Persschouw

1973-01-05
  • Jaargang 17
  • nummer 1

• 0 die "Kerstwijdingen"

In het Friesch Dagblad stond een hartig woordje over de z.g. “kerstwijdingen'': Er schuilt daarin, -aldus het blad het grote gevaar in dat de mensen ze beu worden.

Al wéér een kaarsje en een versje, al wéér rood en wit papier en sparregreen. En al wéér een kerstverhaal voorlezen of vertellen, van Van der Hulst of Selma Lagerlöf, van ds. Straatsma of van mevrouw Van Hoogstraten-Schoch. Het is geen wonder, dat deze mensen, die altijd maar wéér fris moeten beginnen, omdat er al wéér een kerstavond is of een kerstwijding, en tenslotte nog een kerstnachtdienst, zó moe worden van al dat forceren, dat zij op het eigenlijke kerstfeest, dat op 25 december wordt gevierd, zoals onze lezers weten, helemaal geen feest meer vieren.
Het zou beter zijn, als zending en evangelisatie er op aandrongen, het aantal kerstwijdingen en kerstfeesten en kerstavondjes drastisch te beperken, opdat te duidelijker uitkomt, dat op 25 december over de gehele wereld het feest begint met de boodschap: ik verkondig u grote blijdschap, die al den volke wezen zal.

Toen ik dit artikel gelezen had schoten mij twee opmerkingen te binnen die ik eens hoorde.
De eerste is van een hervormde collega.
Die zei na een "Kerstfeest" ongeveer dit: "Dit jaar acht "Kerstwijdingen" geleid en het geloof behouden - hoe is het mogelijk.
De andere komt van een oudere gemoedelijke gereformeerde dominee die in een preek eens ongeveer dit kwam op te merken: "Gemeente we zullen samen maar geen kerstnachtdienst houden. Ik geloof dat de Here ons midden in de nacht liever in bed ziet dan in de kerk. En zeker de kinderen!
We moeten maar in de gewone morgendienst het feest van Christus' geboorte vieren, Die geboorte is ook de morgen van een nieuwe dag!"
Ik geloof dat er wel wat in zit in die opmerkingen.

• De kerk in Tsjecho-Slowakije

In de pers circuleerde het volgende bericht over de toestand van de kerk in het Tsjecho-Slowakije van Husak en zijn kameraden.

Het Husak-regime is geheel op de Leninistische toer. In het begin was het vooral de R.K. Kerk, die het moest ontgelden: de in mei 1968 gestichte "Aktie voor conciliaire vernieuwing" werd al in de nadagen van Dubcek, in november 1968 op last van de regering opgeheven en in augustus 1971 vervangen door de Pacem-in-Terris-beweging, een officiële vereniging van de R.K. Clerus.
De stichting ervan werd voorbereid door vroegere "vredespriesters" van Plojhar, maar de leiding is in handen van politiek niet belaste figuren. De vereniging is loyaal t.o.v. het huidige regime. In 1969 werden de lerarenkorpsen van theologische faculteiten en seminaries "gezuiverd" en een numerus clausus ingevoerd. Bisschopsbenoemingen voor vacante diocesen worden door de staat niet goedgekeurd, zodat van de 14 bisdommen (12 r.k., 1 geunieerd en 1 oud-katholiek) er nog maar één door een bisschop bestuurd wordt.
Nonnen hebben sinds het voorjaar van dit jaar hun in beperkte mate weer toegestane arbeid in de parochies opnieuw moeten opgeven en zijn naar een paar speciaal aangewezen kloosters verbannen.
De regering tracht het aantal priesters laag te houden of te verminderen, niet alleen door de genoemde numerus clausus, maar ook door vervroegde pensionering.
Verder schijnen bijzonder populaire priesters zonder opgaaf van redenen naar afgelegen parochies overgeplaatst te worden.
De onderhandelingen met het Vaticaan zijn in het slop geraakt.
Sinds vorig jaar wordt het ook de protestantse kerken steeds moeilijker gemaakt: er mogen geen studenten uit het westen meer aan de theologische faculteiten worden toegelaten, aan theologen uit Tsjecho-Slowakije wordt geen toestemming verleend in het buitenland te studeren, predikanten mogen nergens anders dan in hun eigen gemeente preken. De stok om de hond te slaan is de pamflettenaktie ter gelegenheid van de verkiezingen vorig jaar november, waaraan belijdende protestanten deelgenomen hebben: dat zou bewijzen, dat de kerken zich nog steeds reactionair en anti-socialistisch opstellen.
Ook de "kwestie Lochman" zal waarschijndijk door de regering worden aangegrepen om de protestantse kerken nog verder in hun bewegingsvrijheid te belemmeren.
Professor Jan Lochman, die als vrijwillige balling in Bazel leeft en werkt, is lid van het centraal comité van de Wereldraad van Kerken. De Tsjechoslowaakse regering tracht langs indirecte wegen te bewerken dat de Wereldraad hem tot aftreden zal bewegen, maar de Wereldraad weigert voor deze druk te zwichten, om geen precedent te scheppen. De Tsjechische kerken vrezen represailles als prof. Lochman lid blijft. Hijzelf is volkomen bereid zich terug te trekken, als het belang van de kerken in zijn land hiermee gediend is, maar het lijkt vooralsnog waarschijnlijk, dat dit niet het geval is.

Atheïstisch

Immers, de werkelijke reden voor alle hindernissen, die de kerken in de weg geleg worden, is de ideologische opstelling van het huidige regime, dat ook in dit opzicht de Russische koers vaart en een nieuwe atheïstische campagne is begonnen.
Het ministerie van onderwijs heeft richtlijnen gegeven voor de "wetenschappelijk atheïstische opvoeding" die, aldus het officiële stuk, een integrerend bestanddeel van het programma en het leerplan van de socialistische school vormt.
Men vraagt zich, als men dit leest, af wat de konsekwenties met name voor het lager onderwijs zullen zijn, waarin veel christenen (b.v. predikansvrouwen) werkzaam zijn.

In Tsjecho-Slowakije was een "dialoog" begonnen tussen de Christenen en de Marxisten.
Lochman de protestantse hoogleraar en Gardavsky de marxistische filosoof waren de prominenten daarvan. Nu is Lochman balling en is, zoals ik onlangs las, Gardavsky in de gevangenis!

• Na: "Kom over de brug"

In het Friesch Dagblad trof mij dit entre filet:

Ze was verontrust, een oude zuster, die in haar eenzaamheid meeleeft met wat er in de kerk en in de wereld gebeurt. Verleden vrijdagavond ging zij niet naar bed, voordat het laatste woord in die nacht gezegd werd over de actie "Kom over de brug". Zij was dankbaar èn teleurgesteld.
Het was net of de hoge kerkelijke autoriteiten.
die commentaar hadden geleverd, en daarbij zelfs het regeringsbeleid hadden betrokken, één ding blijkbaar hadden vergeten, glad vergeten. Terwijl niemand dat zou mógen verwachten.
Ze hadden nl. vergeten te zeggen: het gèld is er nu. Maar het voornaamste moet er op volgen: uw gebed. Het gebed der gemeente is niet een toegift op het geld, want zonder het gebed wordt het geld niet tot zegen. Waarom zeiden de hoge kerkelijke autoriteiten dat niet duidelijk, waarom stelden zij het niet centraal in hun slotwoord?
Wij weten het niet.
En wij Durven niet zonder meer beweren, dat zij het alleen maar vergéten hebben.
Maar wat dan? Het is toch niet een kwestie van secularisatäe?
Stel je voor ...
Of zou de oorzaak er van zijn dat voor veel kerkmensen het bidden een "probleem" is geworden?

• Bericht uit Hattem

Uit "Trouw" knipten we het volgende bericht.
De generale synode van de gereformeerde kerken (vrijgemaakt) heeft verzoeken om samenspreking met de christelijke gereformeerde kerken en met de classis Amsterdam van de 'buiten-verbanders' afgewezen.
Tevens heeft de vrijgemaakte synode het breed moderamen van de hervormde synode een brief geschreven. Zij wijst de hervormde kerk daarin op wat de geloofsbelijdenis zegt over de ware kerk.
Met de christelijke gereformeerde kerken hebben de gereformeerde kerken (vrijgemaakt) jarenlang samensprekingen gevoerd.
De vrijgemaakten braken dat gesprek af, maar de synode van de christelijke gereformeerde kerken stuurde dit voorjaar een brief, waarin gevraagd werd om hervatting van het gesprek.
In haar antwoord wijst de vrijgemaakte synode erop, dat een eerdere synode in 1967 twee konkrete verweken aan de christelijke gereformeerde synode richtte.
Wanneer aan deze verzoeken geen gevolg zou worden gegeven zou verdere samenspreking geen zin meer hebben.
Ten aanzien van de toeëigening des heils (de christelijke gereformeerden verwijten de vrij gemaakten, dat bij hen de persoonlijke band aan Christus op de achtergrond komt) vroeg de vrijgemaakte synode in 1967 uit te spreken, ‘dat het uwerzijds genoemde verschil gelegen is binnen het raam van de belijdenis, tenzij uw synode uit Schrift en belijdenis van het tegendeel zou overtuigen', Ten aanzien van de oecumenische gezindheid eisten de vrijgemaakten van de christelijke gereformeerden de bereidheid, om het lidmaatschap van de gereformeerde oecumenische synodes (GOS) en van de internationale raad van christelijke kerken (ICCC) te beëindigen.
Op beide verzoeken, herhaald in 1970 is peen bondig antwoord ontvangen. 'Alleen door bondige besluiten van de zijde van de christelijke gereformeerde kerken zou een weg geopend kunnen worden, die tot daadwerkelijke eenheid voert, aldus de brief, die de vrijgemaakte synode nu opgesteld heeft.
De christelijke gereformeerde synode was in haar brief ook ingegaan op de scheuring in de vrijgemaakte kerken en had haar vrees uitgesproken voor 'eenzijdigheden, die ten gevolge hebben dat de volle waarheid niet meer tot zijn recht komt'.
De vrijgemaakten schrijven terug, dat de christelijke gereformeerden in plaats van 'bondig en duidelijk te zeggen aan welke maatstaf dit spreken over eenzijdigheden ontleend wordt', vrazen stellen, die meer suggereren dan argumenteren de "buitenverbanders"
De synode wees voorts het verzoek van de kerkeraad van Maassluis af, om een samenspreking aan te gaan met de “buitenverbandse" classis Amsterdam. Deze classis had de uitspraak van de vorige synode betreffende de scheuring in Noord-Holland beantwoord met een 'Weerlegging',' toegezonden aan alle kerken. Maassluis zag in dit stuk een basis voor een gesprek, maar de voornaamste overweging van de synode was, dat de classis Amsterdam welbewust had afgezien van een beroep op de synode zelf.
Ook op het verzoek van de kerkraad van Rotterdam-Centrum om de 'Weerlegging' te 'toetsen', ging de synode niet in. Het geven van een weerwoord achtte zij niet tot haar taak te behoren. Te meer niet daar geen enkele plaatselijke kerk het besluit van de vorige synode aangevochten heeft.

Er straalt - ik schrijf in Kampen - nog geen licht uit het Oosten.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief