Aanloop via Zondag 14
1974-04-26
Dezer dagen was ik bezig met de voorbereiding van een preek over onze catechismus, Zondag 14: "die ontvangen is van de Heilige Geest geboren uit de maagd Maria".- Jaargang 18
- nummer 17
Het zal onze lezers wel bekend zijn, dat deze zo vertrouwde waarheid over onze Heiland en Zaligmaker, het in de hedendaagse discussie over de "historische Jezus" zwaar te verduren heeft.
Aangezien we over het grote geheimenis in de maagdelijke geboorte alleen worden ingelicht door Mattheus en Lucas in hun evangelie en we er met name bij Johannes en Paulus niets over lezen, tracht men in kringen, waar de eenheid van de Heilige Schrift is losgelaten, de kritiek op deze waarheid ook nog een bijbels tintje mee te geven.
Het was mij opgevallen in een bespreking van het nieuwe boek van Dr H. Berkhof, "Christelijk geloof", dat volgens de recensent in dit boek wordt gezegd dat de opstanding van Christus tot het centrale in de boodschap van het Nieuwe Testament behoort, maar dat dit niet geldt van de maagdelijke geboorte.
De recensie bleek juist te zijn, want op pag 308 besluit Berkhof een aantal opmerkingen over de "maagdelijke geboorte" aldus: "Voor de geloofsleer kan en moet alleen doorslaggevend zijn, dat dit in het nieuwe testament niet tot het kerugma (boodschap) en zijn paradosis (overlevering) behoort.
Het geloof in Jezus als de unieke Zoon berust blijkbaar niet daarop; wel omgekeerd." De schrijver betreurt ook het opnemen van de maagdelijke geboorte in het Apostolicum.
Wel wat geschrokken van de achtergronden die bij deze zinsnede openbaar worden bij een toch altijd als orthodox bekend staand theoloog als Prof. Berkhof, neem je de zaak dan weer eens door en al gauw ben je bezig met de uiteenzettingen van Berkouwer over de opvattingen van Barth en Brunner en het overzicht in het woordenboek van Kittel en dan wordt de zaak er niet eenvoudiger op.
Het is dan opnieuw een belevenis om na een dergelijke zwerftocht te grijpen naar het vertrouwde boekje van Dr O. Noordmans, "Het koninkrijk der hemelen", dat een toelichting geeft op de Zondagen 7 t/m 22 van de Heid. C., om daar te vinden, wat je elders zocht.
Het is niet zo dat ie dan een "super-verklaring" vindt met kant klare oplossingen voor alle vragen, neen, het is meer alsof je een draad in handen krijgt, waardoor je op weg geholpen wordt.
Noordmans doet dit op de hem eigen, niet na te volgen manier.
Het is, om de aanloop die ik nam even te vervolgen, in de huidige discussies over het centrum van de boodschap over de Christus en de zg. latere aanvullingen of verrijkingen van de kant van de belijdende gemeente, interessant om bij Noordmans, die door Berkhof eens "de geniaalste reformatorische theoloog in Nederland is genoemd, te lezen: "Wie hier (bij de ontvangenis en geboorte, v.d.K.) met het ontleedmes in de twaalf artikelen zou willen insnijden om dit stuk weg te nemen, zoals heden ten dage ook onder rechtzinnige christenen soms gebeurt, schendt het Evangelie ... " en "Zo moet dan in het Credo en in den H.C. blijven staan, dat Jezus is ontvangen van den Heiligen Geest en geboren uit de maagd Maria. Met een ascetische levensbeschouwing bij het begin van onze jaartelling en een minachting van het huwelijk heeft dat niets te maken. Wanneer wij dezen pijler van onze belijdenis zouden wegtrekken, zou er meer vallen.
Wij kunnen met Paulus zeggen, dat de prediking dan "ijdel" zou worden." (Koninkr., pag. 114 en 116)
Belevenissen met Dr. O. Noordmans
In het voorbijgaan leek het mij goed deze vertroostende en moedgevende woorden mee te pakken bij een stuk van ons belijden, dat niet alleen in de moderne theologie, maar nu ook al bij Berkhof op de tocht is komen te staan.
Je vraagt je, om nu weer bij het eigenlijke onderwerp terug te komen, meermalen af: Hoe komt het dat je zo dikwijls na allerlei omzwervingen langs grote dogmatici en exegeten terecht komt bij Noordmans, die echt niet zo veel en niet erg systematisch geschreven heeft.
Het is mij duidelijk geworden dat dit niet alleen aan mijzelf ligt, want ik ben beslist' niet de enige en naar ik hoop ook niet de enige binnen onze kringen, die met dankbaarheid naar de geschriften van Noordmans grijpt en daaruit veel inspiratie heb ontvangen.
Er is een groeiende belangstelling voor het werk van Noordmans, zodanig dat als ik goed ben ingelicht een nieuwe uitgave van zijn artikelen, brochures en boeken in voorbereiding is.
Er is mij gevraagd iets over hem te schrijven.
Er is in de kolommen van ons blad maar weinig geschreven over Hervormde theologen als Noordmans, Van Ruler, Van Niftrik e.a. Het kan zijn dat we er nog aan moeten wennen, wanneer er anders dan polemisch over deze medestrijders in de zaak van onze Here Jezus Christus geschreven wordt.
Het wordt dan de hoogste tijd dat dit gaat gebeuren, want we zien in de ontwikkeling van onze dagen de onherstelbare schade die er is aangericht niet alleen in allerlei strijd om afgeleide zaken, maar ook in het naast elkaar leven, terwijl we in de strijd om het ware en waarachtige evangelie van Christus niemand kunnen missen.
Intussen vind ik het een hele opgave iets over Noordmans te schrijven. Het is al duidelijk dat ik dit in positieve zin hoop te doen.
Dit artikel lijkt een vreemde aanloop, maar is het niet, want het is niet mijn bedoeling een aantal afgeronde beschouwingen of uiteenzettingen te geven; ik wil eenvoudigweg proberen iets te laten zien van wat er te beleven valt in geschriften van Noordmans rondom het evangelie dat je daarin bij tijden zo stralend tegemoet komt.
Vandaar het opschrift: Belevenissen.
Voor zover ik iets van deze schrijver begrepen heb, ben ik aldus doende enigermate in zijn lijn bezig, want de aantrekkingskracht die er van zijn werken uitgaat bestaat mee daarin, dat hij bij de zaak die hij aansnijdt of het schriftwoord dat hij uitlegt met heel zijn persoon betrokken is.
(wordt vervolgd)