Huisgemeente in een grote stad
2005-08-12
Je kunt er niet omheen: in de USA zijn christenen nadrukkelijk aanwezig. Dat geldt niet alleen op zondag, maar ook door de week. Het geldt niet alleen het platteland, maar ook de grote stad.- Jaargang 49
- nummer 15
Nooit eerder hebben we in het openbaar vervoer zóveel mensen in de Bijbel of in christelijke boeken zien lezen.
Niemand die zich daarvoor schaamt. Een topper bleek overigens (in onze waarneming) een boek van Henri Nouwen te zijn. Alle boekhandels (en ook de supermarkten!) hebben kasten vol christelijke boeken over tientallen onderwerpen, van uitgebreide bijbelverklaringen via pedagogische en psychologische thema’s tot aan de behandeling van allerlei ziekten. Dat God niet wil dat mensen artrose hebben en dat er daarom een christelijk antwoord voor de behandeling van artrose bestaat, daar had ik nog nooit van gehoord. Nooit eerder heb ik zóveel christelijke oproepen op straat gezien. En op het platteland roepen grote borden voortdurend op tot een christelijke levensstijl. ‘God says: no sex before marriage!’
Dubbel
Je kunt er gemakkelijk een dubbel gevoel aan over houden. Want hoe zit het met de christelijke praktijk in de Verenigde Staten? Wat moeten we denken van het sociale beleid in dit land, de vele inwoners die onder de armoedegrens leven, de 43 miljoen mensen die geen ziektekostenverzekering hebben, het gigantisch hoge aantal tienerzwangerschappen, het zeer hoge percentage echtscheidingen, de pulp uit Hollywood, de hoge criminaliteitscijfers, het enorme en gelegaliseerde wapenbezit? En hoe zit het met al die wegwerpverpakkingen, de verspilling van energie en grondstoffen, kortom: het gebrek aan rentmeesterschap? Een bezoek aan de USA roept dan ook tegenstrijdige gevoelens op. En toch: aan de andere kant mag je blij zijn dat de kerk in de USA niet naar de rand van de samenleving gedrukt wordt. En ook dat diezelfde kerk een belangrijke rol vervult, juist (ook) in het betonen van zorg voor mensen aan de onderkant van de maatschappij. En naast dat overdadige consumptiepatroon zijn er juist vanuit christelijke kring tegenstemmen te horen.
Gele gids
Hoe vind je een kerk in de USA? In de eerste plaats zijn er de Yellow Pages (de Gele Gids). Daar vind je in de grote steden tientallen namen en adressen van kerken. Toch is het niet zo eenvoudig om op basis van die bladzijden een kerk te zoeken waar je op zondag naar toe kunt gaan. Soms zegt de naam van een kerkgenootschap weinig. Veel vaker is het moeilijk zoeken in de wirwar van woonwijken, deelgemeenten en straatnamen. We kozen dan ook voor een andere manier: op zaterdag gewoon de wijk in. In de verpauperende wijk bij ons hotel in Boston staat een grote Rooms-Katholieke Kerk. De meerderheid van de wijk is Spaanstalig en heeft dus ook een Rooms-Katholieke achtergrond (hoewel steeds meer Spaanstalige mensen zich thuis voelen in evangelische kerken). Als we wat verder lopen zien we in de tuin van een huis een bord van een Baptistengemeente. Het ene gedeelte is Engelstalig, het andere deel is in het Spaans. Ik vermoed dat dit de pastorie is en bel aan om te vragen waar op zondag de kerkdienst is. Die blijkt hier in dit woonhuis te worden gehouden.
Een schare die niemand tellen kan?
Op zondagmorgen doen we de deur open en staan meteen in de kerkzaal. Er zitten drie mensen. De ruimte ziet er armoedig uit. Voor in de kerkzaal is een grote wandschildering met een tekst uit Openbaringen. ‘En zie, ik zag een schare die niemand tellen kan’. Je moet maar durven. Voor deze gemeente is dat in ieder geval nog toekomstmuziek. Even later komt de voorganger binnen met koffiezetapparaat en koeken. Terwijl de koffie begint te pruttelen wordt er een aantal liederen gezongen, min of meer in de lijn van Opwekking. Twee zoons van de dominee begeleiden de zang met gitaar en drums.
Geleidelijk komen er nog een paar mensen binnen. Uiteindelijk zitten we, als de preek om 11 uur begint, met 12 kerkgangers in de kerkzaal. Opvallend is dat gemeenteleden tijdens de dienst gewoon naar achteren lopen om zichzelf een kopje koffie in te schenken. We zijn dat van huis uit niet gewend en blijven op onze plek zitten.
In zonde glijden
De preek van de dominee doet ons goed. Niks geen oppervlakkig praatje, maar een betrokken en stevig gefundeerde preek, waarbij hij de geschiedenis van David en Jonathan vers voor vers leest en uitlegt. In zijn preek benadrukt hij steeds weer dat je niet zomaar in zonde valt, je glijdt er geleidelijk in. Je hebt geen excuus (‘het overkwam mij opeens’), maar het is bijna altijd een proces van gedachten en uiteindelijk ook van daden. Ook de ‘gekte’ van Saul is niet zomaar ontstaan.
Je ziet zijn wantrouwen naar anderen heel typerend in dit schriftgedeelte: Saul zat op zijn gebruikelijke plek, met de rug naar de muur toe. Dat doen mensen die achterdochtig zijn, dan zijn ze in de rug gedekt.
Mensen over Jezus vertellen
Na afloop praten we nog even na over de gemeente. De voorganger heeft na zijn theologiestudie de onderste verdieping van zijn huis ontruimd om daar een kerkzaal in te richten. Ik vraag waarom hij zich niet heeft aangesloten bij één van de andere (tientallen) Baptistengemeenten in Boston. De dominee beantwoordt mijn vraag met de opmerking dat er in de USA meer soorten Baptisten zijn dan het aantal verschillende Gereformeerde kerken in Nederland. Maar wat is dan de bedoeling van deze gemeente? Die doelstelling is glashelder: mensen in de wijk bekend maken met Jezus. Het werk is hier echter weerbarstig. Veel mensen blijven maar kort in de wijk wonen en trekken daarna weer verder. Eenmaal opgebouwde contacten houden meestal niet lang stand. Na een aantal jaren zijn er nog geen 15 min of meer regelmatige kerkgangers. Na onze Engelstalige dienst volgt de Spaanstalige dienst. Ook daarin een handjevol mensen. Maar toch: daar waar twee of drie mensen in mijn naam vergaderd zijn...
Rotsige bodem in de USA
De kerkdienst laat ook zien dat niet héél Amerika actief kerkelijk betrokken is. In deze wijk is het ploegen en zaaien op rotsige bodem. Je moet het maar aandurven: jaren werken in zo’n wijk zonder veel zichtbaar resultaat.
En dan om je heen en zeker in de media de grote successen zien van de predikers die iedere zondag duizenden kerkgangers trekken. En die miljoenen mensen die wel vlot hun portemonnee trekken om televisiekerkdiensten mogelijk te maken, maar verder geen verantwoordelijkheid willen nemen voor een kerkelijke organisatie.
Het zou wel eens zo kunnen zijn dat die laatste groep de komende jaren de grootste bedreiging gaat vormen voor de zondagse kerkdiensten.