DOSTOJEWSKIJ HERDACHT (3)

1971-11-12
  • Jaargang 15
  • nummer 31
De idioot

Terwijl in Boze geesten de demonische Nikolaj Stawrogin de centrale figuur is, ontmoeten we een tegenstelling daarvan in de roman De idioot, geschreven in 1868 en 1869; een episode uit de levensgeschiedenis van prins Ljew Nikolájewitsj Misjkin. Bij het begin van de vertelling is hij een jonge man van 26 jaar die aan toevallen lijdt en daarvoor gekuurd heeft in Zwitserland. Hij gedraagt zich als een kind en hij Is volkomen een kind geworden mens. Guardini noemt hem "Christus-symbool", mede omdat hij een positieve relatie heeft tot de kinderen en hun wereld. Zijn ziekzijn heeft hiermee iets te maken: hij is door zijn ziekzijn ernstig verminkt en weet uit zijn ziekzijn de middelen te betrekken voor een radikaal Christen-zijn.
Tegelijk krijgt de lezer vaag de indruk, dat prins Misjkin's ziekzijn een gekozen situatie is, de concretisering van zijn gekozen kinderlijkheid.
Daarin vinden we iets van Dostojewskij's visie op het ziekzijn als iets bij uitstek menselijks. Dostojewskij was ook zelf toeval-lijder en beschrijft een naderende aanval nauwkeurig, terwijl hij daarbij zo duidelijk afstand neemt, dat we niet zonder meer.
kunnen zeggen dat deze beschrijvingen autobiografisch zouden zijn. In de Dostojewskijexegese is het voorstel gedaan, dat zijn ziekte veeleer een uitingsvorm van extreme gezondheid en levenskracht zou zijn, die tot een explosie kon leiden; en daarbij is de gedachte voelbaar, als zou zijn werkzaamheid als verteller ook door deze zelfde explosies van leefkracht getypeerd zijn. Prins Misjkin is man van de daad. Hij heeft, zoals veel van Dostojewskij's grote figuren, een bijzondere relatie tot kinderen; daarva.n vinden we ook voorbeelden in De gebroeders Karamazow, met name bij Aljosja, de heilige zoon van een verdorven vader. In Boze geesten heeft zelfs de theologiserende zelfmoordenaar Kirflow een band aan de kinderwereld. Wijze en vrome mensen, aldus Guardini, hebben in Dostojewskij's werk een opvallende nabijheid tot de kinderwereld. Prins Misjkin zegt (De idioot, ed. v. Oorschot, VI, 87): "Je kunt aan kinderen alles vertellen, letterlijk alles; mij heeft het altijd gefrappeerd, hoe slecht volwassenen kinderen kennen, hoe weinig zelfs vaders en moeders hun eigen kinderen begrijpen. Je hoeft voor kinderen niets te verbergen onder het voorwendsel dat zij nog te klein zijn en te jong om die dingen te snappen. Wat een jammerlijke en onzalige gedachte is dat! En hoe goed merken de kinderen het zelf dat hun ouders hen nog als te klein beschouwen, als wezens die nergens benul van hebben, terwijl zij alles begrijpen.
Volwassen mensen beseffen niet, dat een kind zelfs in de alleringewikkeldste zaken wel eens een buitengewoon schrandere raad zou kunnen geven. Mijn hemel, als zo'n lief vogeltje je met van geluk stralende oogjes vol vertrouwen aankijkt, dan schaam je je immers om het zo maar wat op de mouw te spelden!".
De prins is een man van onuitputtelijk medelijden. Op de verjaardag van Natasja, die maintenée is geweest van een rijke wellusteling en nu "bijzit van Rogozjin" - een van de somberste figuren uit het verhaal -, verklaart de prins, met haar te willen trouwen.
Natasja verklaart na het aanzoek van de prins, dat ze met Rogozjin mee wil; als haar vriendin "dat niet begrijpt zegt ze: "Had je dan heus iets anders gedacht? Dat ik zo'n baby te gronde zou richten soms?". Prins Misjkin's liefde voor Natasja reikt ver boven het niveau van medelijden uit; en tegelijk koestert hij een oprechte liefde voor Aglaja Jepántsjina, de jongste dochter van generaal Jepántsjin. Tegen het eind van het verhaal komt er een begrijpelijk conflict tussen de beide vrouwen, Natasja en Aglaja. Later vindt prins Misjkin Natasja dood in het huis van Rogozjin, die haar met een mes vermoord heeft. De prins is geen ogenblik verschrikt, hij voelt de ellende van zijn boosaardige vriend en troost hem met dezelfde tederheid waarmee hij Natasja getroost had. Om die reden ziet Guardini in prins Misjkin een "Christus-symbool": niet een tweede Christus of een Christus-imitatie, maar iemand uit wiens levensgeschiedenis spontaan iets bovenmenselijks te voorschijn komt. Guardini is dermate gehecht aan een dualisme van genade en natuur, dat hij het ook in zijn christologie trouw blijft, en dat geeft een bepaalde plooi aan zijn interpretatie van De idioot.
Volgens Romano Guardini verwijst de prins als "Christus-symbool" in zijn natuurlijkheid naar het bovennatuurlijk-heilige: de waarachtigheid van zijn grenzenloos medelijden geeft hieraan de "metafysische kwaliteit"
(367). We kunnen het beter zeggen zonder dit dualisme en met bewuste afwijzing ervan: de boodschap van De idioot is duidelijk en onopzettelijk in de zin van niet-tendentieus: evangelisch.
Daarbij is de interpretatie van Guardini opmerkelijk leerzaam. In zijn bespreking van De idioot legt hij terecht nadruk op de "functie" van de schoonheid in de wereld.
Dat onderwerp rnoét ook ter sprake komen, omdat prins Misjkin er van getuigt. Het is wel opmerkelijk, dat Guardini, trouw aan zijn schema, het onderwerp zijnstheoretisch benadert: hij spreekt nl. niet van de functie van de schoonheid in de wereld of in de schepping, maar van haar bestaanswijze in het Zijn. Laat ik proberen de welhaast klassieke passage te vertalen (378): "Schoonheid is de manier waarop het Zijn voor het mensenhart een gezicht krijgt en gaat toespreken. In haar wordt het Zijn machtig in liefde." "Daarom is de schoonheid zo sterk: zij zit op haar troon en heerst, zonder moeite en schokkend (erschütternd)." Daarop gewaagt Guardini van de macht van het schone in de verleiding en het boze. Niettemin is voor hem de betekenis van de schoonheid bovennatuurlijk, en een overbrugging van de kloof tussen heilig en profaan. Dit betreft niet alleen de rol die het schone in Dostoiewskij's verhaal toebedeeld krijgt, maar ook de weg van interpretatie die Guardini volgt; en die wijze van interpretatie heeft veel waardevols, ook "oor wie Guardini's dualisme niet aanvaardt. Het literaire werk fungeert in het kader van de medemenselijkheid, juister: van de naastenliefde; er is een oorspronkelijk verband tussen vertellen en verstaan; want het literaire werk is een persoonlijke en daardoor dialogische aangelegenheid. Het is esthetisch gekwalificeerd; daardoor krijgt Guardini's uiteenzetting omtrent het schone een tweevoudige functie: zijn schoonheidsidee als overbrugging van heilig en profaan betreft niet alleen deze figuur zoals zij ter sprake komt in de roman De idioot, maar ze betreft het verhaal als kunstwerk, en betreft daardoor geheel het oeuvre van Dostojewskij. Dit oeuvre geeft een esthetisch gekwalificeerde wereldinterpretatie.
Deze kwalificatie heeft alleen haar zin door haar betrokkenheid op de religieuze boodschap: de esthetische gestalte wordt alleen geloofwaardig als ze een volwaardige belichaming is van de boodschap in haar religieus gehalte. Esthetische gestalte en religieuze boodschap zijn op elkaar betrokken. en door deze correlatie kriigt de boodschap haar concreetheid in de persoonlijke sfeer. We willen proberen dit te illustreren aan de tragische figuur van Iwán Karamazow. Hij is niet een "symbool", maar ten volle persoon.


Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief