DE MOEDER DE VROUW

1974-04-19
  • Jaargang 18
  • nummer 16

lk ging naar Bommel om de brug te zien.
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden
die elkaar vroeger schenen te vermijden,
worden weer buren. Een minuut of tien
dat ik daar lag, in 't gras, mijn thee gedronken
mijn hoofd vol van het landschap wijd en zijd
laat mij daar midden uit de oneindigheid
een stem vernemen dat mijn oren klonken.

Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.
Zij was alleen aan dek, zij stond bij 't roer

en wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren.
0, dacht ik, 0, dat daar mijn moeder voer.
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren.





Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief