BRIEF (1)

1971-10-29
  • Jaargang 15
  • nummer 29
Beste Evelien,

Hartelijk dank voor je brief naar aanleiding van mijn (eerste) reactie op het geestdriftige nieuws van het Dode-Zee gebied.
Ik ben blij met je brief. Hij is eerlijk en op-de-man-af gesteld. Het zou ook moeilijk anders kunnen van een lid van de jonge generatie.
Natuurlijk zal ik het incognito, dat je vroeg, stipt in acht nemen. Tegenover iedereen.
Te gereder, omdat ik graag de handen vrij wil hebben bij de beantwoording.

1. De brief

Ik herhaal de inhoud ervan zoveel mogelijk in je eigen bewoordingen. Je schrijft:

"Dank U wel voor Uw artikel "Ouders van nu" in Opbouw nr. 24.
U roerde een onderwerp aan dat mij nogal interesseert, daar ik zelf problemen heb in die richting. Ik ben verloofd en we hopen binnen niet te lange tijd te trouwen.
Nu vraag ik me af: waarom wordt het in onze kringen afgekeurd dat we nu al samen "naar bed" zouden gaan? (We zijn er niet uit, daarom doen we het niet.) Hoe komt men erbij dat het een vooruitgrijpen op het huwelijk is? Hoe komt men erbij het een zonde tegen het 7e gebod te noemen?
Kan een daad, uit liefde geboren, kan een daad, die zo adembenemend mooi moet zijn, zondig wezen?
Er is nu die pil. Uit een geslachtsgemeenschap kan geen kindje voortkomen.
Is het dan zondig om je volledig aan de ander te geven? Geestelijk doe je het al zo lang, waarom moet het lichaam dan ten dele (en waar ligt de grens?) -maagdelijk gebied blijven?
Ik zit er mee.

En ik zit met meer. Die pil b.v.
Uitgaande van het bijbelse standpunt dat het huwelijk er niet alleen en niet primair is om kinderen te verwekken, maar het doel van het huwelijk vooral is: het vormen van een liefdesgemeenschap - met God! - zou ik de anticonceptiepil graag een tijdje (een half jaar, een jaar?) willen gebruiken. Om - ook lichamelijk - ten volle van elkaar te kunnen genieten. (Deut. 24 : 5).
Om eerst nog een poosje vróuw te kunnen zijn voor mijn a.s. man.
Denk ik fout over dit alles?
Wilt U me eens een Christelijk antwoord proberen te geven, een bijbelse visie die ikzelf nog niet ontdekte, en die me zal leren met een juiste houding het huwelijk in te gaan?
Misschien wilt U me persoonlijk terugschrijven.
Misschien ook wilt U het doen in de vorm van een artikel in Opbouw. (Er zijn stellig méér verloofden met dergelijke vragen) ...

2. Plankenkoorts

Toen ik je brief de eerste keer las, raakte ik - laat ik het je maar eerlijk zeggen- even in verwarring. Een brief die in enkele, scherp geformuleerde zinnen, de hele concrete nood van jullie en ons allemaal aan de orde stelt. - Zo concreet, dat ik je direct een persoonlijk antwoord heb gestuurd. - Ik vroeg mij af, of ik misschien te veel had gepretendeerd, dat je dit aan mij toevertrouwde.
Daarna heb ik mijn artikel nog eens overgelezen.
Nee. Het viel mee. Persoonlijke pretenties heb ik, geloof ik, niet gedemonstreerd. Integendeel.
Ik gaf lucht aan mijn ontgoocheling, dat men, ondanks alle reclame, in gebreke bleef om mij te helpen, die wijsheid behoefde.
Ik heb geschamperd op deze nèp.
En toen heb ik een gedeelte uit de bijbel geciteerd. Daarmee heb ik inderdaad wel positie gekozen. Want de bijbel spreekt in het heden. En wie zijn tijd leert verstaan, ontdekt dit, en luistert om zijns levens wil.
En nu ik dit bijbelgedeelte in dit verband heb geciteerd, vraag je mij om raad. Je vraagt mij om "een bijbelse visie, die je zelf nog niet ontdekte, en een Christelijk antwoord".
Dat is natuurlijk prachtig.
Maar ik ben nog niet gerust op mijn rol in dezen.
Je spreekt van "in onze kringen", "hoe komt men erbij ..."
Hoor ik daar toch nog iets van "Dok" 's dédain?
En ik wil op "onze kringen" niets vooruit hebben in die zin, dat "gewone" gelovigen eigenlijk niet geheel volwaardig zijn, en dat nu een publicist het eventjes zal zeggen.
Ik vrees bovendien, dat mijn antwoord, zó opgevat, evenzéér zal worden beoordeeld naar het criterium: "of het je ligt of niet".
Terwijl de enige vraag mag luiden: "Wat bedoelt onze Verlosser Jezus Christus met "het leiden van een leven van liefde"."

3. Stel je werkelijk een vráág?

Je zult me wel wat vervelend vinden, denk ik, als ik ook je verzoek nog even critisch beschouw. Maar ik wil éven duidelijk wezen als jij.
Als ik lees: "Waarom wordt het in onze kringen afgekeurd ... ", "hoe komt men erbij ", "hoe komt men erbij ... ", "kan een daad ", "kan een daad ... ", dan doet dat, je houdt het me ten goede, rhetorisch aan. Als ik dat hinderlijk vind, jij zeker! Want een rhetor vráágt niet, hij wéét. Wat hij poneert is voor hem een "verworvenheid". Vandaar, dat ik je onmiddellijk een persoonlijk antwoord stuurde. Ook, dat ik aanvankelijk heb geaarzeld je concrete brief in een artikel te beantwoorden: heeft het voor jou persoonlijk nog wel zin, én, breng ik anderen niet in moeite door deze brief-in-zijn-concreetheid.
Het enige lichtpunt is een zinnetje tussen haakjes: ,;Wij zijn er niet uit en daarom doen we het niet".
Maar dat is een dunne draad.
Wááruit? Uit de problematiek van wat eigenlijk vooruit grijpen op het huwelijk is?
Of een daad, uit liefde geboren, ... zo adembenemend mooi ... , zondig kan wezen?
Dit laatste probleem is b.v. helemaal niet zo moeilijk. Stel een goede kennis - ik durf in dit speciale geval niet aan je a.s. man te denken - nodigt je uit voor een tocht met zijn prachtige zeilboot. Het is een mooie zomerdag.
Er waait een stevige bries en de zon klatert op het water. Hartverheffend mooi, zo'n jacht in volle vaart over glinsterende golven en een gebruind tweetal aan fok en stuur. Maar als hij die boot nu eens gestolen heeft .
Mijn bedoeling is niet om er een grapje van te maken! Maar om je te laten zien, dat dit problemen zijn van de koude grond. Je hart zou allang gekozen hebben voordat je met een dergelijk probleem wérkelijk zou komen te zitten.
En met het volgende argument staat het precies zo.

4. Geestelijk-lichamelijk

De gevaarlijkste zin in je brief lijkt mij: "Geestelijk geef je je al zo lang volledig aan de ander, waarom moet het lichaam dan ten dele (en waar ligt de grens?) maagdelijk gebied blijven."
Met deze gedachtengang heb je je argeloos begeven tot vlak bij de hoogspanningsdraad.
Uit het bijbels denken heb je je laten verlokken naar de pseudo-wijsgerige romantiek, i.c. de dichotomie van geest en lichaam.
Waarbij een mens in twee delen wordt gesneden.
Die ieder voor zich een wandeling kunnen gaan maken, - net als bij een worm - elkaar bestrijden, over elkaar de baas spelen, met elkaar ping-pongen, elkaar onmogelijk maken, wat niet al. Je hebt er zelf niet al te veel fiducie in. Je stelt de - gevaarlijke!! - vraag, NB al weer tussen haken: "Waar ligt de grens?"
Inderdaad. Je bent buiten de realiteit geraakt met deze kokeleko. Je hebt jezelf geisoleerd tot een abstractie, waarin je met jezelf van alles kunt doen, waarin je ook van alles kan overkomen! Wij zijn intens zwak, Evelien! En de pseudo-filosoof gaat zich hullen in zijn wijsgerige mantel, en matigt zich het recht aan, zijn conclusies te trekken in deze stand-van-zaken en die tot een wet te formuleren.
Stel, een zelfmoordenaarstype zou dezelfde redenering volgen, en zich opsluiten met zijn revolver. Hij zou zeggen, met de vinger aan de trekker: Geestelijk heb ik mij allang vertrouwd gemaakt met deze revolver, waarom dan ook maar niet fysiek? Maar als hij de grens - die hij trouwens niet eens onderkent - overschrijdt. Kost het hem z'n leven.
Stel dat een waarachtige wijsbegeerte, een christelijke, d.w.z. die werkt bij het licht van het Woord van God, en dat onvoorwaardelijk, ál van geest en lichaam zou willen spreken, dan zou zij dat nooit mogen doen als waren het twee delen van een mens die je naar believen kunt scheiden en bijeenvoegen, maar uitsluitend als twee as p e c t e n aan het menselijk functioneren. Want een en dezelfde mens is in de kosmische structuur nu eenmaal één. Zo zou zij dus dienen vol te houden, dat dezelfde mens op een en hetzelfde ogenblik tegelijk lichaam en geest is, onscheidbaar, Maar ze zal wel zo verstandig zijn dit uitgekookte roofnest van satan niet te importeren. Want het dient voortdurend van sluipschutters gezuiverd, getuige de geschiedenis in de meest brede zin.
Daarmee is je argument als zodanig toch wel vervallen, dacht ik. Het is zinloos en roekeloos als maatstaf aan te leggen: 1= 2.
Je trekt een scheur in de structuur van Gods kosmos.

5. Je bedoeling

Maar nu zou ik je onrecht doen.
We voeren immers geen "wetenschappelijke"
discussie, maar proberen elkaars bedoelingen te peilen en recht te doen. En ik begrijp je volkomen. Het is ons aller nood.
Jij hebt natuurlijk willen zeggen, dat jij je a.s. man met heel je hart liefhebt. En dat daardoor het probleem ontstaat. Maar dat geeft jou niet het recht om Gods wil, die Hij in de structuur van Zijn kosmos heeft neergelegd en die Hij duidelijk in Zijn Woord toelicht, te brutaliseren, en heel je omgeving, heel je levensradius", naar jouw hand te willen zetten!
En nu denk ik nog eens even terug aan het bijbels klimaat, die beveiligende raad van Paulus: "Leidt een leven van liefde naar het voorbeeld van Christus, Die ons heeft liefgehad".
Als je deze raad opvolgt zit je niet langer meer in dat isoleerkamertje, maar dan werp je de deur open en stapt naar buiten. De benauwende atmosfeer is weg, je ademt zuivere lucht. Jij bewaart je a.s. man, en hij jou bij de échte liefde, die niet rooft, maar kan wachten. (Hooglied 2 : 7).
Want de diepte van de liefdesgemeenschap wordt niet gevonden in een gewelddadig naar zich toehalen, en uitleven van eigen begeerten, maar in de voorzichtige omgang met elkaar, waarbij je álle stemmen van het orkest, waarvan je deel uitmaakt, tot hun recht wilt laten komen, die van je ouders in de eerste plaats. Dat orkest dirigeer jij niet, of je a.s. man, maar HIJ.
En je denkt aan anderen, Christenen en niet-Christenen, al je naasten. Want daar ben je verantwoordelijk voor in je doen en laten. Misschien denk je ook aan later, als misschien je kinderen je zullen aankijken en vragen hoe zij moeten handelen.
"Het begin der wijsheid is: verwerf wijsheid en verwerf inzicht bij al wat gij bezit.
Houd haar hoog, dan zal zij u verheffen, zij zal u tot eer brengen, wanneer gij haar zult omhelzen.
Houd vast aan de tucht, laat haar niet los, bewaar haar, want zij is uw leven."


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief