Contact Orgaan Gereformeerde Militairen en Alleenstaanden
1973-08-24
In de "Kerkklok", orgaan ten dienste van de kerken in de Classis Apeldoorn van de Christelijk Gereformeerde Kerken troffen we in het nummer van 10 augustus 1973 onderstaand artikel aan. Nu in deze periode vele jonge mannen, ook uit onze kring, weer hun militaire dienst zullen dienen te vervullen velen van hen een groot deel van deze dienstijd in West-Duitsland zullen doorbrengen, is het wenselijk deze zaken onder ieders aandacht te brengen.- Jaargang 17
- nummer 30
We zijn onze Chr. Geref. broeders zeer dankbaar voor de wijze waarop zij !hun inbreng in dit werk onder de militairen zijn gaan geven. Vooral de broederlijke samenwerking heeft ons als C.O.G.M.A.-team zeer goed gedaan.
Maar het belangrijkste voor ons is wel dat de samenwerking is gecontinueerd.
U kunt dit ook lezen in onderstaand artikel waar gezegd wordt: "Vanzelfsprekend voeren wij het verdere werk met hen gezamenlijk uit. Dankbaar maken wij gebruik van hun ervaring."
Dit soort reacties is prachtig en hoopgevend. Wat is er veel verdriet geleden toen we voor enkele jaren bij de puinhopen stonden van het werk onder de militairen in W. Duitsland. Toen vele werkers van de C.C.G.G. de broeders Hummelen, Krol en ondergetekende en Ds C. Balkker van Glanerbrug destijds, als onnutte dienstknechten aan de kant werden gezet. Wat was er een moed voor nodig om onder de bezielende leiding van legerpredikant Ds J. Goudzwaard dit werk weer aan te vatten.
Maar de God van de hemel deed het ons gelukken. Wat mensen ten kwade gedacht hadden, heeft God ten beste gekeerd. We werden door eigen broeders verstoten, maar zie de Heere had nog meerdere kinderen in dit land, door dezen werden we wel als broeders geaccepteerd.
Moge deze arbeid verder zijn tot heil van onze kerken die elkaar steeds meer gaan zoeken, omdat ze elkaar zo nodig hebben.
Mogen wij van onze kant ook nog eens onderstrepen het grote belang van een goede berichtgeving van de zijde der kerkeraden. Trouwens alles wat in onderstaand artikel geschreven wordt is van groot belang voor ons werk onder de militairen in W.-Duitsland en de Ned. Antillen.
We hopen dan ook in de toekomst, dat vooral aan deze berichtgeving goede aandacht geschonken wordt. Als een jonge broeder in W.-Duitsland wil onderduiken, dan heeft hij alleen de kans dat dit gelukt indien zijn kerkeraad verzuimd heeft zijn militair adres door te geven.
Tenslotte wil ik er nog op wijzen, dat per 1 augustus 1973ook het 43e T.B. (Tankbataljon) naar W.-Duitsland is overgebracht en wel naar de Kazerne Langermanshof in de omgeving van Bergen. Vele gezinnen zullen zich dus in oktober, als de woningen gereed zijn, daar weer vestigen. Mochten er zich dus militairen binnenkort bij hun kerkeraad afmelden, kerkeraden Let dan op uw zaak. H. J. Bosch
ZWERFTOCHTEN DOOR WEST-DUlTSLAND
Vooral in deze vol-zomertijd gaan uw gedachten meteen aan het werk bij het lezen van deze titel. West-Duitsland en vooral de bovenste helft is rijk aan natuurschoon.
Wie zou er niet voor voelen een zwerftocht door al dat schoons te maken.
't Ligt niet in de bedoeling u mee te nemen op een vakantietocht. Het gaat hier om zwerftochten die "werktochten" zijn.
De lezer die zijn ogen ook wel eens over andere kolommetjes dan die van zijn eigen gemeente laat gaan, heeft al enkele keren iets kunnen lezen over gemaakte zwerftochten, door enkele broeders uit Enschede.
De start
Medio 1972 werden de kerkeraden van Enschede benaderd door het secretariaat van COGMA. Voor wie deze naam niets zegt: het is de afkorting van Contact Orgaan Gereformeerde Militairen en Alleenstaanden. U begrijpt het, deze organisatie onderhoudt en legt contact met militairen. Voornamelijk zij die in Duitsland of elders buiten onze grenzen verblijven vallen onder dit contact.
Deze commissie, die reeds jaren contactreizen onderneemt langs de bases in West-Duitsland, kwam daarbij ook met gezinnen onzer kerken in aanraking. We werden door onze Buitenverbandse broeders op deze mensen attent gemaakt. Onze belangstelling was gewekt. Enkele gezinnen waren ons beleend, doordat zij in Enschede te boek stonden.
Op uitnodiging van COGMA maakten 2 broeders uit Enschede in november 1972 een contactreis mee. Met een vijftal adressen op zak gingen wij er op af.
Waarheen?
Uiteraard heeft dit werk alleen zin in de door Nederlandse troepen bezette gedeelten van Duitsland. Het meest noordelijk is de basis Seedorf/Zeven, halverwege tussen Bremen en Hamburg. Dit is verweg de grootste Hollandse nederzetting. Verder, zuidoostelijk Hohne-Bergen. Dit is in de buurt van het beruchte kamp Bergen-Belsen. Dan trekken we de lijn door naar het zuiden. Stolzenau, Bergen en Hessisch Oldendorf en Blomberg. Dan weer westwaarts richting Münster en de grens mét ons Land.
In dit ,,blok" Duitsland zijn op elf plaatsen, op behoorlijke afstand van elkaar, onderdelen van de nederlandse strijdkrachten gelegerd.
Met name dat deel, dat met de luchtmacht te maken heeft, kent veel beroepsmensen, die, speciaal daarvoor opgeleid, voor tenminste vijf jaar hun taak in Duitsland hebben. Deze beroepsmensen zijn over het geheel genomen, bijna allemaal getrouwd. De gezinnen van deze mensen worden daardoor ook in Duitsland gevestigd. Zo ontstonden er in veel plaatsen grote Hollandse nederzettingen, waar alle militaire gezinnen bij elkaar wonen.
Op de diverse bases zijn, in de kazernes, de dienstplichtige militairen gelegerd, die meestal ruim één jaar daar moeten blijven. Voor een groot deel van hen bestaat de taak uit het bewaken van niet nader te omschrijven materiaal. Anderen zijn ingedeeld bij vervoerstroepen of pantsereenheden, Al met al verblijven duizenden van onze jongens en gezinnen in dat bezette deel van ons buurland. Het juiste aantal is moeilijk te schatten voor een buitenstaander.
Op zoek
Hoe vind je nu in zo'n geweldige massa mensen verspreid over zoveel plaatsen, broeders en zusters van eigen kerk, teneinde zielzorg te kunnen plegen.
Dat is de grote moeilijkheid.
Hoe vind je ze? Waar komen ze vandaan? Hoe leven ze?
Uit de gesprekken die we op onze eerste maar ook op de twee volgende zwerftochten mochten hebben, is ons wel duidelijk geworden, dat het een wonder mag beten, dat jonge mannen en vrouwen, in die omstandigheden hun geloof behouden, Dat ze er voor staan. Dat ze er alles voor willen doen - om de "ander" mee te trekken, klaar om iedereen op te vangen.
ZWERFTOCHTEN DOOR WEST-DUITSLAND
Zulke mensen heb je gauw gevonden. Tijdens het koffieuurtje na de preek, komen ze vanzelf op je af. Alsof ze je kennen. Zou de wetenschap dat de klerk naar hen omziet niet een geweldige stimulans voor zulke broeders en zusters zijn?
Onbetaalbare informatie bronnen zijn ook de tehuisbeheerders en de legerpredikanten.
Spontaan werden we ontvangen en alle mogelijke inlichtingen werden verstrekt of nagezonden. Er zijn echter ook andere gevallen. Geruisloos onderduiken in West-Duitsland, als het om de kerk gaat, is heel gemakkelijk. Bij de registratie opgeven dat je “protestant" bent, is al voldoende om verder kerkelijk onopgemerkt te blijven. Je bent immers of protestant of R.K. of, de laatste jaren ook mogelijk humanist. Slechts een klein deel van wat protestant is, laat zich zien in de basiskerken. Als je "weg" wilt zijn ga je gewoon niet naar de kerk en je bent zo vrij als een vogel.
Niemand zal je daarover aanspreken. Niemand wekt je op om mee naar de kerk te gaan. Niemand zal je waarschuwen je ziel niet te verliezen.
Ja, die "protestant" verwacht wel van de legerpredikant, bij ziekte of bij andere gelegenheden aandacht aan hem of zijn gezin te besteden. Hij moest het eens niet doen. Dan was hij een vent van niks. Maar de kerk?
Toch mochten we van verschillende predikanten horen, dat ook daar mensen getrokken worden van buiten de kerk en tot geloof komen, belijdenis doen en kinderen laten dopen. Helaas staat daar tegenover, ook een ervaring op onze tochten, dat broeders en zusters van onze kerken herhaaldelijk "niet thuis" geven. Anderen ontvangen je spontaan. Blij dat er iemand uit Holland komt, Maar het gesprek ... Losgeweekt door lang buitenlands verblijf? Verknocht aan de schijnbare voordelen die het leven daar biedt?
Omgang met verkeerde vrienden? Het geestelijk gesprek komt niet op gang.
Ontmoedigend als je moet constateren: deze mensen zijn alles kwijt. Het hoeft voor hen niet meer. Ze zien het niet meer zitten, Ze hebben er geen behoefte meer aan. Het leven is goed, al zijn er hier bezwaren aan verbonden.
Ze leven het alsof ze nooit van "ander leven" hebben geweten.
Je gaat ook wel eens teleurgesteld terug naar een P.M.T. om even tot andere gedachten te geraken. Maar als je dan aan de Leestafel schuift en een krant pakt, dan is daar in één keer die jonge soldaat, waarmee je een gesprek begint. Een Gereformeerde jongen, die een van de "getrouwen in den lande" blijkt te zijn. "Zoekt u me de volgende reis weer op?". Kijk dat is dan een verkwikking. De ene deur slaat a.h.w. dicht, maar ergens anders wordt er al weer een geopend.
Ontmoetingen
Vrijwel iedereen waarmee je tot een gesprek komt, is blij dat "de kerk" op pad is om hen te ontmoeten. Je voelt de dankbaarheid met het contact.
Met vrijwel alle legerpredikanten hebben we op onze diverse reizen gesproken alsook met de tehuisleiders van de P.M.T.'s. De geplande bezoeken bij de diverse gezinnen, zoveel. mogelijk verdeeld, onderling en om des tijds wille, Lopen veelal uit tot na middernacht. Fijn te ervaren dat op deze wijze gemeenschap der heiligen mogelijk is. Eens hebben we op een zondagmorgen bij een van onze gezinnen, een huiskerkdienst gehouden. Zes grote mensen en drie kinderen, maar de Here was aan die plaats onder de bediening van het Woord.
Zo beleven velen ook het samenleven op kerkelijk gebied. Op iedere basis worden zondags diensten gehouden. Op een enkele plaats slechts eens per 2 zondagen. Seedorf maakt een uitzondering met 2 diensten per zondag.
Daar is ook sprake van een "Gemeente" met een kerkeraad. In andere plaatsen zijn contactcommissies die met de predikant samen werken. Graag horen deze mensen eens een preek van een dominee uit Holland als hij meegaat op zwerftocht.
Kerkrechtèlijk zou je hier veel vragen kunnen stellen. Wonderlijk, niemand weet van de andere broeder of zuster, tot welke kerk hij of zij in Holland behoort. Men vraagt dat niet Er is eenvoudig weg een elkaar ontmoeten en aanvaarden op basis van Gods Woord, waaruit zij willen leven. De door omstandigheden geboren vorm van samenwonen in een kerk die eigenlijk geen kerk is. Of juist toch wel???
Velen van hen zullen helt moeilijk hebben bij terugkeer naar ons land, als ze weer in hun éigen vakje worden opgeborgen. Daarom temeer mogen zij nooit het gevoel krijgen door God losgelaten te zijn.
Zorg
Veel kom je aan de weet, als je een paar keer zo'n tocht maakt. Die eerste tocht heeft ons iets “gedaan" en de latere tochten niet minder. Hier is werk,en wij wisten het niet. Hier moet reus gedaan worden. Al moet je dan ook zo'n kleine 1200 km her en der door Duitsland rijden. Al ben je ook van 8 uur 's morgens tot middernacht bezig, je weet: het moet gebeuren en daarom kan het.
Organiseren
Wij zijn de broeders van Cogma dankbaar dat ze ons op het spoor hebben gezet. Vanzelfsprekend voeren wij het verdere werk met hen gezamenlijk uit Dankbaar maken wij gebruik van hun ervaring.
Intussen moet het werk meer vorm krijgen. De voorlopige Werkcommissie te Enschede moet worden uitgebreid, zodat het niet een plaatselijke aangelegenheid blijft. Enkele broeders uit den lande zijn reeds aangezocht. Deputaten Geestelijke Verzorging Militairen staan er geheel achter.
In de toekomst moeten wij verzekerd zijn van de medewerking van predikanten en ouderlingen onzer kerken, om met ons deze zwerftochten te gaan maken. Er zijn nog zoveel dingen die uitgewerkt moeten worden.
Vragen te over: Onderhouden de thuiskerken zelf contact met hun jongens of gezinnen in Duitsland? Weten alle kerksraden waar hun leden heengezworven zijn? Hoe komen wij tot een zo hecht mogelijk contact, met name met onze dienstplichtige jongelui? Zijn we er klaar mee, ook al doen we dat iedere zondag, dat we onze jongens opdragen aan de Heere, omdat ze in militaire dienst zijn? Dat doen we toch omdat we weten dat ze zo gemakkelijk kunnen afglijden? Wij weten immers dat de verleiding zo groot is? Maar als we weet hebben van de strijd van de getrouwen en van de verveling van onze jongens en van de gevaren van de "geneugten"des Levens, die daarentegen worden gepresenteerd, waarom doen we dan niets?
Gebed voor deze zaak is noodzakelijk. Maar even noodzakelijk is, dat zij, die er zich voor willen inspannen, van gegevens worden voorzien. opdat ze uw leden in Duitsland kunnen opzoeken, om hen te laten voelen: de "kerk" laait jullie niet los. Ze zullen hun kerkeraden dankbaar zijn en de kerkeraden hebben, als deze jongelui of de gezinnen te eniger tijd, uit de vreemdelingschap terug keren naar de thuisgemeenten,
De werkcommissie Contact Militairen in het Buitenland ziet uit naar uw reacties. Correspondentie te richten aan J. Koning, Ambonstraat 8, Enschede