Stil zijn
2013-05-04
We kunnen het wel: stil zijn. Die gedachte bekruipt me telkens weer als je één keer per jaar ’s avonds even voor achten de vogels bewust en duidelijk hoort fluiten en zingen. Het is dan stil. Bewust stil. Stil op de televisie. Stil op de radio. En beperkt geluid van het verkeer – want het is natuurlijk ook weer niet zo dat het verkeer op dat tijdstip bevriest, Nederland kent dat allang niet meer. Maar we zijn wel stil. Twee hele minuten lang. Stil bij de geïmproviseerde vlag op de camping. Stil voor de buis. Stil in de duinen bij de Waalsdorpervlakte. Stil op de Dam. Daar verandert geen troonswisseling iets aan. Wie op de Dam niet stil is, heeft een serieus probleem, waar je jarenlang voor behandeld moet worden. Duizenden mensen kiezen er zelfs voor om mee te lopen in de stoet die in hun gemeente voorafgaat aan de officiële herdenking. Achter gedragen slagen en roffeltjes van de omfloerste trommel loopt jong en oud ernstig en stil. We kunnen het prima, met z’n allen, respect betonen op momenten van bezinning en verdriet. Hoewel, verdriet? Dat zal op 4 mei bij niet zo gek veel mensen aanwezig zijn. Misschien nog bij nabestaanden van slachtoffers van recente missies, zoals dat zo fraai heet. Maar het is geen begrafenis, dat merk je aan alles. - Jaargang 57
- nummer 9
Op een begrafenis gaat het ons veel minder goed af om in stilte respect op te brengen. Het is ook ontzettend leuk om je nicht uit Eindhoven na zestien jaar weer eens te zien. Oewaah, ze is niks veranderd. Alleen een andere bril. Of die vrienden van je broer, met wie je op verjaardagen altijd zó gezellig zat te babbelen. En de keerzijde: hoe houd je je als een leeftijdgenoot plotseling is overleden? Of als een broeder met wie je een mensenleven in de kerk hebt gezeten een lang ziekbed
heeft gehad? En wat als het de zesde of zevende begrafenis is in korte tijd? Soms raakt het je niet meer zo. Maar soms komt zo’n begrafenis zo akelig dichtbij. Stilte kan dan knap lastig zijn. Als je maar door blijft praten, gewoon door blijft praten over de gewone dingen van elke dag, van gisteren en vandaag, van morgen en volgende week, en nog eens even zachtjes lacht, zoals altijd, lijken leven en dood heel wat minder bedreigend en zeggen we tegen elkaar dat de dood gewoon bij het leven hoort. Toch? Met een veilige muur van geluid en geluidjes proberen we ongemakkelijkheden op afstand te houden. Of is er een andere reden waarom de stoet achter de omfloerste trommel stil en ernstig is en de stoet op het kerkhof zachtjes blijft doorbabbelen, in het beste geval over de overledene en haar familie, in het ergste geval over de naderende vakantie?
Verdrietig zijn met de verdrietigen. Het valt niet mee. Maar toch. Als één van mijn geliefden ten grave wordt dragen, zal ik voor de zekerheid de mensen die mee willen lopen vriendelijk vragen om stil te zijn. Niet voor de overledene. Die heeft zijn bestemming bereikt. Maar ik zal behoefte hebben aan stilte en rust als ik hier en nu een stuk van mijn leven moet loslaten. En eigenlijk gun ik ieder dat stukje respect ook.
‘Wat moet ik dan doen in die stilte?’ vroeg ik als kind aan mijn moeder toen we op 4 mei vanaf het balkon op het Sarphatipark over het toen nog wel bevroren verkeer uitkeken. ‘Bid maar stilletjes voor de mensen die verdrietig zijn’, fluisterde ze zachtjes door de zingende vogels heen terug.
Emmy Viezee-Fock is bedrijfsjournalist in Houten.