Vrouwencontactdag
1971-10-08
Op de morgen van zaterdag 4 september vulden ruim 800 zusters uit vrijgemaakte kerken "buiten het verband" de prachtig met bloemen versierde grote zaal van de Buitensociëteit in Zwolle. Het doel was om op deze dag samen veel te zingen, te bidden, te luisteren en te spreken over de problemen en zaken die hen als christenvrouwen en moeders in de tegenwoordige tijd in de samenleving van kerk en maatschappij, aangaan en beroeren. Nadat de ochtendbijeenkomst begonnen was met het zingen van "Ere zij aan God de Vader" met gebed en het lezen van Lukas 12 : 22-32, wees de presidente, mevrouw Vrijmoeth, er ook op dat de bedoeling van deze dag niet was om er een massale bonds- of toogdag van te maken, maar dat contact met andere zusters het hoofddoel was. Vooral dames uit kleine gemeenten in ons land hadden gevraagd om een ontmoetingsdag, om samen te spreken over hun zorgen over de jeugd en de kerk.- Jaargang 15
- nummer 26
Jezus maant zijn discipelen in Lukas 12 om te letten op de leliën des velds, die zich geen zorgen maken over hun uiterlijk en toch tussen de andere planten opvallen met hun prachtig pronkgewaad. Zo behoeven de leden van de kerk van Christus zich geen zorgen te maken over de indruk, die ze als kerk naar buiten maken nu ze geen grootse organisaties, geen bonden en geen goed kerkverband hebben, maar hun enige zorg moet zijn hoe ze zich kunnen sieren door goede werken (1 Timotheüs 2: 10) en zo hun godsvrucht kunnen tonen. "Als de leden van de kerk zich beijveren in goede werken zoals gastvrijheid, herbergzaamheid, ziekenbezoek, zorg voor weduwen en wezen, liefde voor elkaar en voor andere mensen zal de kerk staan te schitteren in de wereld als een lelie temidden van de distels". Met deze woorden opende de presidente de bijeenkomst na iedereen hartelijk welkom te hebben geheten, speciaal de genodigden, waaronder zich ook 2 afgevaardigden van de vrouwenvereniging van de Chr. Gereformeerde Kerk in Zwolle bevonden.
Ds Kranenburg uit Groningen kreeg hierna het woord om zijn toespraak te houden over de jeugd onder de titel: "De jongeren, hun wereld, hun toekomst, hun Heer", waarvan een samenvatting hier volgt.
Als de houding van de jongere generatie getypeerd moet worden met het woord protest, is het goed te bedenken dat dit protest gericht is tegen een wereld die wij (de ouderen) hebben gemaakt.
In die wereld verontreinigen onze auto's de lucht; vervuilen de fabrieken die wij bouwden het water; worden de oorlogen gevoerd, die wij ontketenden. En morgen gaan ze naar een kerkdienst (als ze nog gaan) waarin wij een 400 jaar oude liturgie instandhouden alsof die is ingericht naar het model ons op de berg getoond. Maandag ontdekken ze dat de kinderen Gods in deze wereld elkaar niet kunnen bereiken over de kerkelijke muren, die wij hebben opgetrokken.
Het protest dat via moderne publiciteitsmedia onze huizen binnen komt en dat als regel eerst door anderen werd opgevangen en met politieke bijbedoelingen werd aangedikt en gekleurd alvorens het aan ons werd doorgegeven, is niet het protest van allen.
Vaak is dit protest een gevaarlijke invalspoort voor de dreigende anarchie.
Bij de grote meerderheid heeft het protest de vorm aangenomen van teleurstelling.
Vanuit die teleurstelling zijn velen de kerk ontvlucht. In veel gevallen werd hun vlucht nauwelijks opgemerkt want ze gingen geruisloos heen en wij hadden het vaak te druk aan onze kerkelijke vergadertafels, die doorbogen onder het gewicht van kerkelijke stukken.
Waar het protest van de jongeren bestaat uit een nadrukkelijk "neen" tegen de wereld, die wij hebben gemaakt zullen we dat neen moeten aanvaarden, tenzij we nog zo weinig gebroken zijn dat we tevreden zijn met wat wij er van maakten.
Een uitdrukkelijk "neen" van de jongeren is er tegen de kerkelijke verdeeldheid. Wanneer wij ons voor ons aandeel in de kerkelijke gebrokenheid verontschuldigen met een beroep op ons historisch gelijk, maken we op jongeren weinig indruk.
De kracht van onze argumenten schijnt hen te ontgaan. Ze zijn graag bereid, aan te nemen dat wij zowel in de veertiger als in de zestiger jaren gelijk hadden, maar ze zullen ons vervolgens vragen naar ons gelijk van vandaag, naar ons recht van bestaan als gemeente, naar de oprechtheid van ons christen-zijn.
Het is een kostelijke inkonsekwentie als jongeren (leden van een kerk "binnen het verband") in een gemeente "buiten het verband" argeloos vragen om toelating tot het avondmaal met de mededeling dat zij de zondag tevoren de dood van hun Heer ver kondigden in een gemeente binnen het verband.
Het werkt bevrijdend, zich op deze wijze te laten beroven van zijn historisch gelijk.
Wie meent dat de jongeren vanzelfsprekend op onze hand zijn omdat wij de verdrukten, de uitgestotenen waren, vergist zich. Zij zijn niet meer bereid, dit te verifiëren.
Wie aan jonge mensen vraagt hoe de gemeente van vandaag en de kerkdienst er uit moeten zien, zal zelden zinnige alternatieven te horen krijgen. Hij ontdekt alleen een aan de bijbel georiënteerd vermoeden dat het meer kan zijn dan wat er tot nu toe van gemaakt is.
Er is onder de jongeren geen behoefte aan kerkdiensten met liturgische hoogstandjes; wel aan kerkdiensten, die wat méér zijn dan stille ogenblikken waarin zij zwijgend een preek mogen aanhoren om daarna alleen gelaten te worden met hun vragen over de konsekwenties van het gehoorde voor de wereld en voor de maandag.
Wanneer we aan de toekomst van de jongeren denken en bij onszelf "een overheersende somberheid waarnemen is het goed te bedenken dat de wereld dan ook ons in zijn macht heeft" (Prof. Van Riessen). Wij hebben een machtig God, die het toch telkens weer anders zal doen dan wij verwachten.
Op verademing hier en nu mag nog wel degelijk worden gehoopt en vrolijkheid van hart is geen permissie maar een gebod Gods.
Het zou verschrikkelijk zijn als onze jongeren vergaten jong te zijn.
Dat neemt niet weg dat de wereld er meer dan ooit tevoren uitziet als een wereld vol verzoekingen en dat we om die reden de jongeren met zorg de toekomst tegemoet zien gaan. Hoe begrijpelijk deze zorg is, we zullen moeten beseffen dat zij zelfs achter kloostermuren niet veilig zijn. Het kan in de bioscoop gevaarlijk zijn maar ook op een gereformeerde visite-avond. Aan kinderen Gods in de diaspora, die klagen over een teveel aan verzoekingen schreef Jakob: Zo vaak iemand verzocht wordt komt dat voort uit de zuiging en verlokking van zijn eigen begeerte. De zuigkracht blijkt niet vanuit de toekomst op ons te loeren. Ze gaat niet uit van de dingen om ons heen. Ook onze jongeren brengen de zuigkracht zelf mee de wereld in. Als we deze situatie verstaan zullen we ons minder zorgen maken over de plaatsen waar onze jongeren komen en meer over wat er leeft in hun hart. De bijbelse oproep tot bekering kan altijd vertaald worden als de vraag van God: Mijn zoon, geef Mij uw hart.
Jonge mensen verwachten veel van de vernieuwing van de structuren. Hier ligt een van de gevaarlijkste dwalingen, die ons bedreigen.
Het is een vergissing, die ons aangepraat wordt door moderne profeten vanuit de vooronderstelling dat de mens goed is en dat de wereld kapot ging in zijn structuren.
Het zal ons en onze jongeren duidelijk moeten worden dat de wereld niet kapot ging ergens op de landkaart, maar in de harten der mensen, die zich losrukten van het Vaderhart van God.
Alle vernieuwingspogingen zijn zinloos, die niet aansluiten bij het nieuwe begin dat God gemaakt heeft. Ook God is niet ergens op de landkaart opnieuw begonnen, maar in zijn Zoon, toen Hij opstond uit de doden. In Christus kreeg de wereld een nieuw hart.
Het oude is voorbijgegaan, zie, het nieuwe is gekomen. Wie in Christus Jezus is is een nieuwe schepping. Van mensen wier harten op hol gebracht zijn door Jezus Christus is voor deze wereld nog iets nieuws te verwachten, ook al beseffen zij dat er tenslotte hier en nu geen paradijstoestand is te verwezenlijken.
Voor de middagpauze werd het programma nog afgewisseld met samenzang en door het optreden van een vrouwenkoor uit Spakenburg.
dat vier geestelijke liederen ten gehore bracht.
De lunchpauze verliep niet helemaal vlot wat het verkrijgen van koffie en broodjes betrof, maar voldeed volledig aan de verwachtingen van een gezellig contact-uurtje.
Aan alle met bloemen versierde tafeltjes werd druk gediscussiëerd, gebabbeld en gelachen.
Heel wat oude kennissen liep men tegen het lijf en nieuwe contacten werden 'gelegd.
Een verrassing was het toen, na de opening van de middagbijeenkomst door samenzang, het doek opging voor het Gereformeerd meisjeskoor "Sangh en Spel" uit Zwolle. Dit leuke tienerkoor, gekleed in witte blouses en rode maxi-rokken zong onder leiding van de dirigent, de heer Melis Lok een lied van Mozart, een ode aan de Amsterdamse grachten en enkele negro-spirituals, en bracht hiermee een zeer gewaardeerde ontspanning, alvorens de aandacht gevraagd werd voor de beantwoording van de schriftelijke vragen, die in de lunchpauze waren ingeleverd.
Ds Kranenburg deelde mee, dat er bijna 100 verschillende vragen waren ingeleverd en dat de vier forumleden, die samen met hem de vragen zouden beantwoorden, hadden besloten om de meest voorkomende problemen in rubrieken onder te brengen en zo te behandelen. Daar de forumleden over bepaalde zaken in enkele minuten en dus zeer beknopt hun mening moesten geven is het onmogelijk daar een getrouw verslag van te doen en is het volgende slechts een summiere indruk.
Ds v. d. Brink uit Zwolle wilde in de eerste plaats opmerken dat de ouders er niet mee klaar zijn om maar van alles te verbieden, zoals b.v. de bioscoop. De jeugd die een goede basis van huis uit heeft meegekregen moet zelf ook ervaren wat goed en verkeerd is. Ook wees hij er op, dat het zeer belangrijk is dat er thuis en in de gemeente goede opvangmogelijkheden zijn voor de jongelui, als het kan in de vorm van een jeugdhuis.
Mevr. v. d. Lingen uit Spakenburg zei, dat we de jongens en meisjes toch duidelijk de normen, die Gods Woord ons geeft, moeten voorhouden, en dat we hen op grond daarvan toch vele zaken moeten verbieden, omdat ze zondig zijn. Ook moeten we ons niet te veel van alle drang van de jongeren tot vernieuwing van de liturgie, aantrekken, daar het in de kerkdienst toch om de evangelie-verkondiging gaat en als de preek goed is, de gebeden en de psalmen ook meer gaan spreken.
Mevr. Rookmaaker uit Amsterdam legde in de bespreking vooral de nadruk op het gevaar van het gebruik van drugs. Ook onder ons zijn jongeren, die het gebruiken en het gevolg is "de dood". "Wie er eenmaal aan verslaafd is gaat na kortere of langere tijd dood", zei de spreekster. De enige medicijn tegen deze verslaving is de bekering tot Jezus Christus. Ze vertelde in dit verband iets van het werk van L' ABRI.
De heer Vrijmoeth uit Zwolle komt veel met protesterende christen-jongeren en ook druggebruikers in aanraking, en hij zei, dat het hem in gesprekken met deze jonge mensen opgevallen was, dat er in het contact met de ouders thuis iets mis was. Goedwillende ouders, die de kinderen niet meer begrijpen en kinderen die na kortsluiting met de ouders zich toesluiten, zich aansluiten bij ongewenste vrienden en soms vluchten in het druggebruik. Hij wees de moeders op het belang van begrijpende oren primair contact te krijgen en te houden met de jeugd.
De vijf kwartier die het forum kreeg om te discussiëren over de vele problemen bleek veel te kort, en veel vragen zijn niet meer ter sprake gekomen. Tot een afgeronde mening kon men in deze korte tijd dus onmogelijk komen; de grote waarde echter van deze bespreking lag o.a. hierin dat men kennis kon nemen van de vele vragen en problemen die er in de moderne tijd zijn, nu onze kinderen en ook de ouders leven in een sterk veranderende wereld.
Ds Kranenburg leidde op voortreffelijke wijze de bespreking tussen de vier forumleden.
Na het gedicht "Gebed van een moeder" dat door Mevr. Keessenberg werd voorgedragen en dat op ontroerende wijze op de bespreking aansloot, sloot ds Van Oene uit Zwolle deze dag. Het slotwoord dat ook eerder in dit blad werd gepubliceerd, vertroostte vele zusters en met "Dankt, dankt nu allen God, met blijde feestgezangen"
werd deze blijde feestdag besloten.
Uit de gehouden enquête is gebleken dat alle aanwezige dames deze dag zeer op prijs hadden gesteld en hoopten dat er volgend jaar weer een vrouwencontactdag zal worden gehouden.