PASSIEBLOMME
1973-02-02
In de literatuur nemen de "Kindertotenlieder", de rouwklachten over gestorven kinderen, een bizondere plaats in. Zij behoren vaak tot de ontroerendste gedichten.- Jaargang 17
- nummer 5
Als voorbeelden in onze taal zijn te noemen "Constantijntje" van Vondel en "Jacobo trad met tegenzin ter snode wereld in" van de dichter Poot.
Ook Zuidafrikaanse dichters hebben hun verdriet over kinderen die zij verloren, uitgeschreid in verzen. Het meest ontroerend deed dat, voor zover mij bekend, de dichter Totius, die vooral naam maakte door zijn berijming van de psalmen in het Zuidafrikaans, Jakob, Daniel du toit (spreek uit du Too) werd in 1877 geboren te Paarl. Zijn vader, ds S. J. du Toit, liet hem het onderwijs volgen op de Duitse zendingsschool in Rustenburg.
Later gaat hij theologie studeren en komt daarvoor zelfs naar Ons land om aan de V.U. te promoveren op een proefschrift "Het Methodisme". Het is dan 1903.
Terug in zijn vaderland wordt hij eerst predikant bij de Gereformeerde Gemeente van Potchafstroom en in 1911 professor aan de Gereformeerde Universiteit van die stad.
In 1920 verloor hij zijn jongste zoontje, één jaar oud. Het kind stierf aan "harsingvliesontsteking".
Drie weken lang heeft het zeer smartelijk geleden en, moesten vader en moeder het zien wegteren "totdat die laatste kraggies met die laatste adem weggevlug het".
Nog geen drie maanden later werd zijn oudste dochtertje, Wilhelmina, door een bliksemstraal dodelijk getroffen.
Het gebeurde op Oudejaarsdag, na het avondeten. De dichter was in een weemoedige stemming een eindje gaan wandelen. Daar het begon te onweren ging hij al vlug terug. Nauwelijks in de eetkamer werd hij opgeschrikt door een hevige onweerslag, die het huis op zijn grondvesten deed schudden.
Op drie plaatsen sloeg de bliksem in, maar de huisgenoten in die kamers bleven ongedeerd.
Wilhelmina echter, die een donker gordijn voor het raam van de eetkamer wilde hangen, werd onder haar oksel getroffen door een, langs het kozijn afglijdende, bliksemstraal die haar gehele lichaam doorboorde.
Dadelijk beurde haar vader haar van de grond, maar ze bleek reeds te zijn overleden. Op 2 januari 1921 werd zij begraven "naas haar broertjie wat sy so trou opgepas het".
Wat hebben de ouders onder deze vreselijke gebeurtenissen geleden.
Totius klaagt zijn leed uit in verzen die hij opbergt en niet wil uitgeven. Op de vraag waarom hij ze later wel laat drukken, eerst na twaalf jaar, weet hij geen antwoord. "Hoe het ook sy, ek het eind'lik besluit om hulle bijeen te samel en uit te gee".
Daaraan hebben we de bundel "PASSIEBLOMME"
te danken.
De passiebloem is een tropische plant met bloemen waarin men, wat de vorm betreft, iets meent te zien van de doornenkroon van Christus en van Zijn wonden.
Het is hartverscheurend te lezen hoe de dichter dag in dag uit met het gebeurde bezig is.
Als hij terugdenkt aan de laatste minuten van zijn zoontje, hoort hij hem weer snikken.
Vier laatste snikkies
van my sterwende wig! ...
Wat hier al immer,
immer gebeur ...
'k Vergeet hul nimmer,
nimmermeer.
Vier lichte skrikkies
zonder een huiltjie,
net nog een kuiltjie
in die wangetjie weer.
Vier laatste knikkies,
salig en teer.
En dan is daar niks nie
niks nie meer.
Dan selfs geen snikkie,
geen roerinkie weer ...
Maar ek vergeet hulle
nimmermeer.
Hij doorleeft weer de gevoelens die hem bestormden bij de begrafenis van het jongetje.
En 0, die trekking van die graf
waarin jou kissie weggegly het:
ek het gewankel in my gang
tot hun my stil daar weggelei het.
Als hij tobt met vragen over dat moment in de eetkamer, dat fatale ogenblik, dan schiet hem door het hoofd dat hij zijn dochtertje had kunnen redden als hij één minuut vooruit had kunnen zien.
o Gee my maar -net 'n sekonde
van voorwetenskap, en sy
was niet dáárin die vreeslike stonde
toen die onweerstraal van ons dag gly.
Maar die wanhoopssug om 'n enk'le sekonde
van voorwetenskap is verniet;
ons bly aan die wordende oomblik gebonde,
die onweerslag slaan en ..... dit het geskied!
's Avonds bij het avondeten zitten zijn vrouwen hij aan tafel met een hart vol verdriet, als twee mensen die "wat makeer", die iets missen, en beiden weten geen woord te vinden.
Trane en brood.
'n Diepe gswyg.
En twee wat makeer.
'n Gebed en 'n sug.
En elkeen wyk stil
In die eensaamheld weer.
Rusteloos is hij bezig met de vraag waarom het nu juist dat meisje, dat tere wicht, zó moest gaan. Met zoveel geweld.
Ek graaf met my gedagtes
in die geheimenis
en soek of daar geen antwoord
op al my raadsels is.
Maar het antwoord blijft uit en de pijngedachte blijft hem plagen.
o Die pyn-gedagte: My kind is dood! ....
dit brand soos 'n pyl in my.
Die mense sien daar niks nie van,
en die Here alleen die weet wat ek ly.
Die dae kom en die nagte gaan;
die skaduw's word lank en weer kort;
die drywerstem van my werk weerklink,
en ek gaan op my kruisweg vort.
Maar daar skiet aldeur 'n pyn in my hart.
só, dat my lewe se glans verdwyn:
Jou kind is dood met 'n vreeslike dood
en . .. ek gryp my bors van die pyn.
0, Die bliksemgedagte! ... " Ja lieflingskind,
één straal het jou skone liggaam verskroei,
maar bliksemstrale sonder tal
laat my binneste brand en bloei.
Sy was so teer soos 'n vlindertjie,
sy 't lugtig omheen geswerf;
'n asempie wind kon haar vlerkies breek
en ... kyk watter dood moes sy sterf.
Hoe weinig die kinders wat so moet sterf,
dis één uit die tienduisend-tal,
en ag! dat dit sy was en ek moes sien
dat sy dood in my arms val!
o Die pyn-gedagte: My kind is dood! ...
dit brand soos 'n pyl in my;
Die mensen die sien daar niks nie van,
en die Here alleen die weet wat ek ly.
Tenslotte weet hij dat er geen ander antwoord te geven valt dan dit:
Hul moes na die hemel,
en niks kon hul hou nie:
geen wag van een vader,
geen moeder se trou nie.
Ek het baie gesoek,
gevra na 'n teken;
ek het baie gepeins,
geraai en gereken;
maar niks wat vir my
die raaisel ontvou nie .....
Hul moes na die hemel,
en niks kon hul hou nie.
Tot zover de bundel "PASSIEBl.OMME", waaruit ik maar een klein deel citeerde. Genoeg om U iets te laten voelen van de grootheid van Totius' dichterschap.
Toelichting.
Bale (baje) = erg veel. Dae (daje) = dagen. Dis = dit is. Hul = zij. Oomblik = ogenblik. Soos = zoals.