Bijbelstudie ! Bijbelstudie ! Bijbelstudie!

1973-10-26
  • Jaargang 17
  • nummer 39
Het is een algemeen erkend feit dat christenheid en kerk in heel Europa, en niet het minst in ons land, in een ernstige, haar fundamenten beroerende crisis verkeren. Het is bijna een gemeenplaats dat te constateren.
Nederland is géén christelijke staat en ons volk géén christelijke natie meer. De tijd waarin ze dat waren is - voorgoed? - voorbij.
Wat in deze fatale ontwikkeling het meest de aandacht trekt is wat met en onder de jeugd gebeurt.
Er zijn enorm veel organisaties en acties waarin de jeugd betrokken wordt en meedoet. Vooral in de "linkse" flank van ons volk is men op een, voor positieve christenen beschamende, wijze actief.
Maar men richt zich daar vooral op politieke en maatschappelijke problemen. En dat doet men in allerlei christelijke jeugdorganisaties óók - heelaas vaak schromelijk verwaarlozend wat het eerst nodig is, namelijk het intensieve en ononderbroken bestuderen van en zich inleven in de boodschap van de Heilige Schrift, het levende Woord van God.
We moeten het ons goed realiseren dat het er ook onder gereformeerden met de studie van de Heilige Schrift niet zo best voor staat. Als men onder jongelui van, zeg maar, 16-20 jaar zou vragen hoeveel uur (of minuten?) zij per week aan het lezen, bestuderen, overdenken van de bijbel wijden zou het resultaat, ik ben er zeker van, droevig zijn. Ik heb indertijd aan studenten catechisatie gegeven. Maar het was, enkele uitzonderingen daargelaten, ontstellend wat zij van de bijbel wisten.
Ze hadden het graag over allerlei actuele "topics" in de politiek, de maatschappij, de wetenschap, maar van een zich werkelijk, met inspanning van alle krachten, inleven in de boodschap van de Heilige Schrift was zelden sprake. Enkele jaren geleden heb ik in Opbouw een boekje open gedaan over de droevige resultaten van het onderzoek naar de bijbelkennis van aankomende studenten in de theologie! En iedere catecheet weet dat de catechisanten naarmate zij ouder worden veelal steeds minder van de bijbel afweten. De kennis ervan die ze 00 de school opdeden verschraalt al meer. En van een verbreden en verdienen ervan is helemaal geen sprake. Het behoeft ons daarom niet verwonderen dat veel kerkmensen een gemakkelijke prooi zijn geworden van allerlei onrijpe theorieën. Die zijn meestal goed afgestemd op de "geest dezer eeuw", worden veelal op boeiende wijze opgediend, en geven het strelend gevoel daarmee geheel en al op de hoogte van de tijd te zijn.
Het is geloof ik al wel dertig of veertig jaar geleden dat de bekende dr. Kraan eens schreef dat als het in de gereformeerde wereld, speciaal onder de intellectuelen, niet zou komen. tot veel dieper gaande bijbelstudie dan toen het geval was, men de tak doorzaagde waarop men zat. Deze profetie wordt met de dag meer bewaarheid.
Maar er is, Gode zij dank, in alle misère toch ook een verschijnsel dat ons met grote dankbaarheid vervult en moed geeft voor de toekomst. Het is dit dat er óók jongeren zijn die ter dege beseffen waar het nu vóór alles op aankomt.
Hierop namelijk dat het blijvende, het specifiek christelijke, de "ziel" van heel het mensenleven niet een idee, een principe, 'n stel waarheden, een theologie, maar de levende Christus is. Zulke jongeren zijn er in het buitenland. Ik heb voor de Televisie eens een "hippe" jongeman voor een aandachtig gehoor op een campus van een universiteit in Amerika zo de rechtvaardiging van de goddeloze door het bloed van Christus horen prediken als ik het zelden meemaakte. En zulke jongeren zijn er in ons land en in onze kerken ook! Zij lijden ook onder de nameloze ellende die er in Zuid-Vietnam heerst, onder alle rassendiscriminatie, kolonialisme, en de onbeschrijfelijke nood in de derde wereld. Maar ze weten dat het daarbij óók en zelfs vóór alles voor hen aankomt op een sterk en persoonlijk geloof in Jezus Christus. En dat dat geloof alléén kan komen, blijven en groeien door een ononderbroken en steeds intensiever wordende omgang met de Heilige Schrift.
Want die Schrift is het "gewaad", het énige, waarin Christus, door zijn Heilige Geest tot ons komt, onder ons is, zich aan ons bekend maakt en onze rechtvaardiging, heiliging, verlossing, vrede kortom, voor ons alles wordt.
Het was opmerkelijk dat - terwijl er op een jeugddag waarop aan de kerkjeugd "keihard" zou worden gedemonstreerd hoe "rot" onze maatschappij is, slechts enkele honderden jongelui aanwezig waren - er duizenden samenkwamen waar het Woord van God in het middelpunt stond. Ik denk, dit schrijvend, niet in de laatste plaats aan de door duizenden bezochte landdag van de "Youth for Christ" bij Steenwijk.

Waarom ik dit alles schrijf?
Wel een aantal mensen uit verschillende kerken hebben de handen ineengeslagen om de zo noodzakelijke, gelovige bijbelstudie te bevorderen.
Zij hebben namelijk een school opgericht waarin het vóór alles gaat om intensieve beoefening van de studie van de Heilige Schrift. Zij beoogt jongelui in te leiden in de wondere wereld van de Heilige Schrift. Op allerlei wijs. En intensief. Het is een dagschool.
De gehele cursus ervan omvat drie jaar. En de opzet is zó dat zij tegelijk opleidt voor de akte die de bevoegdheid geeft tot het geven van godsdienstonderwijs aan secundaire scholen.
Maar ieder jaar is een zelfstandig geheel. Er was een start-mogelijkheid omdat een broeder een flink bedrag daarvoor beschikbaar stelde. Er zijn verscheiden bekwame docenten aan verbonden uit de "buitenverbandse" kerken: ds Visser, ds Holwerda, ds Keuning dr Arntzen en br. Waagmeester.
Verder uit de Chr. Geref., de Geref. en de Ned. Herv.
Kerk. Allen mannen die van harte instemmen met de Reformatorische Confessies. En - dat wil ik er met nadruk bij zeggen - deze docenten (er is ook één dame bij: Mevr. baronesse v. Slingelandt) hebben hun arbeid tot nu toe zonder enig honorarium, in de dubbele betekenis van het woord: "pro Deo", verricht! Het prof.
Van Riessen, prof. Van 't Spijker, drs Noordergraaf werd ook ondergetekende benoemd in een "Raad van Toezicht". Ik heb toezicht gehouden. En ik wil alleen maar zeggen, dat ik verwonderd en onuitsprekelijk dankbaar ben voor wat op deze school wordt gedaan.
Van meer dan één docent heb ik gehoord dat 't werk daaraan, de toewijding, belangstelling, het enthousiasme van de "studenten" voor hen een belevenis is geworden die tot de rijksten van hun leven behoort. Wat ik zelf van die "studenten" heb gehoord in hun toespraken en gebeden heeft mij dikwijls diep ontroerd.
De leiding van de school is in handen van Piet van Kampen, drs in de engelse taal, die dat, zwaar onderbetaald, op voortreffelijke wijze doet.
In de eerste cursus waren er 11 "studenten". Nu zijn er 20 bijgekomen.
Er zijn er die in Zeist een baantje hebben veroverd om de school te kunnen bezoeken! Anderen maken er een verre reis voor!
Er gebeuren in onze donkere tijd, Gode zij dank, nog wonderlijke dingen. Ik heb zo'n dertig jaar het eindeloze gezanik over allerlei theorethische, abstracte kerkrechtelijke en dogmatische futiliteiten en akelige, verwoestende kerkelijke ruzies meegemaakt die tot in het oneindige werden gerekt, nooit tot een echte oplossing kwamen maar wel tot fatale polarisaties en soms tot zelfs katastrofale kerkscheuringen leidden.
Ik beleef deze school en het werk er aan met verwondering. Zo in de trant van: Zo kan het dus ook nog! Met die blijdschap, overgave, onbaatzuchtigheid, vooral met die warme liefde tot God en zijn Woord.
Omdat de school zo groeide moest er een huis worden gehuurd. Er moesten leslokalen zijn. Piet van Kampen en zijn vrouw moesten wonen! En zoveel mogelijk "studenten" moesten onderdak hebben.
Zo goedkoop mogelijk. Die jongens en meisjes - er zijn ook nog getrouwden bij - betalen een lesgeld van f 1000.- per jaar.
Er kon in Zeist een zeer geschikt huis worden gehuurd met enkele grote kamers als leslokalen en zoveel kamers dat nog 10 jongelui "intern" zijn. De - rooms-katholieke - eigenaar heeft enorm meegewerkt om alles in orde te krijgen. De studenten zijn nacht en dag bezig geweest met timmeren, schilderen, behangen en wat verder nodig was om huis en school bewoonbaar te maken. De huur is f 23000.- per jaar. Maar het bestuur heeft het risico aangedurfd in het geloof dat het "een goede zaak" heeft ter hand genomen. Want in de onstellende verwereldlijking die wij beleven moet iedereen iedere zaak aanpakken die dienen om het Woord des Heren te doen doorklinken!
En vooral die, welke aan hen die later in allerlei sectoren van het mensenleven een min of meer vooraanstaande plaats zullen innemen, dát te geven wat zij daarbij vóór alles nodig hebben. En dat is een grondige kennis van de Heilige Schrift! Het enige waarachtige licht dat schijnt in de duisternis van deze eeuw!
Ik hoop - en bid - dat deze Reformatorische Bijbelschool haar zegenrijke arbeid in toenemende diepte en omvang mag blijven vervullen. En ik wil haar bij deze met alle nadruk in de liefde, zorg en vooral het gebed van de kerken en de gelovigen aanbevelen!
P.S. Het kan wonderlijk gaan in onze wereld! Juist nadat ik dit artikel geschreven had belde de voorzitter van het bestuur, Goof van Oord, mij op met de mededeling dat de penningmeester momenteel niets meer in kas heeft. Als nu alle lezers van Opbouw nu eens naar hun giroboek grepen! En als nu eens alle kerken snel een collecte hielden!
Men storte zijn bijdrage op gironr. 115694 ten name van de Raiffeisenbank te Doorn met bijvoeging: voor de Stichting Ref. Bijbelschool.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief