Hermeneutiek: de leesbril die je opzet
2012-12-08
- Jaargang 56
- nummer 24
Ik ben gezegend met een rijke diversiteit aan mensen om mij heen. Mensen met een grote variatie in opleidingsniveau, culturele achtergrond en kerkelijkheid, en met een gereformeerde ligging van nul tot ultra. Ik kan al die mensen prima uitleggen dat je Grieks en Hebreeuws moet leren als je theologie studeert. Ze snappen ook dat je preken moet oefenen en dat je pastorale vakken moet volgen. Maar hoe leg ik nu uit wat hermeneutiek is? Dat is veel minder makkelijk.
Hermeneutiek gaat over de bril die we opzetten als we de Bijbel lezen. Als je eens iets niet begrijpt wat je in de Bijbel leest en je stelt daar een vraag over, dan zegt iemand: ‘Oh, dat moet je zó lezen.’ En dan volgt er een toelichting waardoor alles op zijn plaats valt. Zo zijn er allerlei weetjes die je helpen de Bijbel te begrijpen. Samen vormen die weetjes een begrippenkader. We werken daar allemaal mee, ook al zijn we ons daarvan meestal niet bewust.
Zo vragen wij vaak waar en wanneer iets gebeurd is wat in de Bijbel wordt verteld. Wij vinden het belangrijk iets te begrijpen van de cultuur waarin de mensen leefden in bijvoorbeeld de tijd van David of van Jesaja of van Jezus. Voor ons is het verbond een belangrijk begrip en we hebben vaak van jongs af aan geleerd om dat in de Bijbel te herkennen.
God sloot een verbond met Noach, met Abraham en met zijn volk bij de Sinaï. God sloot ook een verbond met ons en het avondmaal is daar het tastbaar bewijs van. Zo is het verbond een belangrijk onderdeel van het begrippenkader van waaruit wij gereformeerden de Bijbel lezen.
Voor christenen van andere tijden en plaatsen zijn dergelijke vragen en begrippen veel minder vanzelfsprekend.
Door de eeuwen heen hebben christenen met heel verschillende brillen op de Bijbel gelezen. Fascinerend om daar zicht op te krijgen. Om te ontdekken hoe de reformatie ons een andere bril heeft opgezet en dat mensen uit Afrika of Azië een andere bril op hebben dan wij.
Maar welke bril je ook opzet, uiteindelijk kom je altijd uit bij Christus en bij zijn lichaam, de gemeente. Wie dat niet ziet, die snapt het niet.
Johan Velema studeert theologie aan de TUA en de NGP.