Psalm 20
1973-09-28
28• Met de deur in huis - Jaargang 17
- nummer 35
De dichter van Psalm 20 valt met de deur in Gods huis: Jahweh antwoorde u ten dage der benauwdheid ...
Wanneer iemand in de knoei, in het nauw zit, is elke omhaal van woorden teveel. Heidenen menen hun goden daarmee te kunnen vermurwen, zegt Jezus (Mt. 6: 7), maar wat de mensen een schietgebedje plegen te noemen, is in wezen helemaal niet zo oneerbiedig.
God legt zijn oor te luisteren en geeft antwoord met-ter-dáád (Ps. 20: 7).
Een koning die door de knieën gaat - dat is het wat de bezoekers en bewoners van Gods huis op een dag te zien krijgen. Want hier (net als bij Hizkia) (Jes. 37 : 14 v.v.) is het een kóning die in de knoei zit, de gezalfde (vs 7), en dat is geen kleinigheid. Dat heeft zijn consequenties voor land en volk, voor Godshuis en paleis.
De koning is naar de kerk gegaan.
Hij heeft offers gebracht met hart en hand (vgl. Ps. 141: 1, 2).
Brandoffers waar geen lood vlees van overblijft, die geheel in vlammen opgaan: laaiende vuurtongen die ten hemel willen reiken om Gods aandacht te vangen.
Want wat is zelfs een koning meer dan een klein mannetje wanneer hij in het nauw zit, wanneer vijanden van alle kant het op hem gemunt hebben ( I, II Sam.)?
• Koningsproblemen
Heel wat koningen en dictators hebben 't veld moeten ruimen tot op de dag van Allende. Zelfs al waren er die het "Gott mit uns” op hun met patronen beladen koppelriemen of hun rijks-daalders hadden geslagen.
Politiek, het bewaren van politiek evenwicht, is een hachelijke zaak.
Van de ene dag op de andere kan het verkeren. Wie vandaag plechtig vèrzekert de neutraliteit te zullen eerbiedigen, kan de volgende dag bommen op je land laten regenen. Wie gisteren als staatshoofd nog met alle eerbetoon werd ontvangen, kan vandaag een vergeten man zijn: Allende kan er (niet meer) van meepraten.
David is niet zo dom of hij weet dat dit in zijn wereld óók aan de orde van de dag is. Hoe meer we te weten komen van die oude tijden, hoe begrijpelijker Prediker wordt: er is niets nieuws onder de zon (4 : 13-16).
Vertwijfeld grijpen heersers een strohalm vast (vgl. Jes. 36: 6)vergeefs. Want volksgunst is wisselvallig, onberekenbaar - en bondgenootschappen blijken van scheurpapier. Daarom proberen zij altijd krampachtig, door middel van machtsvertoon, geweld en onderdrukking, te houden wat zij hebben. Maar het enige dat hun ten dienste staat is hun eigen macht, de mate van sluwheid en geslepenheid die zij zelf bezitten - tot er een komt die slimmer is dan zij.
• De koning gaat door de knieën
Nee, David is niet van gisteren.
En hij is evenmin een idealistische pacifist. Als er Filistijnen, Moabieten, Ammonieten, Edomieten zijn, dan moet er gevochten worden - en hij heeft zich bij hen, met name bij de Filistijnen nu niet direct bemind gemaakt (1 Sam. 27) - ze blaken van woede en dorsten naar wraak.
't Is maar goed dat God hem klein gehouden heeft: geen groot leger, geen cavalerie om u tegen te zeggen (Deut. 17 : 14-20). Wie in één keer van veehoeder tot kroonpretendent promoveert, kan gauw zijn hoofd verliezen - letterlijk en figuurlijk.
En dus zit David echt in het nauw en zien zijn soldaten een koning op de knieën... nog vóór de strijd begonnen is.
Maar ze begrijpen hem. En daarom vallen ze met de deur in Gods huis. Voor velen is de factor "macht" het eind van alle tegenspraak en tegenstand in de politiek.
Voor deze bidders niet: het "Gott mit uns", Immanuël, staat niet op hun koppels maar in hun bijbel. Zij weten dat "de" politiek niet het laatste woord heeft noch het aantal divisies, maar Gód.
Zoek eerst het koninkrijk Gods dat doen ze al lang voordat Jezus er weer eens aan herinnerde.
• Beter één offer in de hand…
Wie kan redden? De HERE - Jacobs God.
Waar is Hij? In het heiligdom op de berg Sion.
Wanneer wil Hij helpen? Juist Hij wil gebeden zijn. Gebeden met hart en hand. 't Gaat pas goed fout met David als hij zijn soldaten laat tellen (2 Sam. 24). En dan is het uitgerekend Joab die aarzelt ...
Alleen God kan David de overwinning geven.
Heeft David dan niets meer te doen? Betekent "zonder bezorgd te zijn" ook "zonder voorzorgen te nemen"?
Beslist niet: Hij geve u naar uw hart en doe al uw plannen in vervulling gaan.
David heeft de situatie wel terdege overdacht (in zijn "hart") en maatregelen genomen. Zelf is hij dien volgens overleg gepleegd en gehard in de strijd (Saul!). en hij heeft uiterst bekwame generaals.
Maar aan Gods zegen is ALLES gelegen. Daar kan de beste generaal, de meest geharde krijger NIETS aan veranderen. De enige garantie is God. Als de mensen dáár rekening mee hielden, stond het er met de wereld anders voor.
Eén gebed is meer waard dan duizend atoombommen (Op. 8 : 3).
Eén "offer met de hand" meer dan tien diplomaten in de lucht, met een supersonisch vliegtuig op weg naar een vredesconferentie.
• Juichen bij voorbaat
Alléén God garandeert zó dat Hij zijn garanties ten volle nakomt (Ps 89). Bij Hem zijn bondgenootschappen geen scheurpapier (Ps. 2 : 7 v.v.). Davids dienaren wéten dat: wij willen (bij voorbaat!) juichen over uw overwinning.
En David weet 't óók.
Hij weet het zeker.
Nu weet ik, dat de HERE zijn gezalfde (!) de overwinning geeft.
Hóe weet hij dat?
Door ingeving, inspiratie? Zo de nieuwe Korte Verklaring: "een dergelijke zekerheid kon verkregen worden doordat Gods Geest een mens aangreep, ... de uitspraak… werd gedaan door iemand, die een goddelijke openbaring ontvangen heeft of ontvangt."
Of omdat hij ziet dat èn hij èn het volk èn de priesters één zijn in het geloof?! Geloof dat zijn zekerheid ontleend aan Gods garanties (Ps. 2) en niet aan "wagens en paarden". "Wij roemen in de naam van de HERE, onze God" (20 : 8).
Zo treedt David in zijn jeugd tegen Goliath in het krijt met niet meer dan een slinger, een steen en ... geloof: gij. treedt mij tegemoet met zwaard en speer en werpspies, maar ik treed u tegemoet in de naam van de HERE, de God der slagorden van Israël, dien gij getart hebt (1 Sam. 17: 45 v.). En hij is zeker van de overwinning.
Want nu is het Góds zaak geworden.
En dienaangaande liggen er beloften.
Voor David - als de Ammonieten zijn gezanten-met-rouwbeklag in mini-mode terugsturen (2 Sam. 10).
Voor de leeuw uit Juda's stam, de wortel Davids (Op. 5: 5), de huidige Koning der koningen.
Nu weet ik, dat de HERE zijn gezalfde de overwinning geeft, Hij antwoordt hem uit zijn heilige hemel met de machtige heilsdaden zijner rechterhand.
Want: het geloof is de zekerheid der dingen die men hoopt, en het bewijs der dingen die men niet ziet (Hebr. 11 : 1).
En nog eens: wat is een waar geloof?
Een zeker weten. . . een vast vertrouwen (H.C. Z. 7).