‘Mijn kerk is de enige die nog overeind staat’

2005-04-22
  • Jaargang 49
  • nummer 8
De Duitse theoloog Hans Joachim Iwand (1899-1960) belandt vlak voor de Tweede Wereldoorlog in een Gestapogevangenis. Tijdens de oorlog versterkt hij de gelederen van de Bekennende Kirche. Iwand en zijn 4000 gemeenteleden ondervinden in Dortmund aan den lijve de gevolgen van de geallieerde bombardementen op het Ruhrgebied: in 1945 – zestig jaar geleden – telt zijn kudde nog 100 leden en is zijn kerkgebouw ten prooi gevallen aan de bommen.

Dortmund, de nacht van 4 op 5 mei 1943. Een vloot van bijna 600 bommenwerpers van het Engelse Bomber Command vliegt over het Ruhrgebied en verwoest in enkele uren duizenden gebouwen. Bijna 700 inwoners van de middeleeuwse stad verliezen het leven en meer dan 1000 mensen raken gewond.
'Kort voor het begin van de zware aanvallen op Dortmund', vertelt Iwand vele jaren later over deze gebeurtenis, 'kwamen wij als gemeente in de winter van ’42 op ’43 in onze Marienkirche elk weekend bij elkaar om te luisteren naar de Openbaring van Johannes.
Onder de zegen van het laatste bijbelboek waren we tot één gemeente gegroeid. In de laatste dienst van deze serie ontvingen we – met het oog op het hemelse Jeruzalem – het Avondmaal.
In het koor van die avond zong een meisje, waarvan de vader behoorde tot het volk, waaruit onze Heer Jezus Christus is geboren. Een paar dagen later kwam een verschrikkelijke aanval op het noorden van onze stad. Het was deze man verboden om een doorgang te maken vanuit de kelder van zijn huis naar het huis van de buren.
Het hele gezin werd bedolven onder puin en niemand kon hen daar meer bereiken. De klopsignalen uit de bedolven kelder hielden twee dagen aan. Daarna werd het stil. Hij was de eerste van onze Openbaringsgemeente, die uit het aardse naar het hemelse Jeruzalem geroepen werd.'

Gestapo-arrestant
Iwand behoort, net als Martin Niemöller, Karl Barth en Dietrich Bonhoeffer, tot de Bekennende Kirche. In woord en daad verzetten ze zich tegen de invloed van de nazi’s. Velen van hen krijgen een spreekverbod opgelegd. Vanaf zomer 1934 wordt Iwand – netals Bonhoeffer – directeur van een predikantenopleiding van de Bekennende Kirche in Oost-Pruisen. In 1937 wordt hij daar uitgewezen en de studenten volgen hem naar Dortmund. Uiteindelijk kan het Predigerseminar tot in 1937 – zij het in afgeslankte vorm – blijven functioneren.
Hij wordt in november 1938 voor de vierde keer gearresteerd. Het zal duren tot maart 1939 eer hij vrijkomt uit de beruchte Gestapogevangenis Steinwache van Dortmund, bijgenaamd ‘de hel van Duitsland’. 'In de eenzaamheid ontbraken de uren van aanvechting niet,’ schrijft hij later. Het gebrek aan gemeenschap en de onzekerheid van de toekomst zijn moeilijk te dragen.' Als Iwand een maand later op Goede Vrijdag voor het eerst weer voorgaat in een dienst, zit de Marienkirche stampvol.

Lijdensverhaal
Aan vrienden vertelt hij hoe hij zich voelde toen hij in zijn cel van 2 bij 3,5 m in de veronderstelling leefde naar een concentratiekamp te worden afgevoerd.
'Toen ik helemaal moedeloos was, hielpen ook de Psalmen niet. De kracht en de grootsheid van slechts één ding werden me duidelijk: het lijdensverhaal.
Het is wonderlijk, wat een rust en feestelijkheid daarvan uitgaat.
Ik zag plotseling dat ook in het diepste duister van de dood, in smaad en schande, de sporen van die Ene zijn, die eerder dan wij en ons ten goede deze weg gegaan is. Eigenlijk leren we hiervan, dat het echte christelijke geloof helemaal zijn tijd niet gehad heeft. We ontdekken het nu pas opnieuw. Midden in het lijden wordt de kerk verjongd en vernieuwd.’

Pinksteren zonder puin
De geallieerde bombardementen op de industriesteden van het Ruhrgebied worden geleidelijk erger. Iwand stuurt zijn vrouw en kinderen soms naar veiliger oorden en waakt zelf over zijn kerkgebouw en zijn huis in het centrum van Dortmund.
Een hevige aanval op het Ruhrgebied begint in de nachtelijke uren van 4 op 5 mei 1943. De Marienkirche wordt zwaar beschadigd. Gemeenteleden ruimen de ravage echter snel op, zodat de gemeente met Pinksteren kan samenkomen. 'Tijdens het opruimen kwam iemand van de straat onze kerk binnen en vervloekte ons dat we de kerk feestelijk klaarmaakten voor de dag van Pinksteren. Zo zie je vandaag die beide dingen naast elkaar: de lof van God en de verontwaardiging van hen, die daar niets van begrijpen', vertelt Iwand in de Pinksterpreek over Ezechiël 37 over het dal met de doodsbeenderen.
In een brief beschrijft Iwand het leven onder de bombardementen van juni 1943. 'Met de kerkdiensten zijn we niet opgehouden, hoewel onze kerk zwaar beschadigd is. Maar mijn kerk is nu de enige die in de binnenstad nog overeind staat. Twee derde deel van mijn gemeente is verdwenen.' Het kringwerk in de gemeente houdt op.

Lastige Nederlanders
De zeer hevige aanvallen van 22 op 23 mei 1944 op Dortmund door het Bomber Command leggen de industrie van het gebied rond de stad stil. De bijna 90.000 dwangarbeiders die in het gebied tewerkgesteld zijn, hebben niets meer te doen. In het stadje Hagen, tien kilometer ten zuiden van Dortmund, zijn veel Nederlandse dwangarbeiders ondergebracht. Zij staan te boek als zeer lastig en hebben ook de meeste contacten met de Duitse burgerbevolking. Iwand nodigt een aantal van hen uit om in zijn huis bijbelstudies bij te wonen. De kennismakingen en de afspraken hebben allemaal plaats in het donker, omdat contacten verboden zijn. De arbeiders moeten telkens in één nacht de heenen de terugreis maken. Enkelen van hen vluchten uit het kamp en Iwand zorgt voor een onderduikadres. Voor de zaterdagavonddiensten maakt hij een serie preken over het boek Job, die hij vergelijkt met de gekruisigde Christus.


Verstrooid
Een tweede fase in de slag om het Ruhrgebied breekt aan in de nacht van 6 op 7 oktober 1944. Een grote vloot van 523 bommenwerpers zaait in ruim een half uur dood en verderf in het zwaar getroffen Dortmund. De Marienkirche brandt volledig uit. Ook de twee pastorieën enkele straten verderop worden met de grond gelijk gemaakt. 'Onze trouwe gemeenschap is verstrooid in alle windrichtingen,' schrijft Iwand in een rondzendbrief. ' Het komt er nu op aan hen ondanks alles weer bij elkaar te roepen en aan de christenen de mogelijkheid van bijeenkomst en versterking door Gods Woord te bieden. Iwands collega’s uit de ‘foute’ Duits-Christelijke kerk verhinderen met succes dat zijn gemeente op een andere plek kan samenkomen.
Hij krijgt dan onderdak in het kerkgebouw van de Jezuïeten in Dortmund!
Op de Oudejaarsavond van 1944 legt Iwand aan de klein geworden gemeente van 100 mensen de woorden uit van Hebreeën 13: 8 Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid’. De grootste luchtaanval van de hele oorlog krijgen Dortmund en het naburige Essen te verduren op 12 maart 1945, vlak voor het einde van de oorlog. Meer dan 1100 bommenwerpers lossen een vracht van 4850 ton explosieven boven Dortmund. In de binnenstad gaan zelfs de puinhopen opnieuw branden.
Na de Duitse capitulatie vertelt Iwand aan vertegenwoordigers van de geallieerden hoe de Bekennende gemeenten 'ondanks grote schade aan hun gebouwen altijd samenkomsten gehouden hebben. Dat zijn onvergetelijke ervaringen van de gemeenten.' Na de oorlog werkt Iwand tot zijn dood in 1960 onophoudelijk aan de opbouw van de verdrukte kerk in de Oostbloklanden.

Literatuur:
Hans Joachim Iwand. Eine Biographie.
Jürgen Seim. 19992 , Chr. Kaiser/Gütersloher Verlagshaus (ISBN 3 579 01844 2).
Teksten van Iwand in Om de eenheid van denken en leven. De stem van Hans Joachim Iwand. Dr. G.C. den Hertog. 1991, Boekencentrum (ISBN 90 239 0522 9).

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief