Leven onde de zon
2005-07-22
‘In Spreuken 31:27 staat dat de sterke vrouw niets doen onbekend is. Dat zou op vakantie toch niet moeten gelden.- Jaargang 49
- nummer 14
Niets doen zou haar dan sieren.
Hoeveel kans vrouwen hebben, dat ze op vakantie niets doen? Ik weet het niet. Ik ben bang dat het er vaak bij inschiet.’
Dit is natuurlijk een alleraardigst citaat om mee te beginnen voor een Opbouw, die midden in de hooimaand bij u op de mat valt. Bob Wielenga schreef het tijdens zijn vakantie in een koud en nat Franschhoek (Kaap provincie).
Maar wie weet leest u het wel lekker onder een Europees zonnetje.
Alledaags
Spreuken dus. Het is een heerlijk alledaags boek, ook al merk je op elke bladzijde dat het geschreven is in de niet minder alledaagse, maar oosterse wereld van eeuwen geleden. Hinderlijk wordt die afstand in plaats en tijd maar zelden. De tijd verandert ook geen mensen, daar is meer voor nodig!
Het boek Spreuken is breed in zijn thematiek.
Het relationele speelt een grote rol - hoe ga je om met een vrouw die je weg kruist, met je ouders, met een vriend. Herkenbaar ook, hoeveel je met een enkel woord of gebaar kunt bederven. En misschien ook genezen, al is de pijnlijke wet van dit ondermaanse dat een beschadiging er zomaar is, maar herstel vaak een lange weg vraagt. Ook over geld en goed, recht en onrecht vind je puntige en prikkelende uitspraken. En heel persoonlijk, tot bij de schuilhoeken van je eigen hart - met zijn droefheid (14:10), jaloezie (6:34) en onvervuld verlangen (13:12).
Van geslacht op geslacht
In het boek Spreuken hoor je - vooral in de eerste negen inleidende hoofdstukken - hoe een vader zijn zoon bij het spoor van de Heer brengt. In hoofdstuk 31 zie je trouwens hetzelfde gebeuren tussen moeder en zoon. In die setting krijg je dus de wijsheid ten leven mee. Het gaat om beleven en doorgeven, van geslacht op geslacht, waar altijd iets van een geheimenis in zit. Tineke Plooij merkte bij de eerste hoofdstukken op, dat ze zo liefdevol geschreven zijn en dat staat zeker niet los van het voorgaande.
Wijsheid en Dwaasheid
Toch moet je voor de wijsheid nog verder terug. Want de wijsheid is Góds eerste scheppingswerk. In het prachtig vertaalde hoofdstuk 8 is Wijsheid zelfs met een hoofdletter geschreven en vallen de sterk persoonlijke trekken op.
De grote tegenspeelster van de Wijsheid tref je in het volgende hoofdstuk: vrouwe Dwaasheid. Ik realiseerde me al lezend in deze hoofdstukken dat je de afgoden, zoals de Baäls en Astartes, tevergeefs zoekt in het boek Spreuken. Maar achter de schermen kun je ze vermoeden, verscholen in de dwaasheid. Vaak heel alledaags, zoals wordt die afstand in plaats en tijd maar zelden. De tijd verandert ook geen mensen, daar is meer voor nodig!
Het boek Spreuken is breed in zijn thematiek.
Het relationele speelt een grote rol - hoe ga je om met een vrouw die je weg kruist, met je ouders, met een vriend. Herkenbaar ook, hoeveel je met een enkel woord of gebaar kunt bederven. En misschien ook genezen, al is de pijnlijke wet van dit ondermaanse dat een beschadiging er zomaar is, maar herstel vaak een lange weg vraagt. Ook over geld en goed, recht en onrecht vind je puntige en prikkelende uitspraken. En heel persoonlijk, tot bij de schuilhoeken van je eigen hart - met zijn droefheid (14:10), jaloezie (6:34) en onvervuld verlangen (13:12).
Breed en concreet
Bijna als een belijdend antwoord klinkt het centrale en steeds weerkerende: ‘Het begin van alle kennis/wijsheid is ontzag voor de Heer’ (1:7).
Daaromheen liggen de spreuken, met soms een grote actieradius. Ik denk aan een woord, waarin je de Heer als je Schepper ontmoet: ‘Een arme en een rijke hebben dit gemeen: de HEER heeft hen beiden gemaakt’ (22:2). Wat een prachtig woord zonder grenzen, bedoeld voor de ontmoeting met wie dan ook en met een nog heerlijk oningevulde rijkdom en armoede! Maar vaak zijn de spreuken heel concreet toegespitst. Boeiend vond ik het om te merken, dat zulke aanwijzingen zich vaak moeiteloos laten verbinden met de geboden uit de tweede tafel van de wet (lees het boek Spreuken er maar eens op door!). Bijvoorbeeld de spreuk ‘Een valse weegschaal is de HEER een gruwel, zuivere gewichten zijn hem welgevallig’ (11:1), die mooi aansluit op het 8e gebod.
Spatieregels
Tot nu toe koos ik spreuken, waarin de naam van de Heer expliciet genoemd wordt. Maar in verreweg de meeste spreuken gebeurt dat niet.
Eigenlijk precies zoals het gaat in ons leven onder de zon! Bij lang niet alles wat we zeggen, noemen we de naam van God en ook met het ‘Deo Volente’ moet je niet te kwistig zijn.
Terwijl we wél geroepen worden om tot in de kleinste dingen te leven voor het aangezicht van de Heer! Optisch gezien geeft de NBV met zijn spatieregels alle ruimte om van het gezegde door te denken tot op de Heer. De spreuken zelf prikkelen trouwens ook al in die richting. Een voorbeeld uit honderden en meteen een heel bekende: ‘Mogen liefde en trouw je nooit verlaten, wind ze om je hals, schrijf ze in je hart.’ Een prachtig woord, een trouwtekst misschien wel.
Maar ook eentje om je klein en onmachtig bij te voelen als mens.
Wat maak je er van in je eentje of met zijn tweeën, maar zonder God?
Schaduwen
Snel over naar Prediker. Weer een trouwtekst - die van ‘een koord uit drie strengen gevlochten’ (4:12). De boodschap is duidelijk: ‘samen sta je sterker’ en prachtig als dat open ligt naar God.
Je proeft in deze passage dat ons menselijk bestaan aan alle kanten bedreigd wordt. Prediker gaat deze schaduwkanten van het leven onder de zon ook niet uit de weg - leegte, onrecht en dood. Frits Bijlenga schreef: ‘In de afgelopen tijd van mijn burnout was het juist dit boek dat mij bemoedigde. Het boek leert je in zekere zin te berusten in de situatie waarin je verzeild bent geraakt. De niet-gelovige kan het soms beter afgaan dan de gelovige.’ En hij eindigt zijn kanttekening, zoals Prediker zijn boek: ‘Hoe je leven ook loopt, heb God op de eerste plaats staan’. De betere teksten uit de popmuziek doen hem vaak aan Prediker denken, zoals Pink Floyd en het ondermaanse Eclipse, zo geeft Frits de Opbouw-lezer nog mee..
Vanuit het einde
Het perspectief van Prediker heeft iets ontmaskerends, want hij schrijft opvallend vaak vanuit het einde. Bij het leven al, als hij de balans opmaakt van al het gezwoeg onder de zon (2:11, 7:2vv). Maar meer nog bij de dood, die mens en dier, wijze en dwaas, rechtvaardige en onrechtvaardige zonder onderscheid treft (bijvoorbeeld: 2:16, 4:16-21; 9:1-3). En hoe loopt het daarna met het moeizaam verworven moois, dat als erfenis in andere (welke?) handen overgaat (2:18, 5:14)? Zo zoekt Prediker al schrijvend vanuit het einde naar dat wat werkelijk belangrijk is in het leven onder de zon. Het meest opvallende is misschien wel dat hij op allerlei momenten even uit de schaduw stapt en wijst op het genieten van de kleine dingen als een gave van God. En misschien gloort zo - al schrijvend vanuit het einde - ook iets van een nieuw begin, waarbij God terughaalt wat voorbijgegaan is (3:15).
Liefde
Het boekje Hooglied leverde uit de leesgroep een paar korte reacties op.
Tineke vond de rolverdeling mooi.
Iemand zou het boek een keer op muziek moeten zetten, zo was haar suggestie - ‘het lijkt me vooral een boek om naar te luisteren en van te genieten zonder er veel uitleg aan te willen geven’. Bob Wielenga had Afrika voor ogen: ‘Je moet Hooglied eens lezen in de context van de Aids-epidemie in Afrika. Wek de liefde niet open dat doen ze hier met een zelfvernietigende passie. Liefde en dood, ze liggen zo dicht bij elkaar, ook in Hooglied.’ Kortom, wat kunnen de gevoelens bij de lezing van dit boekje ver uiteen liggen! Ook als ik denk aan mensen met trauma’s vanwege incest en dergelijke. Maar de andere kant is er ook. Want als het tussen geliefden gaaf en puur is, dan resoneert het prachtig met dit minnelied!
genieten zonder er veel uitleg aan te willen geven’. Bob Wielenga had Afrika voor ogen: ‘Je moet Hooglied eens lezen in de context van de Aids-epidemie in Afrika. Wek de liefde niet open dat doen ze hier met een zelfvernietigende passie. Liefde en dood, ze liggen zo dicht bij elkaar, ook in Hooglied.’ Kortom, wat kunnen de gevoelens bij de lezing van dit boekje ver uiteen liggen! Ook als ik denk aan mensen met trauma’s vanwege incest en dergelijke. Maar de andere kant is er ook. Want als het tussen geliefden gaaf en puur is, dan resoneert het prachtig met dit minnelied!
Rooster
Jesaja (kopijdatum: 29-07-05) Jeremia, Klaagliederen (kopijdatum: 12-08-05) e-mail: f.gerkema@solcon.nl
| Leestip Na de verschijning van de NBV lazen we als eerste met het gezin het boek Spreuken. Vooral na hoofdstuk 10 valt het op, dat de NBV veel meer met witregels werkt dan de NBG. Prachtig, want daardoor zie je in één oogopslag, dat je met losse spreuken van doen hebt. Het beïnvloedde prompt ons leeswijze aan tafel. Ieder las steeds één spreuk en zo de tafel rond. Het viel ons op hoeveel gemakkelijker het was om de aandacht erbij te houden. Natuurlijk omdat je binnen de kortste keren weer aan de beurt was, maar ook omdat spreuken om inhoudelijke reden zo leuk kunnen vallen. ‘Men prijst een mens naar de maat van zijn verstand, een warhoofd wordt geminacht’ (12:8). Nee, ik zeg niet wie het las.... |