Een "rückwärts gekehrter Prophet"

1974-02-01
  • Jaargang 18
  • nummer 5
Het opschrift boven dit artikel zal vermoedelijk niet alle lezers aanstonds duidelijk zijn.
Ik hoop dat als ze gelezen hebben wat hierna volgt dat niet meer het geval zal zijn.
Het woord dat hierboven staat schoot me te binnen nadat ik in de voorbije weken enkele fragmenten van krantenartikelen had gelezen die mij bijzonder troffen.
Ik zal eerst die stukjes uit de krant hier laten afdrukken.

• "dom"

Het eerste is van prof. Berkouwer.
Die schreef enkele weken geleden een artikel in het "Gereformeerd Weekblad" met het opschrift: "Het grijze verleden".
Hij vertelt daarin dat hij eens een bezoek bracht aan Karl Barth toen deze al zeer oud was. Barth was, toen Berkouwer hem opzocht, ernstig ziek. Tot zijn verwondering trof Berkouwer de grote Bazelaar aan lezend in een biografie van een oude theoloog.
Het bleek hem dat Barth zich bizonder voor die oude tijd interesseerde.
En dan vooral in verband met eigen tijd en eigen denken.
En dan schrijft Berkouwer het volgende. Men kan dan "van historische belangstelling spreken, maar die heeft met koele, gedistanciëerde aandacht niets te ma
ken. Op de een of andere manier leest en studeert men niet zonder relatie tot eigen tijd en de vragen en antwoorden van vroeger spelen op allerlei manier mee in wat ons thans bezig houdt. Dat thans moge allerlei nieuwe vormen hebben aangenomen en problemen oproepen, waarmee we vroeger nog niet in hevige mate bezig waren, er is tóch geen totále breuk en discontinuïteit."
En dan gaat Berkouwer zó verder: "Ik ben de laatste maanden nog al eens bezig geweest met de herlezing van al vrij oude publicaties (al vielen ze in onze eeuw) en werd daarbij meermalen getroffen door allerlei verwantschap in de problemen midden in alle variatie. Ik heb het ook altijd dom gevonden om in sterk bewustzijn van eigentijdse ervaringen en nieuwe wegen zich van het verleden te distantiëren en te denken, dat' men van "de lessen der historie" alleen maar spreken kan in trage traditionaliteit zonder muziek voor de toekomst en voor het heden. Ik ben ervan overtuigd dat de gedesinteresseerdheid ten aanzien van de geschiedenis van vroeger tijden ook intensief bezig zijn met allerlei problemen alleen maar tot onvruchtbaarheid leidt. Ik wil geenszins onderschatten de grote betekenis van hen die in echte originaliteit nieuwe eigen wegen gaan, maar verheug me er altijd over, wanneer zij zelf daarin zich niet uit de hoogte van de vragen van vroeger afwende."
Dit citaat is lang.
Maar ik geef het graag door.
Want ik zeg er van harte "amen" op.
Berkouwer geeft voortreffelijk aan waar het in de historische oriëntatie om gaat en welke betekenis die heeft. Ik ben het vooral goed eens met dat "dom".
Wie is de knapste theoloog in de indrukwekkende stroom van het theologische en kerkelijke leven en denken van alle eeuwen?
Hoe meer je je daarin verdiept des te meer kom je onder de indruk van het woord van Bavinck dat het opvallend is van hoe weinig gedachten de mensheid en de kerk in de loop der eeuwen hebben geleefd. Zij worstelden in allerlei variatie altijd opnieuw met dezelfde vragen. Gaven in wezen daarop altijd weer dezelfde antwoorden.
En sloegen ook steeds weer dezelfde dwaalwegen in, Er is een aangrijpende monotonie in de zonden en dwaasheden die de kerk in de loop der eeuwen heeft begaan. En er is ook een aangrijpende gelijkheid in de wijze waarop de kerk steeds weer tot nieuw leven kwam. Namelijk door terugkeer tot de Bron, speciaal tot het Evangelie zoals Paulus dat predikte: het Evangelie van de rechtvaardigheid door het geloof alleen!
Ja, ik ben het in dezen geheel met Berkouwer eens.
Beter dan met een collega van hem, die op de vraag of hij de werken van Groen van Prinsterer gelezen had het verbijsterende antwoord gaf: "Gelukkig niet".

• "ontmanteling"

Het volgende stuk dat mij trof is er een uit een krantenartikel van de bekende Amersfoortse predikant dr P. A. Elderenbosch. Hij publiceerde het in de Amersfoortse courant. En ik neem het via het Friesch dagblad over. Hier is het: "Het is mij een onbegrijpelijke zaak dat er in ons land geen Kulturkampf is uitgebroken in de zestiger jaren. Onze konfessionele partijen, groot geworden in de schoolstrijd, hebben verstek laten gaan toen wijlen Cals zijn mammoet in de arena binnenleidde.
Er is gezwegen waar geschreeuwd had moeten worden. Dat openbare scholen, die nu eenmaal zonder visie moeten opereren, dit technokratisch onderwijspatroon goed konden gebruiken, is begrijpelijk, maar dat de christelijke school dit geslikt heeft is onbegrijpelijk. Het huidige systeem richt jongeren af op een civilisatie, het vormt niet tot een kultuur. Men heeft het geslikt dat het geschiedenisonderwijs werd ontmanteld - overeenkomstig de grondbeginselen van het personalistisch socialisme dat niet weten wil van lijnen die door de historie lopen. Men heeft dat gedaan ten gunste van uren maatschappijleer, waarvan men verzuimde mede te delen wat dat inhoudt, zodat het vak in de kortste keren de reputatie kreeg van een kletsvak".
Om deze expectoratie van dr Elderenbosch te verstaan moet men weten wat die "Kulturkampf" is.
Daar wil ik dus eerst iets van zeggen.
In 1870 werd door het eerste Vaticaanse concilie de paus onfeilbaar verklaard. De kerkelijke overheid wilde de theologische professoren aan de duitse universiteiten die weigerden de pauselijke onfeilbaarheid te aanvaarden ontslaan. Maar Bismarck verhinderde dat tot grote woede van het Vaticaan.
Deze daad van Bismarck was evenwel niet meer dan een incident!
De eigenlijke kwestie was deze: Bismarck zag in de R.K.
kerk als internationale macht een gevaar voor de eenheid van het door hem gesmede Keizerrijk!
De pruisische regering plaatste daarom het onderwijs, ook het kerkelijke, geheel onder staatstoezicht.
De z.g. Meiwetten van minister Falk grepen diep in het leven der kerk in. Daardoor werd o.a. een verplicht staatsexamen voor geestelijken voorgeschreven.
En van de Jezuieten en andere orden werden de vestigingen opgeheven.
Ook werd het burgerlijke huwelijk verplicht gesteld. Tegen verzet van de clerus trad de regëring op met afzetting, beboeting en gevangenisstraf.
Met enorme felheid werd deze strijd gevoerd. Bismarck sprak in die dagen de bekende woorden: "Wir gehen nicht nach Canossa"!
Maar Rooms-kathelieken en ook vele protestanten verzetten zich fel tegen de aantasting van de vrijheid der kerken, tegen het "Staats alvermogen" dat er altijd op uit is het volk een staatsgodsdienst of een door de staat voorgestane wereldbeschouwing op te dringen.
De bedoeling van dr Elderenbosch is nu wel duidelijk. De confessionele partijen, zo wil hij zeggen, hadden als een leeuw moeten vechten tegen de ontluistering, de "ontmanteling" van het geschiedenisonderwijs zoals die onder de vignueur van de Mammoetwet plaats vindt. Want vooral door het "goede" geschiedenisonderwijs, het geschiedenis-onderwijs - om met Groen van Prinster er te spreken - in "christelijk nationale zin", kan en moet de jeugd wegwijs gemaakt worden in de geestelijke jungle, de antichristelijke vervuiling van het geestelijk klimaat van onze dagen.
In de geschiedenis kan en moet op concrete wijze getoond worden hoe funest de Revolutie, de radicale en integrale theoretische en/of praktische verwerping van het Evangelie, het gezaghebbende Woord van God, in alle sectoren van het mensenleven werkt. Hoe bitter, bitter nodig is in onze dagen b.v. een indringende bespreking van Marxisme, Neo-Marxisme, Leninisme in de gang van de geschiedenis der laatste eeuw. Dan wordt het duidelijk dat alleen illusionisten kunnen geloven dat het socialistische maatschappijconcept kan worden uitgepeld uit, en gerealiseerd kan worden zonder daarbij te kunnen loskomen van, de verderfelijke ideologie waaruit het is geboren en waaraan het onlosmakelijk is verbonden. Uit de geschiedenis kan worden aangetoond hoe een verziekte democratie, zoals we die nu in West-Europa beleven, onherroepelijk leidt naar de dictatuur, hoe anarchisme en dictatuur dialectisch met elkaar zijn verbonden. Uit de geschiedenis kan worden aangetoond dat de lamlendigheid van de democratieën, de onwil, de onmacht tot geestelijke en nationale weerbaarheid aan bandieten als Hitier de kans geven hun duivelse concepten uit te voeren. Er is nooit een oorlog geweest, zei Churchill eens, die zo gemakkelijk had kunnen voorkomen worden. Er is er ook nooit een gevoerd die zo verschrikkelijk is geweest.
De grote Huizinga schreef in zijn "Nederlands Geestesmerk": “Wie zich afgesneden denkt van de herinnering aan zijn herkomst, groei en lotgeval, staat redeloos voor het leven. Elk welbewust volks- en staatsbesef eist kennis en rekenschap van de historie."
Inderdaad.
En wanneer men, en speciaal een overheid, zó redeloos in het leven staat, dan leidt deze redeloosheid in tijden van crisis tot radeloosheid en deze weer tot reddeloosheid.

• een profeet

Een goede historicus krijgt zo ongewild en onbedoeld en onopzettelijk een bizondere funktie in het kultuurleven naar al zijn aspecten - ook en niet het minst in het kerkelijke leven.
Wat hij doet is het critisch naspeuren van wat vroeger geschiedde.
Critisch, d.w.z. met voortdurende hantering van normen.
Dat doet iedereen! Het meest en het meest "gevaarlijke"
de man die meent dat hij dat niet doet! Ook een historicus kan zichzelf zijn diepste levenskeus, zijn "hart" nooit buiten spel zetten.
Groen zei van een goede historicus dat hij "partijdig" moet zijn. Omdat alleen hij die partij kiest "onpartijdig" kan zijn!
Door wat zo'n historicus zag en vertelt wordt de toehoorder op een bepaalde wijze actief, hij wordt erin betrokken. Hij bespeurt allerlei verschijnselen, gebeurtenissen, ontwikkelingen die analoog zijn aan wat hij om zich heen bespeurt. Hij ziet dwaasheden, ongerechtigheden, katastrofes die hij in eigen omgeving ontdekt of die daarin dreigend op hem af komen.
Wanneer men b.v. dr De Jong volgt in zijn minutieuze beschrijving van de lamlendigheid, dwaasheid, verblinding, zorgeloosheid die voor de tweede wereldoorlog in ons land heersten, herkent hij tot zijn schrik nu precies dezelfde verschijnselen. Toen de duitse industrie dag en nacht zwoegde om kanonnen en vliegtuigen te produceren zwamde men in parlement en gemeenteraden honderd uit over alle mogelijke futiliteiten. En gebeurt vandaag niet precies hetzelfde?
Maakt men onder ons valk er werkelijk ernst mee dat de Russische bewapening exorbitant toeneemt.
Vraagt men zich af af dat alleen maar gebeurt om "soldaatje te spelen". En meent men dat een tweede Hitler een onmogelijkheid is. Kleine Hitlers zijn er in ieder geval al genoeg!
Wie de kerkgeschiedenis van na de Napoleontische tijd kent ontdekt frappante overeenkomst met die van nu. Ook toen het hoogmoedig besef dat men eindelijk het wezenlijke van het Evangelie begon te verstaan. Ook toen de mening dat men ver boven de reformatoren was uitgegroeid. Ook toen de verzekering dat het verzoenend lijden en sterven van Christus een verwerpelijke "bloedtheologie" is. Ook toen een intensief oecumenisch streven dat alle kerken wilde doen samensmelten.
Ik heb mij in de voorbije maanden intensief bezig gehouden met de strijd over de kerkregering uit de eerste jaren van de Afgescheiden kerken. Ik ben van de ene verbazing in de andere gevallen.
Want in de huidige discussies daarover wordt niet één standpunt verdedigd, geen enkel argument gebruikt,. geen kwade of goede oplossing nagestreefd die men in de strijd van toen niet ook ontdekt. Wat we in onze kring beleven zijn niet meer dan herhalingsoefeningen, zij het op minder geaccidenteerd terrein.
Op deze wijze werkende wordt een historicus een profeet. Neen, niet opzettelijk. Als hij dat wil zijn, wordt hij het juist niet. Hij wordt het wanneer hij om zo te zeggen met zijn rug naar zijn hoorders staat, in een en al aandacht voor het verleden. En vertellend wat hij zo ziet! Hij wordt zo een met de rug naar "het publiek" gekeerde verteller die ondanks hem zelf een profeet is.
Een "rückwärts gekehrter Prophet".
En het is een levensbelang naar zo'n profeet te luisteren.
Want "zij die de geschiedenis niet -kennen, zijn gedoemd haar te herhalen."

• de toepassing

Ik heb dit artikel geschreven nadat ik me een poosje had bezig gehouden met het feit dat de "Vaderlandse Geschiedenis" van Hendrik Algra - Despereert niet al weer een nieuwe druk heeft beleefd. Er zijn van dit prachtige boek reeds veel meer dan 25000 exemplaren in omloop. Dat is een verheugend ding in onze nu niet bepaald opwekkende tijd. Als er voor onze jeugd iets nodig is dan is het kennis van de geschiedenis zoals die door Algra wordt geboden.
Ik zou alle ouders willen aanraden dit boeiende vijfdelige boek aan hun kinderen mee te geven! Het is betrouwbaar, het is boeiend, bovenal het geeft "christelijk-nationaal" geschiedenisonderwijs.
Laat ik er nog bijzeggen dat het maar f 142,50 kost. Na 15 mei f 172,50.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief