De islam en de kerk in Nederland

2005-06-03
  • Jaargang 49
  • nummer 11
In de kroniek van het theologisch kwartaalblad Kerk en Theologie (april) schrijft dr. A.J. Plaisier behartenswaardige dingen over de islam en de kerk in Nederland. Ik neem er twee gedeelten uit over. Eerst iets ter relativering van - wat Plaisier noemthet ‘latent schuldgevoel van christenen over de kruistochten’: De islam zelf is van meet af aan uit geweest op expansie, ook met militaire middelen, en het is dan ook voor de vele geestelijke leiders in de islam een bittere teleurstelling geweest dat deze expansie uiteindelijk niet is doorgedrongen tot Europa, of na aanvankelijke successen tot stilstand is gebracht en op zijn retour is geraakt.
In dit verband kan het geen kwaad op te merken dat de kruistochten tegen de achtergrond van deze eeuwenlange militaire aandrang gezien moeten worden. Hoe barbaars ze ook zijn geweest, ze dienen niet anders dan als een ‘lang uitgesteld, zeer beperkt, en uiteindelijk niet erg werkzaam antwoord op de jihad’ (aldus de oriëntalist Bernard Lewis) beschouwd te worden.
() Terecht merkt Paul Scheffer op dat de islam als slachtoffer van het imperialisme, zoals dit vandaag vaak wordt voorgesteld, ‘wel een erg korte samenvatting is van deze eeuwenlange machtsontplooiing, ook buiten Europa’.

De islam is een expansieve religie, waar het gebruik van macht een wezenlijk onderdeel van uitmaakt.
De islam is van meet af aan door militaire verovering gegroeid, anders dan het christendom, dat zich aanvankelijk op vreedzame wijze heeft verspreid in een samenleving die haar niet welwillend gezind was.
Dit gegeven gaat terug op het verschil waarmee Jezus en Mohammed met geweld en tegenstand zijn omgegaan.
Helaas heeft de kerk de weg van haar ‘stichter’ vaak met voeten getreden, maar daarmee is het verschil niet opgeheven.

Dan over datgene wat werkelijk het hart van de zaak is: Inhoudelijk gezien stelt de islam de kerk voor de vraag naar haar identiteit.
Spreken over een Abrahamitische oecumene acht ik een move, waar ik geen enkel heil in zie. De islam is een alternatieve religie tot het christendom, geen parallelle religie.
Zeker, er zijn genoeg overeenkomsten tussen het christelijk geloof en de islam te vinden. Het is niet nodig hier het rijtje te noemen. Maar een religie, die zich heeft ontwikkeld als een alternatief monotheïsme, ontstaan in bewuste afwijzing van het hartbegrip van het christelijke geloof; de vleeswording van het Woord, de kruisdood en opstanding van Jezus als verzoening tussen God en mens, die religie kan niet opgevat worden als een parallel met het christelijk geloof.
Integendeel, hier scheiden principieel de wegen. Dit kan gesteld worden, ook in de erkenning dat de moslim besef van God heeft en ook dat de moslim een relatie met God heeft of kan hebben. Er zijn veel waardevolle noties in de islam, zoals die er ook zijn in de Griekse filosofie, de Indiase Upanisade, het Chinese taoïsme. Er kan zelfs gezegd worden dat er meer verwante noties zijn tussen islam en christendom dan tussen Plato en Christus, en historisch gezien is daar ook alle reden voor. Maar te stellen dat deze verwantschap zich laat herleiden tot een eenheid houd ik voor een relativering van het christelijk geloof. Een dergelijke relativering zal het proces van afkalving van kerk en geloof alleen maar bespoedigen.
In het licht van het bovenstaande is het tijd dat de kerk opstaat uit haar slaap. Zij is in slaap gewiegd door het modernisme en op een andere manier door het postmodernisme. In plaats van een creatieve en moedige verhouding aan te gaan met dit (post)modernisme heeft ze zich er teveel door laten verlammen. Dat is overigens ook gebeurd, waar zij de uitdaging van de moderniteit niet heeft verstaan en zich heeft opgesloten in een bastion van eigen gelijk. Er is veel dode orthodoxie, ook heden ten dage, die eindeloos de waarheden van gisteren heeft herhaald, en niets heeft gedaan om het christelijk geloof in een adequaat getuigenis vis-à-vis de eigen tijd te verwoorden en voor te leven.
De kerk in de postmoderne westerse cultuur is, vooral door de islam, opnieuw voor haar ultieme raison d’être gesteld. De islam is een religie die de kerk hierop bevraagt. Juist omdat zij zich niet heeft gevoegd in de vooronderstellingen van de moderne maatschappij, is zij in staat de kerk naar haar bestaansrecht te vragen.
Wanneer deze uitdaging niet wordt verstaan en wordt bezworen, bijvoorbeeld door eenzijdig op het tamboer te slaan van dialoog, respect en openheid, zal op de winterslaap van de kerk snel de dood volgen. Het lot van de kerken in Noord-Afrika mag wat dit betreft een historisch teken aan de wand zijn. Er zullen christenen zijn, die dit allemaal niet erg kan beroeren.
Er zijn geluiden genoeg van christenen, theologen en zelfs missiologen, die menen dat je alles kunt beweren, en die als kern overhouden dat God wel wat met mensen heeft en die daarbij elke idee van zending en zendingsdrang afwijzen. Met dit soort uitspraken is de witte vlag wel uitgehangen en is het hoofd in de schoot gelegd. Ik hoop dat de uitdaging van de islam uiteindelijk een andere uitwerking zal hebben.

M.H.T. Biewenga, Enschede

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief