog is het wachten op Petrus: dit is het (nu) waarvan gesproken is door de profeet Joël.

Kennis zonder kennisbron?

Goed, zij spraken toen dus in andere, vreemde tongen. Maar , deden zij ook vreemde, ongekende mededelingen?
Wat hadden zij te vertellen?
Na Jeruzalems verwoesting zijn de Joden op pinksteren de wetgeving op de Sinai gaan gedenken, Die wet is a.h.w. "uit de hemel gevallen". De boodschap van en sinds Hand. 2 ook? Zo wordt nog wel eens gedacht: de Geest zorgt wel voor de boodschap en legt die op de lippen. Met een beroep op Jezus' woord: maakt u dan niet bezorgd hoe of wat gij spreken zult ... het is de Geest uws Vaders, die in u spreekt (Mat. 10 : 19 v). Komt het je dan zomaar aanwaaien? Of gaat Jezus er vanuit dat je het evangelie kent?
Blijkens Joh, 14 : 26 het laatste: de Geest komt niet als nieuwe informatiebron, maar wèl zal Hij hun alles leren en te binnenbrengen wat Jezus ,gezegd had.
Waar haalt een visser als Petrus zijn kermis vandaan met zijn pinksterpreek? Die bezit hij dank zij grondig onderricht in de Schriften net als later Timotheüs (2 Tim. 3 : 14-17). Hij is er tenslotte ook bijgeweest toen Jezus publiek, in tempel en synagoge, de Joden onderricht gaf (Joh. 18 : 19 v.). Wie de Schriften niet kient, kan moeilijk Gods grote daden ter sprake brengen. Evenmin kan de Geest indachtig maken (Joh. 14 : 26), te binnenbrengen wat je nooit eerder gehoord hebt. Zonder Schriftkennis is en was pinkstèren zinloos.
Geest en leven Lucas beschrijft in Hand. 2 de kómst van de Geest op alle vlees.
Maar wat wil 't zeggen dat de Géést gekomen is en intrek nam, ging wónen in mensen (1 Cor. ' 6 : 19)? Dat is een van de dingen die op pinksteren meestal nauwelijks ter sprake komen. Toch staat ook daarover wel het een en ander in die overige bladzijden. Paulus lest in 1 Cor. 15 nadrukkelijk vérband tussen Geest en leven. De man kende de bijbel. Staat niet op de eerste pagina! de aarde nu was woest en ledig, en duisternis lag op den vloed, en de Geest Gods zweefde over de wateren? Direct daarna wordt verteld hoe die baaierd tot leven wordt gewekt!
De psalmist wist het nog: " ... zendt Gij uw Geest uit, zij worden geschapen, en Gij vernieuwt het gelaat van den aardbodem" (Ps. 107 : 30) - elke nieuwe lente getuigt ervan. Ook Ezechiël ziet een nieuwe lente aanbreken - voor het volk Israël.
En ook in dat visioen van het dail der dorre doodsbeenderen (Ez. 37) vallen Pasen en Pinksteren op één dag: gij zult weten, dat lik de HERE ben, wanneer Ik ww graven open en u uit uw graven doe opkomen, 0 mijn volk. lik zal mijn Geest in u geven, zodat gij herleeft en Ik zal u doen wonen in uw land (37 : 12-14).
Als de Geest over hen komt, zal Israël weer leven"doodgewoon" leven in het heilige land. Waar de Geest komt, kan het leven weer beginnen. Het echte leven dat God den mens had toebedacht toen Hij hem schiep om zijn beeld op aarde te zijn, zijn , representant die Hem op aarde vertegenwoordigde en in zijn Geest handelde en sprak. Zonder de bezieling door die Geest is de mens nog wel mens, maar geen beeld van God. Zonder die Geest is de mens dood en doods. Daarom kan de gemeente van de levende God (1 Tim. 3 : 15; vgl. 1 : 3 - Ef.!) zich tot de buitenstaanders keren met de hymne: ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden ...
(Ef.5: 14)!
Levende mensen zijn (weer) door de Geest bezielde mensen. En dat zonder overwaardering van "het geestelijk leven". De Geest van God kwam niet alleen over mensen, die tot koning, profeet, rechter aangewezen werden.
Bezaleël en Aholiab waren kunstenaars.
En wat zegt God inzake Bezaleêl? ... zie Ik heb bij name geroepen Bezaleél ... en hem vervuld met Gods Geest, met wijsheid en inzichten kennis, en dat voor allerlei werk, om ontwerpen te bedenken, om die uit te voeren in goud, zilver en koper ... (Ex. 31 : 1-11). Bezield zijn met Gods Geest, beeld van God zijn, weer tot leven gewekt zijn, je eigen talenten mogen ontplooien - dat is pas léven - van de tuin van Eden tot in de nieuwe stad van God, van Genesis tot Openbaring. Gelukkig dat op één, heel belangrijke, bladzij óók staat dat de pinksterdag is aangebroken!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief