WIEGEL
1973-11-02
Er is onlangs een boekje over de fraktievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer, de heer Hans Wiegel, verschenen. Ook van Bas de Gaay Fortman is dit het geval.- Jaargang 17
- nummer 40
Den Uyl en Andriessen komen nog aan de beurt.
De schrijver van deze boekjes (van ongeveer honderd bladzijden) is Hans van der Werf, het hoofd van de politieke redaktie van het NOS-journaal. De uitgever is Meulenhof te Baarn. De auteur schildert geen portret van de politici, hetgeen de lezer een zo goed mogelijk beeld geeft van de betreffende persoon, zijn werkzaamheden en achtergrond. Nee, het is slechts een profiel, een zijaanzicht, dat hij geeft. Het zijn slechts enkele facetten, die even belicht worden. Van diepgaande studies is hier dus geen sprake.
Des te vlotter laten deze boekjes zich lezen.
Hans Wiegel speelt op het politieke toneel een opvallende rol.
In 1967 was hij in de Tweede Kamer de jongste volksvertegenwoordiger.
Hij was toen 26 jaar.
In 1971 werd hij fraktievoorzitter van de VVD. De jongste fraktievoorzitter uit de parlementaire geschiedenis van ons land. Tegenwoordig is hij de meest opvallende oppositieleider in de Tweede Kamer.
Het gaat hier natuurlijk om een omstreden mens. Hoe kan het anders! Sommigen noemen hem geestig, intelligent, een zeer goed spreker, ad rem, scherp maar nooit kwetsend. Anderen zien hem als een over het paard getilde arrogante vent, een opschepper, een demagoog, een gevaar.
Wij kunnen elk geval zeggen, dat Wiegel zo langzamerhand een hoge boom in Nederland is en derhalve veel wind vangt.
Wiegel werd in 1941 in Amsterdam geboren, bezocht het gymnasium, studeerde een paar maanden rechten en daarna nog enige tijd in de fakulteit der sociale wetenschappen. Hij werd aktief lid van de jongerenorganisatie van de VVD en werd voorzitter van deze organisatie. Zo begon zijn politieke carrière, waarvan het eind nog lang niet in 't zicht is.
In VVD-kring wordt hij wel een tweede Thorbecke genoemd en ziet men in hem een toekomstige minister-president.
Het optreden van Wiegel valt samen met een grote ledenwinst van de VVD. Het laatste jaar is deze partij in ledental bijna verdubbeld.
Ik geef hier natuurlijk niet een beschrijving van de VVD, van haar geschiedenis of van de politieke situatie in ons land. De bedoeling is slechts enkele opmerkingen te maken n.a.v. een boekje over Wiegel. Dit boekje bevat een tijdsbeeld van een persoon en van zijn visie op de hedendaagse politieke situatie.
Wiegel is tijdens de laatste verkiezingscampagne vooral naar voren gekomen als iemand, die het misbruik van de sociale wetten hekelde en die pleitte voor betaling naar prestatie. Ook nu het kabinet-Den Uyl is opgetreden, is het Wiegel die voortdurend staat te beweren, dat belastingverzwaring schadelijk is, dat de "middengroepen" bedreigd worden en dat het autorijden steeds duurder wordt.
Wiegel kwam met een tegen-begroting.
En wat zien wij? De benzineprijs wordt niet goedkoper.
De VVD spreekt over “bedreigde middengroepen". De VVD verstaat daaronder de mensen die tussen de 20 en 40 mille per jaar verdienen. Dit is een merkwaardige opvatting over middengroepen, wanneer men weet dat ongeveer 70 % van de verdienende bevolking van ons land minder dan 23000 per jaar verdient. Daar komt bit, dat het geld voor de ontwikkelingshulp op de tegenbegroting in de verdrukking komt en dat het milieubeheer er in deze kring nog steeds zeer bekaaid afgekomen is.
Het is toch alleen maar rechtvaardig, dat de belastingen veel zwaarder drukken op de kapitaalkrachtigen, dan op hen die minder bezitten? Dat er mensen zijn, die twee huizen bezitten is niet erg. Hopelijk hebben zij er veel plezier van. Het betekent echter, dat deze mensen het goed kunnen doen. Deze mensen moeten niet klagen, dat ze door de belastingen stevig gepakt worden.
Zij kunnen er echter zeker van zijn dat Wiegel hun belangen wel zal verdedigen ...
Wiegel heeft veel misbaar gemaakt over het door werknemers gemaakte misbruik van de sociale wetgeving. Dat deed hij terecht!
Het zou hem echter sieren, wanneer hij even fel en regelmatig had geprotesteerd tegen Eindhovense artsen, die de ziekenfondsen voor honderdduizenden benadeelden, tegen de Heerenveense arts, die van iets dergelijks werd beschuldigd, tegen de recente problemen die zich voordoen tussen enkele tandartsen en ziekenfondspatiënten. Wat dit betreft is het opvallend stil in de VVD-kring.
Dat Wiegel er voor pleit, dat men meer moet verdienen, wanneer men meer presteert, is natuurlijk niet verkeerd. Integendeel. Het maakt echter de indruk, dat andere partijen dit zouden ontkennen.
Dit kan men noch de PvdA, noch de ARP in de schoenen schuiven. Het bezwaar is, dat zo'n pleidooi een verkeerde mentaliteit verraadt en een verkeerde mentaliteit kweekt. Wanneer de mensen om deze zuiver materialistische overwegingen op een politieke partij als de VVD gaan stemmen, dan is dat uitermate triest. Alsof dat levensdoelen of politieke doelen kunnen zijn. Juist in onze overvloedige konsumptiemaatschappij hebben wij een ander geluid nodig dan dat van de heer Wiegel. Het pleiten voor meer soberheid en het geven van geld voor gemeenschappelijke projekten als ontwikkelingshulp, onderwijs, milieubeheer e.a. zou meer op zijn plaats zijn.
Wiegel trekt de laatste maanden het land door en spreekt voor volle zalen. Hij appelleert op de materialistische belangen van de mensen. Ik acht het zeer te betreuren, dat een toenemend aantal mensen Wiegel ziet als "Neêrlands hoop in bange dagen". Het is te hopen, dat veel christenen dit doorzien en beseffen dat de door Wiegel gewezen weg, de hunne niet is.