Verboken verhoudingen

1974-05-17
  • Jaargang 18
  • nummer 20
Argyll, een graafschap in het westen van Schotland, is beroemd om zijn meren. Ja, ook om zijn bergen. En - sedert het Schotse Staatsbosbeheer op grote schaal bossen aanplantte - is Argyll ook min of meer beroemd om zijn bossen. De berg, die het landschap tot in verre verten beheerst, heet Ben Cruachan (spreek uit: ben kroeachan, zoals u leest) en deze Ben Cruachan heeft een hoefijzermodel. Hij heeft namelijk geen top, geen piek, maar een hoogvlakte, die naar weerszijden als een hoefijzer afloopt. Het woord Ben is Keltisch en betekent berg. Trouwens het woord Argyll moet ook Keltisch zijn en - zoals een affiche in Tarbisch aangaf - komt het van area guelic, hetgeen is overgezet zijnde: Keltisch gebied!

Tegen een meer zegt de Schot Loch, met een zachte g. De Engelsman zegt Loek, met een harde k. Door dit shibboleth wordt de Engelsman in het noorden lichtelijk onderscheiden van de ingeborene. De Engelsman zegt tegen een meer trouwens Lake, uitgesproken als leek. Engeland heeft veel meren, een compleet Lake-District, het schoonste gebied van heel Engeland. De Engelsman behoeft niet naar het noorden te trekken om natuurschoon te zien. Doet hij het toch, dan vindt hij geen Lakes maar Lochs. En - om heel secuur te zijn - hij vindt tussen al die Schotse Lochs slechts één Lake: een meertje waar Koningin Victoria vroeger placht te vertoeven en dat sedertdien Lake is blijven heten.

Welnu, aan de top van Loch Awe, tegen de voet van de Ben Cruachan, ligt een lief kerkje. We waren er 's daags tevoren al in geweest en hadden het kerkhof bezichtigd, onze naam in het gastenboek geschreven, het amerikaanse harmonium bespeeld, en de antieke collectebakjes bewonderd: wortelnotenhouten bakjes met koperbeslag, op een gedraaide steel. Schoonheden!

Toen wij vijf minuten voor kerktijd onze wagen hadden gestald, stond de predikant ons op te wachten. Visitors? Jawel. You are welcome!
Met een handdruk. En daar zaten we dan, in een ouderwetse stijve bank, naast een grommende kachel, tussen vriendelijke Schotten (meest Schottinnen) en telden de dertig neuzen. Een oud kerkje als den Ham of Weststellingwerf had kunnen hebben, inclusief een doorlopende galerij, maar exclusief een prachtig gebrandschilderd raam boven de preekstoel, voorstellende een barmhartige Samaritaan. Als je goed keek zag je de priester en de leviet opeens in het groen verdwijnen maar de Samaritaan, de ezel en de gewonde man stondea.an.bij, alsof ze wisten dat ze voor een kerkraam poseerden. Die gebrandschilderde ramen - boeken der leken - zie je in de Ham of in Weststellingwerf niet. Laten we hopen dat de barmhartige Samaritaan wel in die plaatsen komt.

Geen uitvoerige liturgie van staan, zingen, knielen, zitten, bidden, staan, zitten. Eenvoudige gebeden, psalmen en eenvoudige gezangen. De dominé (weet u dat een Schotse dominay schoolmeester betekent? Een predikant heet daar reverend) de re verend dan zong met stentorstem de liederen: hij animeerde met prachtig stemgeluid de zang der zg. kerkgangers die, meest vrouwen met gedekten hoofde, niet meer dan een gedekt geluid lieten horen. Een aardige kerel. Gezond, vriendelijk, beschaafd, geen ambtenaar of kwezel of zakenman, maar een prettige vent. Zijn preek was op basis van Luc. 15 : 28. Dat ging over de broer van de verloren zoon, die boos werd toen hij merkte dat er feest gevierd werd om de terugkeer van deze jongeman, die niet naar binnen wilde om mee te doen met het feest; en die door zijn vader, naar buiten gekomen, vermaand werd.

Zo bekend als die gelijkenis mag zijn, zo weinig is dat vers bekend.
Meestal wordt de gelijkenis als een eenheid genomen en is de houding van de brave zoon slechts een detail in het totale schilderij. Hoe koppiger die brave zoon, hoe schoner de bekering van zijn broer; en hoe treffender de vergeving van hun vader.

Maar hier bleek de hoogmoed van de mens, die geen bekering nodig heeft. Die de gebroken verhouding niet wenst te herstellen. Die liever de gebroken toestand continueert dan mee te werken aan een herstelde harmonie. Die meer belang heeft bij de verlorenheid van zijn broer die een achtergrond voor zijn eigen braafheid vormde - dan bij 's mans berouwvolle terugkeer. Omdat die zijn zondeloosheid kan aantasten.

En dan de vader, die een ogenblik de feestzaal verliet om zijn oudste zoon over te halen. De man met de twee zonen. Beiden waren hem even lief. De een had alles al. En de andere kreeg vandaag alles: Twee rijke kinderen van één vader. En nu werd het feest bedreigd door de wrok van de oudste zoon, die - op het moment dat de drieklank zich hervond - een nieuwe dissonant tussenbeide wierp. De engelen in de hemel zongen bij de bekering van die ene - en de eigen broeder "werd boos". Hij zei meer dan hij kon verantwoorden. Hoewel de gelijkenis slechts meedeelt dat de jongste zijn erfdeel had "verkwist", wist de oudste zo maar te zeggen: dat zijn broer het familiebezit had opgemaakt met "slechte vrouwen". Je zou zeggen: hoe kwam hij erbij?

En dan een vader, die het laatste woord had. Vriendelijk, overtuigend, herhalend de feiten. Alle feiten, ook van slechte vrouwen en zo? Nee, de feiten, die aanleiding gaven tot een familiefeest. De waarheid is meer dan de kille feiten, alle feiten, harde feiten. De waarheid zeggen is: datgene van de vaststaande feiten ophalen, dat daar een algemene dankbaarheid op volgt. Harmonie. Ai ziet, hoe goed!

Zo was deze Schotse preek aan Loch Awe, aan de voet van de Ben Cruachan, een kostelijke gebeurtenis. Inboorling en visitor, Scottish clansman en bloady Dutch, allen kinderen van één Vader. Die zich elk moeten bekeren - de een van een slecht leven de ander van een opperbest leven - om met God een reine drieklank te vormen.
En wie liever de verbroken verhouding continueert, wie de zonden (en
vermeende zonden) van zijn broeder liever overeind houdt, verbreekt moedwillig de drieklank met God en de naaste. Of hij in den Ham woont of in Weststellingwerf.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief