Gestalten uit de boeken Samuël *)

1974-09-13
  • Jaargang 18
  • nummer 33
Samuël

In de eerstvolgende zes, Schriftoverdenkingen wil ik enig licht laten vallen op zes gestalten uit de boeken Samuël. Het zal u niet verwonderen dat de eerste van deze zes de profeet Samuël zelf is, naar wie deze twee bijbelboeken zijn genoemd.
Samuël heeft geleefd tussen een dieptepunt en het hoogtepunt van Israëls geschiedenis. Het bedoelde dieptepunt was de periode van de richteren of rechters, een geestelijk verwarde tijd, waarin, zoals de Bijbel zelf zegt, iedereen maar deed wat goed was in z'n ogen, - waar weinig echt goeds uit voortkwam. Het hoogtepunt van Israëls geschiedenis is het koningschap van David geweest, de man naar Gods hart, die 't volk voorging in nederigheid. Tussen het dieptepunt van de richterentijd en 't hoogtepunt van Davids regering heeft Samuël geleefd, in een overgangsperiode dus, die heel sterk zijn geestesmerk draagt. We mogen zelfs zeggen dat .zonder Samuël deze tijd nooit de overgang van dat dieptepunt naar dat hoogtepunt zou zijn geworden.
Maar dit vaststellend moeten we direkt de dingen noemen waardoor Samuël zo'n groot man geweest is. Hij is dat geweest door het Woord van God en door het gebed. Dat wil dus zeggen, dat God groot was in zijn leven.
Door het Woord van God - Samuël is een profeet geweest. Het Woord, dat van boven is, heeft hij uitgestrooid in het volksleven van Israël als een zaaier die uitging om te zaaien. Koning David is uit dat zaad van het Woord Gods geboren.
Wij weten dat in de dagen van Samuël het volksbestaan van Israël dodelijk bedreigd is geweest door de Filistijnen met hun ideologie van de onbesnedenheid, die zegt dat het leven verlost wordt door vlees en bloed, door menselijke potentie en prestatie.
God geeft op deze waan antwoord door het koninkrijk van David niet te bouwen op de wil des vleses en wil des mans, maar door het te laten geboren worden uit het zaad des Woords, door de profeet Samuël gestrooid. Israëls gouden eeuw is niet filistijns verwekt, maar van Boven af geboren, resultaat van de profetische arbeid van Samuël.
Zo moeten ook wij het moderne filistijnendom, ik bedoel de secularisatie, het koninkrijk van de mens zonder God, niet bestrijden met wapens, die we aan de verwereldlijkte wereld ontlenen.
Nee, het Koninkrijk der hemelen, dat wij verwachten, ligt in het verlengde van de profetische woordmacht, die ons verleend is.
De christelijke gemeente zaait het Woord. Dat is haar geschiedenisvormende kracht.

Behalve profeet was Samuël ook een bidder zoals z'n moeder dat was.
Zo is hij in de herinnering van Israël blijven voortleven. Samuël was onder de aanroepers van Gods naam, zegt de psalm (99).
Steeds in het bijbelverhaal stuiten wij op de voorbede van Samuël, voor Israël en voor Israëls eerste koning, Saul. "Laat niet na voor ons tot de Here onze God te roepen, opdat Hij ons verlosse uit de macht der Filistijnen" (1 Sam. 7 : 8) - horen we het volk smeken.
En Samuël zelf zegt ergens: "wat mij betreft, het zij verre van mij, dat ik tegen de Here zou zondigen door op te houden, voor u te bidden" (1 Sam. 12 : 23).
Zou dit gebedsleven van Samuël niet de noodzakelijke keerzijde geweest zijn van zijn Woordambt?
Een profeet zonder gebed, dat is het Woord Gods zonder weerwoord.
God wil geen alleenspraak, maar Hij wil het gesprek met zijn kinderen.
Door dat gesprek houden de Samuëls het vol in hun taak. Ook als het moeilijk wordt.
En de Samuël van de Bijbel hééft 't moeilijk gehad. Naar het woord van de psalmen gaat hij die de zaad buidel draagt, al wenende voort, zaaiend met tranen. Dat is ook bij Samuël het geval geweest.
De pen die het eerste boek Samuël geschreven heeft lijkt wel gedoopt in de tranen van deze Godsman. Hij heeft 't eindresultaat van zijn arbeid niet mogen zien. Hij heeft wel de teleurstelling van zijn leven moeten verwerken, toen hij Saul, Israëls eerste koning, moest loslaten, de man van wie hij hartstochtelijk veel gehouden heeft. En David, die in Saul's plaats zou komen, als een vertroosting op de wond, heeft hij niet meer in zijn koningsglorie gekend.
Inderdaad, wat een leven van tranen.
Het zaad was wel goed, maar de bodem rotsachtig. Het is waar dat hij af en toe een klein oogstfeest heeft mogen vieren, maar de grote oogst viel na zijn dood.
In die oogst mogen ook wij geloven, zonder die te zien. Want het Woord Gods zal niet wederkeren, maar het zal doen wat. God behaagt, volbrengen waartoe Hij het zendt.
Samuël - de man, die een tijdperk getempeld heeft. Maar z'n moeder Hanna zong bij zijn geboorte: "niet door kracht is iemand sterk". Daarmee hield ze het Israëlietisch, tegenover de filistijnse ongeest. Samuël was sterk door het Woord Gods en door het gebed. dat wil zeggen: door precies die krachten die ook de gemeente van Christus in de wereld overhoudt, als verder alles wegvalt. Deze overeenstemming geeft aan de figuur van Samuël iets herkenbaars voor ons.

*) Reeks avondoverdenkingen voor de N.C.R.V.-radio in april en mei van dit jaar.




Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief