’t Blijft zoeken naar kerkelijke eenheid

2005-06-17
  • Jaargang 49
  • nummer 12
Van de sprekers op de vrijgemaakte synode wilde niemand de deur naar contacten met de Nederlands Gereformeerden in het slot laten vallen. Daarvoor was het besef ook te sterk dat we het geloof in de ene Heer delen, op persoonlijk vlak in allerlei opzicht samenwerken en als kerken elkaars buren zijn. Maar oude en nieuwe muurtjes zijn er ook en dan gaat het over binding aan de belijdenis en vrouw in het ambt.

Op de ochtend van de 10e juni stond op de synode van Amersfoort-Centrum het contact met de Nederlands Gereformeerden op de agenda. Onze Commissie van Contact en Samenspreking (CCS) was daarvoor uitgenodigd en voorzitter Ad de Boer kreeg alle ruimte om de synode toe te spreken.
‘De overeenkomsten die we met u hebben zijn vele malen groter dan de verschillen’, zo was zijn uitnodigende insteek. Verschillen zag De Boer ook wel, maar ‘met alle verschillen die er tussen ons zijn, geloven we dat het werk van Gods Geest ons dichter bij elkaar heeft gebracht.’ De CCS-voorzitter nam in beide kerken vergelijkbare ontwikkelingen waar, soms met dezelfde spanningsvelden. Zoals die tussen jong en oud of tussen verbondsmatig en charismatisch.

Samen op weg
In de plaatselijk kerken - daar waar volgens De Boer ‘het hart van de kerk klopt’ - signaleerde hij belangrijke toenadering in plaatsen als Zaandam, Deventer en Barneveld, maar ook Amsterdam, Amstelveen en Breda. ‘Die laatste drie zijn voor de kenners van de kerkgeschiedenis van de jaren zestig bekende namen.
Namen die je onmiddellijk associeert met de breuk van toen. Dat juist op die plekken sprake is van vergaande herkenning en erkenning als kerken van Jezus Christus, beleven we als een bijzondere genade van de Here.’ De Boer noemde allerlei punten van samenwerking op het terrein van catechese, studiedagen voor kerkenraden en gemeenschappelijke bijbelof gebedskringen. ‘Op al die plaatsen wordt gehoopt en gebeden om mogelijkheden om aan de ervaren eenheid ook verder
gestalte te kunnen geven.’

Lappendeken
Bij de samenwerking tussen NGK en GKV spelen ook de Christelijke Gereformeerde kerken een belangrijk rol. Ad de Boer typeerde het als een ‘onomkeerbaar proces van samenwerking’ en concludeerde: ‘Al met al ontstaat er door al die plaatselijke ontwikkelingen een bont geheel van kerken die in allerlei wisselende combinaties samenwerken en samensmelten. Tot en met situaties waarin op dezelfde CG kansel ’s morgens een vrijgemaakte en ’s middag een Nederlands Gereformeerde predikant voorgaat. Een bont geheel. Je kunt het een lappendeken noemen of een mozaïek, maar één ding is duidelijk: het is niet meer van elkaar los te knippen of los te hakken. Niet omdat het zo’n knap staaltje mensenwerk is, maar omdat het Gods Geest is die de grenzen doorbreekt die wij mensen gemaakt hebben.’

Inhoudelijk
Ook landelijk zag de CCS-voorzitter lichtpunten: ‘Zolang het gesprek over de binding aan de belijdenis vooral over formuleringen en formules gaat, zeg maar aan de buitenkant blijft, is het lastig. Dan constateren we over en weer verschillen in benadering.
Maar in de achterliggende jaren hebben we dankbaar ervaren, dat het inhoudelijke gesprek over wat we belijden, ongedachte bruggen slaat.
De gesprekken over wat de Schrift ons openbaart over Gods verkiezing en wat de Dordtse Leerregels daarover belijden, waren een kostelijke en kostbare ervaring.’ Dezelfde thema’s vind je op de agenda’s van beide kerken, volgens De Boer, en noemde daarbij de plaats van de jongeren in de gemeente, de groeiende contacten met de evangelische wereld en de omgang met echtscheiding en onze homoseksuele kerkleden.
‘Het zijn stuk voor stuk vragen die we bij elkaar herkennen. En als er al verschillende antwoorden worden gegeven, dan liggen die verschillen niet tussen onze kerken, maar lopen ze dwars door uw en onze kerken heen’.

Man én vrouw
Dat ter vergadering menig woord zou worden gewijd aan het Nederlands Gereformeerde besluit om alle kerkelijke ambten voor de vrouw open te stellen, had Ad de Boer goed ingeschat.
Hij beklemtoonde dat dat besluit een vrucht was van meer dan een kwart eeuw van bezinning dus echt geen beslissing ‘die er op een achternamiddag door was gejaagd’.
Gezamenlijke bezinning (met GKV en CGK) had De Boer graag gezien: ‘Als dat verzoek vijftien jaar eerder van vrijgemaakte zijde was gekomen, zouden we dat omhelst hebben.’ De CCS voorzitter benadrukte, dat het VOP-besluit genomen is vanuit de openheid dat ‘Gods Geest ook in deze tijd nieuwe wegen schrijft’. Hij zag een pendelbeweging tussen het Woord van God en de wereld van vandaag. ‘Daarmee bewegen we ons in de hoofdstroom van een theologie die gereformeerd en eigentijds wil zijn. En die heeft onze commissie en vervolgens onze LV in meerderheid gebracht tot de overtuiging: Ja, het is bijbels
verantwoord om vrouwen te roepen tot het ambt van ouderling en predikant.’

Geen nieuwe afslag
De Boer signaleerde allerlei veranderingen in de man-vrouw verhouding in kerk en samenleving, waar vrouwen leiding en onderricht geven. Die ontwikkelingen worden in Nederlands Gereformeerde én Vrijgemaakte kring als zegenrijk ervaren. ‘Daarmee zijn we met de voorschriften van Paulus over de man/vrouw-verhouding over de volle breedte van het leven onmiskenbaar anders omgegaan dan voorgaande generaties. Bij die voorschriften gaat het immers niet alleen om de ambten, maar om de man/vrouw-verhouding op alle terreinen van het leven. Daarin maken we andere keuzes dan veertig jaar geleden. Bij ons en bij u.’ Prikkelend vervolgde Ad de Boer met de vraag: ‘Hebben we echt de overtuiging dat we ons daarvan moeten bekeren in een meer patriarchale richting? Geloven we echt dat Gods Woord dat van ons vraagt?’ En hij besloot in de overtuiging ’dat we met onze keus rond de vrouw in het ambt geen nieuwe afslag hebben genomen, maar dat we met u op dezelfde weg zitten.’

Eén Tafel
Ad de Boer wenste de vergadering de leiding van Gods Geest toe en gaf aan uit te zien naar het moment, waarop Nederlands Gereformeerden en Vrijgemaakten samen het lied van Jan Smelik (uit de vrijgemaakte bundel van 90 gezangen) aan één Tafel zouden kunnen zingen.
Allen die eten van het ene brood, Allen die drinken uit de ene beker Allen die u geloven, weten zeker: Allen in Christus! Alles door zijn dood!

Dankbaarheid
Vervolgens kwam rapport van de Deputaten Kerkelijke Eenheid (DKE) in bespreking. Voorzitter ds. Ten Brinke benadrukte dat er sinds de synode van Zuidhorn (zijns inziens echt een omslagpunt in de verhoudingen) vooruitgang was geboekt. Reden tot dankbaarheid dus - ook vanwege de wens van de Landelijke Vergadering (NGK) om de gezamenlijke bezinning en discussie over vraagstukken van leer en leven ‘een natuurlijke plek te geven op kerkelijke vergaderingen’.
Teleurstelling was er over het VOP-besluit aan Nederlands gereformeerde zijde. Maar de DKE stelden voor om de gesprekken voort te zetten over het functioneren van Schrift en belijdenis en dat in de breedte van de kerkelijke praktijk.

Tweestromenland
De reacties op het rapport waren verdeeld. Sommigen (ondermeer synodevoorzitter Niemeijer) vonden de resultaten van de samensprekingen mager en drongen aan op duidelijke afspraken ‘waaraan je elkaar kunt houden’.
Dat laatste betrof met name de binding aan de belijdenis en de onheldere NGK-praktijk op dit punt. De gemengde gevoelens werden in negatieve zin versterkt door het VOPbesluit, dat in de breedte van de vergadering betreurd werd.
Anderen waren aanzienlijk positiever. Ds. Ophoff was getroffen door de warmte in de toespraak van Ad de Boer en het kerkelijk zelfbewustzijn dat in zijn verhaal meekwam. Vanuit de wederzijdse herkenning als broeders en zusters wilde Ophoff zich niet te sterk fixeren op bepaalde gebeurtenissen, zoals het VOP-besluit. Hij was er van overtuigd dat de Vrijgemaakten met dezelfde vragen te maken zouden krijgen. Ds. Roth beaamde dat laatste en was blij met de onderscheiding tussen exegese en hermeneutiek in het VOP-rapport – ‘verhelderend voor de argumentatie’. Hij vroeg zich af of zijn kerken in het verleden wel een serieuze poging hadden gedaan om mee te doen aan de bezinning over de vrouw in het ambt. Zo niet, dan zijn het nu krokodillentranen, aldus Roth. DKE-voorzitter Ten Brinke zag in een reactie voldoende openingen om de gesprekken voort te zetten, ook over het VOPbesluit. Op 25 juni vervolgt de synode de bespreking.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief