EEN CHRISTELIJK GEBED (3)
1974-05-17
• Ik heb U verheerlijkt op de aarde - Jaargang 18
- nummer 20
De enige echte God heeft de tweede echte mens gezonden. Jezus is Gods apostel, Gods zendeling. En deze zendeling zegt tot zijn Zender: "Ik heb U verheerlijkt op de aarde."
Op de aarde word je verzocht. Op de aarde worden wij verzocht. Op de aarde werd Jezus verzocht, "Wat wilt u: het woord van boven of het brood van beneden?" Dat is de eerste verzoeking, "Wat wilt u: de eer van God of het aanzien van mensen?" Dat is' de tweede verzoeking. "Wat wilt u: Gods zorg geloven of Gods bewaring zien?" Dat is de derde verzoeking.
Jezus werd precies zo verzocht als wij. Alleen, Hij ging niet in de fout.
Hij zei: "Er staat geschreven, er staat geschreven, er staat geschreven!"
Hij heeft God niet néérgehaald op de aarde. Hij heeft God opgehemeld op de aarde. En dat is het hele verschil tussen Jezus en ons.
• Door het werk te voleindigen
Wij eren God in de kèrk. "Mijn mond is vervuld van uw lof", zingen wij. En dat heeft Jezus ook gezongen. In de synagoge, onderweg naar Jeruzalem, in de Paaszaal: "En na de lofzang gezongen te hebben ... ".
Maar wij eren God niet op het wèrk - meestal. Op het werk zijn wij vol van onze naam, onze positie, ons loonzakje. Dat was bij Jezus niet zo. Jezus was vol van God, ook op het werk. En waar zijn hart vol van was, liep zijn mond van over. Hij schikte en richtte heel zijn leven zo, dat Vaders naam om zijnentwil niet gelasterd, maar geëerd en geprezen werd.
Jezus heeft de Vader juist dáár geëerd, waar wij het meestal niet doen.
Daarom nam Hij toe in genade: bij God en bij de mensen.
• Dat Gij Mij te doen gegeven hebt
"Wat wil je worden?" vraag je aan een kind. En je vergeet, dat je zelf niet bent geworden wat je wilde. Je vergeet, dat je zelf bent gemaakt tot wat je niet wilde. De meeste mensen zijn tegen wil en dank geworden wat ze zijn geworden. De meeste mensen zien hun werk als een opgave.
Jezus niet. Jezus ziet zijn werk als een gave. Een genadige gave van God. Een Goddelijk beroep. "Het werk, dat Gij Mij gegeven hebt .. .".
Natuurlijk zien de mensen het verkeerd en ziet Jezus het goed. Ons werk is een geweldig geschenk van God. God geeft ons wat te doen.
In huis en op straat, op de school en in het bedrijf. Een werk om te doen. En - een werk om te voleindigen, om ermee klaar te komen.
Dat kunnen wij nooit zeggen. Al worden wij honderd jaar, wij kunnen nooit zeggen: "En nu ben ik helemaal klaar." Dat kan Jezus wel zeggen.
Hij heeft maar drie-, vierendertig jaar geleefd op de aarde. Maar het werk, dat de Vader Hem had gegeven, heeft Hij gedaan en - voleindigd, Dat zegt Hij toch aan het kruis: "Nu ben Ik helemaal klaar, het is volbracht!"
• En nu, verheerlijkt Gij Mij, Vader, bij Uzelf
Jezus hangt aan het kruis, als Hij zegt: "Het is volbracht!" Daar brengt het christelijke werk je namelijk: aan het kruis.
Ze nemen een loopje met je, als jij niet van je af bijt. Het kan je je baan kosten, als jij niet schippert met het woord van God. Ook jij wordt gekruisigd, 'als je leeft van alle woord dat uit de mond Gods uitgaat.
Gehoorzame kinderen van God worden gepasseerd en uitgerangeerd.
De geschiedenis is er vol van. De geschiedenis van de maatschappij, de staat, en ook de geschiedenis van de kerk. Als je God verheerlijkt, word je zelf ontluisterd. Jezus heeft God opgehemeld op de aarde, dus wordt Hij zelf neergehaald op de aarde.
En daarom bidt Hij nu: "En nu, verheerlijk Gij Mij, Vader, bij Uzelf."
Daarom vraagt Hij om eer en aanzien bij God. En zoals Jezus bidt, moeten ook wij leren bidden. Nu het Lam van God over de dam is, volgen de schapen van God ook.
• Met de heerlijkheid, die Ik bij U had
Jezus vraagt om eer en aanzien. die Hij nóg niet heeft. En daar mogen wij ook om vragen. Maar Jezus vraagt ook om eer en aanzien, die Hij niet méér heeft. En daar kunnen wij niet om vragen. Dat kan Jezus alleen.
Want Hij hàd eer en aanzien bij de Vader. Maar Hij heeft daar niet koste wat het kost aan vast gehouden. Hij heeft die laten schieten. Hij heeft de gestalte van een dienstknecht aangenomen. Hij is ons, mensen, gelijk geworden. Hij heeft zich vernederd tot de dood. En die dood was de dood aan het kruis.
Daarom heeft God Hem ook zo opgehemeld. Daarom heeft God Hem ook de naam boven alle naam gegeven. Opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen. Alle knie van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn. Opdat alle tong zou beamen: Jezus Christus is Here, tot eer van God, de Vader!
• Eer de wereld was
'Wel - zegt Luther heel nuchter - "we weten allemaal: eer de wereld was, was er niets dan God alleen." En dus: Jezus? dat is God zelf!
Dat is het geheim van Jezus: wat wij verknoeid hebben, doet God over.
En dan goed! Ons broddelwerk tovert God opnieuw. God zelf doet de geschiedenis van de mensen over.
De leer van de twee naturen van Christus is geen studeerkamertheologie.
De leer van de twee naturen van Christus heeft te maken met mijn huis, met uw tuin, met onze keuken. De tweede echte mens doet onze geschiedenis over - en dan goed. De enige echte God doet onze geschiedenis over - en dan goed.
En dus kan ik het - op mijn manier - toch vragen: "Vader, geef mij eer en aanzien, die ik niet meer heb." Koning, profeet, priester was ik, voordat ik met Adam in de fout ging. Koning, profeet, priester zal ik zijn, nu ik met Jezus ben opgehemeld.
Hemelvaart is thuisvaart voor de tweede mens. Wederkomst is thuiskomst voor de derde, de vierde en de miljoenste mens. Thuiskomst voor Petrus en voor Johannes, voor u en voor mij.