Vraag van jeugdleiders

2013-04-06
  • Jaargang 57
  • nummer 7
We willen graag alle jongeren pastoraat aanbieden, maar hebben een beperkt aantal jeugdpastores. Hoe pakken andere gemeenten dit aan?

Als je kijkt naar de ontwikkeling van jongeren en de tijd waarin ze leven, kun je zien dat jongeren vooral behoefte hebben aan rolmodellen. We zien een ontwikkeling van activiteitgericht jeugdwerk naar relatiegericht jeugdwerk; jeugdwerk dat zich richt op ‘leven delen’. Jongeren hebben behoefte aan volwassenen die in hun leven laten zien waarom God voor hen belangrijk is.
Als je op die manier naar het pastoraat kijkt, is het onmogelijk om met slechts een aantal jeugdpastoraal werkers te werken. In een gesprek dat je eens in de zoveel tijd met de jongere voert, heb je weinig kans om te werken aan vertrouwen, om het over meer te hebben dan oppervlakkige onderwerpen. Als je jongeren écht een plek wilt geven in de gemeenschap, hebben ze meer volwassenen nodig die hun naam kennen en regelmatig contact met hen hebben.
Dat maakt pastoraat een taak van de hele gemeenschap.
Er zijn een aantal kerken die het pastoraat daarom breder trekken en het verdelen in basispastoraat en pastoraat waarbij extra begeleiding nodig is. Bij deze vorm zijn alle jongeren in beeld. Het basispastoraat gebeurt in de bestaande jeugdgroepen, zoals club of catechese. Hier wordt gewerkt met vaste groepen en vaste leiders die bereid zijn hun leven te delen. Het is belangrijk dat ze de jongeren kennen en het opmerken als het even niet zo goed gaat en ze extra aandacht nodig hebben. De jeugdpastoraal werkers kunnen hen hierin ondersteunen en jongeren kunnen naar hen doorverwezen worden.
Jeugdpastoraal werkers zorgen ervoor dat ze weten welke jongeren contacten hebben binnen de kerk en zoeken aansluiting voor jongeren die dit niet hebben, zodat zij zich wel gezien weten. Hiervoor is goede uitwisseling nodig.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief